Discriminatie op de werkvloer

Discriminatie op grond van zwangerschap blijft een groot probleem op de werkvloer

Een kwart van de vrouwen loopt promoties, salarisverhogingen of scholing mis vanwege zwangerschap. Beeld Evert Elzinga
Een kwart van de vrouwen loopt promoties, salarisverhogingen of scholing mis vanwege zwangerschap.Beeld Evert Elzinga

Twee op de vijf Nederlandse vrouwen heeft op haar werk te maken met zwangerschapsdiscriminatie, meldt het College voor de Rechten van de Mens. Vooroordelen zijn vaak de boosdoener.

Of het nu gaat om afwijzingen tijdens een sollicitatiegesprek of een contract dat toch niet wordt verlengd, zwangerschapsdiscriminatie op het werk blijft voor veel vrouwen een onverminderd groot probleem.

Het College voor de Rechten van de Mens vroeg 1150 werkende Nederlandse vrouwen die de afgelopen vier jaar een kind kregen of en hoe zij discriminatie door zwangerschap op de werkvloer hebben ervaren. Vergeleken met dezelfde onderzoeken in 2012 en 2016 is er weinig veranderd.

Nog altijd wordt één op de vijf vrouwen bij sollicitaties afgewezen, bij één op de tien werd expliciet gezegd dat de zwangerschap aan de afwijzing ten grondslag lag. Ruim een derde van de vrouwen die een nieuw contract wilden ondertekenen, zag het contract vanwege zwangerschap op het laatste moment aangepast of teruggenomen worden.

Bijna de helft van alle ondervraagde vrouwen met een tijdelijk contract kreeg geen verlenging of een vast contract vanwege hun zwangerschap of een pasgeboren kind. Een kwart van de vrouwen loopt zo promoties, salarisverhogingen, bonussen en scholing mis, of heeft problemen met afspraken over zwangerschapsverlof en de terugkeer op het werk. Sommige vrouwen zeggen een achterstand in hun carrière te hebben opgelopen.

Verlengd vaderschapsverlof

Volgens hoogleraar sociale psychologie, Belle Derks, heeft het allemaal te maken met vooroordelen. Niet alleen bij werkgevers, maar in de hele maatschappij. “Er worden zoveel aannames gedaan over vrouwen zodra ze zwanger zijn. Dat ze minder productief of ambitieus zijn zodra het kind er is bijvoorbeeld. Pas als werkgevers zich dat ook gaan afvragen bij mannen die vader worden, zal er echt iets veranderen.”

De verlenging van het vaderschapsverlof is volgens haar een stap in de goede richting. Maar als we echt vaart willen maken, bepleit Derks, moet de verandering uit de maatschappij zelf komen. “Als werkgevers steeds meer werknemers zien die de traditionele rolpatronen breken, dus mannen die meer gaan zorgen en vrouwen die meer gaan werken, zullen hun gedachten over de effecten van een zwangerschap vanzelf veranderen.”

De bewijslast

Uit het onderzoek van het mensenrechteninstituut blijkt dat slechts 11 procent van de zwangere vrouwen die te maken heeft gehad met zwangerschapsdiscriminatie, daarover aan de bel trekt. Het verbaast Marlies Vegter, docent arbeidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam niet. “Veel vrouwen hebben wel iets anders aan hun hoofd tijdens hun zwangerschap en de meesten willen de relatie met de werkgever ook niet op scherp zetten.”

Vrouwen kunnen arbeidsdiscriminatie aankaarten bij de werkgever, de rechter of het College voor de Rechten van de Mens. Het College doet gratis onderzoek naar een zaak, maar haar uitspraak is niet bindend. De werkgever kan die dus naast zich neerleggen.

Een stap naar de rechter is ook niet simpel. Daarvoor moet een vrouw feiten kunnen aantonen die doen vermoeden dat er gediscrimineerd is, en daarvoor is bewijs nodig. 

Het verzamelen van bewijs blijkt vaak een probleem, zegt Vegter. Het zit hem volgens haar vaak in opmerkingen die leidinggevenden maken in mondelinge gesprekken. “Dat vrouwelijke werknemers die zwanger zijn ineens horen dat ze toch niet zo goed in het team passen bijvoorbeeld. Tenzij je daar opnames van hebt, kun je dat lastig bewijzen.” Pas als er bewijs is, verschuift de bewijslast naar de werkgever en is het aan de baas om aan te tonen dat hij of zij zich niet schuldig heeft gemaakt aan zwangerschapsdiscriminatie. 

Als het aan vakbond FNV ligt, gaat de overheid strenger controleren op deze vorm van discriminatie. “Werkgevers kunnen er nu te makkelijk mee wegkomen zolang ze niet worden geconfronteerd met de consequenties van hun handelen”, zegt de bond. Volgens het College voor de Rechten van de Mens moet er daarnaast ook meer voorlichting voor werkgevers en werknemers komen.

Lees ook:

Vanaf deze zomer mogen vaders met geboorteverlof en tienduizenden doen dat ook

Vanaf de tweede helft van 2020 mogen partners vijf weken geboorteverlof opnemen. Naar schatting zullen tienduizenden dat ook doen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden