InterviewVoorzitter corporatiewereld

‘Er groeit een generatie op voor wie een huis kopen iets elitairs wordt’

Marnix Norder, net voorzitter-af van Aedes, branchevereniging van woningcorporaties: ‘Veel mensen onderschatten de problemen’. Beeld Phil Nijhuis

Hij is met pijn in het hart vertrokken. Marnix Norder, de gewezen voorzitter van de corporatiewereld, adviseert zijn opvolger om de crisis op de woningmarkt een gezicht te geven.

Het kabbelt. Er zit geen vuur in, zegt Marnix Norder over het Kamerdebat waarin de problematiek op de woningmarkt aan bod kwam. Voor een deel rekent de teruggetreden voorzitter van koepelorganisatie Aedes voor woningcorporaties dat zichzelf aan. “Wat me spijt is dat het me niet gelukt is om dit probleem tot hoge politieke urgentie te krijgen. Dat het meer gevoeld wordt.” 

Maar meer dan spijt voelt hij boosheid. “Ik kan me er druk om maken dat politici zich er niet druk om maken. Er wordt niet gehandeld alsof er crisis is. Het is nog eens een onderzoekje hier, nog even ­uitzoe­ken daar. Als er een grote brand is, wil je ook niet dat de brandweer zegt: ‘We gaan even een onderzoekje doen’. Die urgentie mis ik heel erg.”

Want het is echt crisis op de woningmarkt, ziet Norder. Hij kent verhalen van gescheiden vaders die op de camping bivakkeren, omdat het vinden van een nieuw onderkomen te lang duurt. Of van mensen die net te laat aankwamen op de bomvolle camping en in hun auto moesten slapen. Soms met kind. Dan zijn er nog de oudere stellen met AOW en een klein aanvullend pensioentje als inkomen. Ze wonen in een sociale huurwoning in een oude volksbuurt en zien met lede ogen toe hoe hun wijk meer en meer een thuishaven wordt voor mensen met problemen. Verslaafd aan drugs of drank, licht verstandelijk beperkt, verward. Het trekt allemaal naast ze in.

Er is nog veel te doen

Zijn advies aan zijn nog onbekende opvolger: zorg ervoor dat die verhalen gehoord worden. Dat de crisis een gezicht krijgt, minder ongrijpbaar wordt. “Weet je wat het is ... Deze problemen komen in onze omgeving bijna niet voor. Niet in die van jou, niet in die van mij of van andere beleidsmakers. Heel veel mensen onderschatten de problemen op de woningmarkt daardoor.”

Norder laat zijn hoofd op een hand rusten, vouwt zijn benen over elkaar en zegt een tikkeltje sip: “Er is eigenlijk nog zoveel te doen.” Hij somt de uitdagingen op: een fiks ­tekort aan woningen, in alle segmenten: sociale huur, vrije sector en koop. Een enorme verduurzamingsopgave. Corporatiewoningen, maar ook andere huur- en vooral koopwoningen moeten energiezuiniger worden gemaakt. Tegelijkertijd hebben corporaties hun huurders in het vorig jaar afgesloten huurakkoord betaalbaarheid beloofd. Meer dan de inflatie zullen de huren niet stijgen, zegden corporaties toe.

En dan zijn er nog de sociale huurders die tot een paar jaar terug onder begeleiding woonden in een zorginstelling. Na de bezuinigingen eindigden ze vaak alleen of met beperkte zorg in een corporatiewoning. “Buren worden soms gillend gek van verwarde mensen die naast hen wonen.”

Blijft het politieke debat doorkabbelen, zegt Norder, dan ontstaat er op allerlei plekken ‘een opstropend en vertragend effect’. Hij wijst op wachtlijsten die langer worden, statushouders die in peperdure asielzoekerscentra moeten blijven zitten. Op nog meer gescheiden ouders die op campings terechtkomen. En op zorginstellingen die vollopen, omdat cliënten door het tekort aan woningen niet kunnen vertrekken.

Niemand meer op kamers

Er groeit door al die woningproblematiek een afhankelijke generatie jongeren op die minder te kiezen heeft, ziet Norder ook. Neem zijn dochter. Twintig jaar oud. Sinds kort woont ze weer thuis, omdat haar kamer in hartje Den Haag peperduur was. “Tegenwoordig woont bijna niemand meer op kamers.” Veel te prijzig, vindt het gros van de studenten. En dat werkt verder door, ziet Norder. “Er ontstaat een generatie voor wie de kans op een eigen huis steeds kleiner wordt. Kopen wordt haast iets elitairs. Het splijt de samenleving in tweeën.” Hij doelt op de ouders en grootouders die hun kinderen en kleinkinderen helpen aan hun eerste koopwoning. En de jongeren die dat zelf moeten bekostigen en door de hoge prijzen achter het net vissen.

Een aantal keer in het interview laat hij het vallen: “Ik vertrek met pijn in het hart”. Halverwege het gesprek mijmert hij (desgevraagd) over hoe de politieke agenda’s van verschillende politieke partijen te beïnvloeden in de loop naar de verkiezingen in 2021. Woningcorporaties moeten weer als oplossing worden gezien, zegt hij. Niet meer bestraft worden voor de frauduleuze praktijken van een klein groepje bestuurders. “We moeten volop ­bouwen en werken aan de leefbaarheid van wijken. In mijn tijd als ­wethouder wonen in Den Haag dachten we dat we de wijkproblemen hadden opgelost. Nu zien we wijken weer afglijden. Daar maak ik me zorgen om.”  

Hij laat vallen hoe soepel zijn eigen wooncarrière verliep: op kamers in Groningen, een keer of zes, daarna zijn eerste eigen huis in de ­Haagse wijk Bezuidenhout. Hij zegt dat hij generaties na hem hetzelfde gunt. Waarom nu dan toch stoppen als voorzitter van Aedes? Omdat zijn ­zelfbouwbedrijf, Steenvlinder, zo goed gaat. En omdat twee fulltimebanen niet vol te houden zijn. “Ik wil ook weleens minder dan tachtig uur in de week werken. Ik moest kiezen. En dan kies ik toch voor mezelf. Hoe leuk ik dit werk ook vind.”

Lees ook:

Bouw van sociale huurwoningen bereikt nieuw dieptepunt

Weer daalt de bouwproductie van woningcorporaties. Zelfs het bouwen van het aantal woningen van tijdens de crisis halen ze niet. De forse belastingdruk wijzen de corporaties aan als grootste obstakel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden