Productieverhoging

Drastisch dalende olieprijzen, Amerika is mogelijk het eerste slachtoffer

Een olieraffinaderij in Texas.Beeld AP

Waarom morrelt oliekartel Opec aan de prijs van een vat olie, waardoor beurzen wereldwijd ineens in het rood staan?

Net waar de kwakkelende wereldeconomie nu op zit te wachten: het veertien landen tellende oliekartel Opec en Rusland die met elkaar over straat rollen over de prijs van een vat olie. Mede dankzij het beleid van die twee partijen kelderde die olieprijs gisteren met een snelheid die sinds de Golfoorlog in 1991 niet meer is voorgekomen. De beurskoersen ­wereldwijd werden mee de afgrond in gesleurd.

Waar zijn de Saudische energieminister Abdulaziz bin Salman en zijn Russische evenknie Alexander Novak mee bezig?

Eind vorige week stonden de ­zaken er nog anders voor. Analisten rekenden erop dat de olieproducerende landen hun productie zouden terugschroeven. Dan vloeit er minder olie door de markt, waardoor de prijs per vat automatisch stijgt.

Maar het liep anders: tijdens een topoverleg in Wenen, afgelopen donderdag, ging de Russische delegatie niet mee in de voorstellen van Opec om het aantal vaten met nog eens 1,5 miljoen extra per dag te beperken. Waarop Saudi-Arabië vol op het orgel ging met tegenmaatregelen.

Vanaf april gaat het schiereiland juist méér liters uit de grond halen, en die ook nog eens tegen een lagere prijs op de markt zetten. Ook Rusland gaat de productie nu met 300.000 vaten per dag ophogen, zeiden bronnen binnen staatsbedrijf Rosneft vervolgens tegen pers­bureau Bloomberg.

Beeld Louman & Friso

Amerikaanse schalieolie

Op het eerste gezicht lijkt dit allemaal niet handig. Als Opec+, zoals het oorspronkelijke kartel plus Rusland, Mexico en Kazachstan sinds drie jaar heet, onderling overeenstemming bereikt, kunnen de leden veel meer vangen per vat. En er is momenteel niet zoveel vraag naar olie, nu het toerisme wereldwijd opdroogt door de uitbraak van het nieuwe coronavirus.

Wie denkt dat de Saudische en Russische energieministers op ­kartel-cursus moeten, vergeet één ding: de zeer sterk gegroeide Amerikaanse invloed in de oliemarkt. De productie in de Verenigde Staten lag de afgelopen decennia fors onder die van Rusland en Saudi-Arabië, tót het land zich vanaf 2014 vol op schalieolie stortte. Dat is een olievorm die meer dan andere oliesoorten gevangen zit in gesteente, maar daar met veel pijn, moeite en hogedrukspuiten wel uit te beuken is.

Dankzij die schalieproductie is Amerika inmiddels de grootste olieleverancier ter wereld, en door dat groeiende aanbod is de wereldwijde olieprijs gedaald. De oliebazen van weleer, verenigd in Opec+, zien hun winsten met de komst van die westerse concurrent dalen.

Darwiniaanse concurrentieslag

Maar de Amerikaanse schalieolie-economie heeft een achilleshiel. Het is dure business. Juist omdat het product niet zomaar is los te weken uit ondergrondse rotspartijen, moeten producenten veel investeren in boormachines en andere apparatuur. Dat betekent dat de prijs per vat olie die nodig is om quitte te spelen, bij schalieolie veel hoger ligt dan in het Midden-Oosten en in zekere zin ook Rusland. Hoeveel? Dat verschilt per gebied, maar duidelijk is dat het onder de 40 dollar per vat niet uit kan in de Verenigde Staten. Na dit onstuimige weekend ligt de gemiddelde olieprijs wereldwijd iets boven de 30 dollar per vat. 

Saudi-Arabië zit qua kosten eerder rond de 10 dollar per vat ruwe olie, en kan dit spelletje daarom veel makkelijker volhouden. Rusland zit tussen die twee landen in, maar lijkt wel genoeg financiële ruimte te hebben om het even uit te zingen.

Wat een extra dreun kan geven aan de Noord-Amerikaanse olie- en gasindustrie is de schuldberg waarmee ze gefinancierd is. Dat gaat maar liefst om een geleende 86 miljard dollar, af te betalen binnen nu en vier jaar, volgens een recente becijfering van kredietbeoordelaar Moody’s. Ruim 60 procent van dat geldbedrag is uitgeleend aan olie­bedrijven die er niet goed voorstaan.

Het kan natuurlijk zo zijn dat Opec+ binnenkort toch tot overeenstemming komt en de oliekraan wat dicht draait om zo de prijs op niveau te krijgen. En zo niet, dan stijgt die olieprijs vanzelf wel. Dankzij deze darwiniaanse concurrentieslag die de olie­bedrijven in Amerika flink in de problemen kan brengen.

Lees ook:

Ook Dow Jones verliest flink

De vrees voor een economische recessie door de negatieve impact van het nieuwe coronavirus en een prijzenoorlog in de oliesector zorgen voor grote onrust op de financiële markten. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden