AnalyseNoodpakket

De financiële noodhulp van de overheid leek als geroepen te komen, maar inmiddels is er veel kritiek

Minister van financiën  Wopke Hoekstra (CDA)  tijdens een stemming over het noodpakket van de regering om de gevolgen van de coronacrisis te bestrijden.  Beeld ANP
Minister van financiën Wopke Hoekstra (CDA) tijdens een stemming over het noodpakket van de regering om de gevolgen van de coronacrisis te bestrijden.Beeld ANP

Steeds meer bedrijven maken gebruik van de financiële noodhulp van de overheid. Is het een succes te noemen?

Het gaat mis als we niets doen. Dat is wat Wopke Hoekstra, minister van financiën, moet hebben gedacht toen hij half maart een ongekend groot pakket aan financiële hulp voor ondernemers presenteerde. Het bedrijfsleven reageerde positief. Het noodpakket was een snelle en ruimhartige compensatie en liet een daadkrachtig kabinet zien. Er was zelfs positieve verbazing over de ongekende bedragen die er voor werden vrijgemaakt. De extra overheidsuitgaven zouden binnen drie maanden kunnen oplopen tot zo’n 20 miljard euro.

Een dure reddingsboei om te voorkomen dat het bedrijfsleven en de bijbehorende werkgelegenheid door de anticoronamaatregelen zou zinken. “Er is geen beperking, we doen wat nodig is”, zei Hoekstra. Vakbonden waren te spreken over het overheidshandelen. Niet veel later klonk de eerste kritiek.

Horeca-ondernemers en KLM

Zo is er de Noodmaatregel overbrugging voor werkgelegenheid (Now) waarmee de overheid bedrijven tegemoetkomt in de loonkosten. Deze werd al snel aangevraagd door zwaar getroffen horeca-ondernemers en vliegmaatschappij KLM. Vervolgens kwamen werkgevers er na de eerste blijdschap achter dat om aanspraak maken op de maatregel de werkgever wel minimaal 10 procent van het loon van zijn werknemers zelf moet betalen. Dat was blijkbaar toch te veel, want vakbonden zagen dat werknemers – met name flexkrachten – werden ontslagen.

En de regeling werkt niet voor ondernemers wier omzet sterk seizoensgebonden is zoals bij bomen-, bollen- en plantentelers, strandtenteigenaren en caravanverkopers. Zij draaien in een paar maanden soms wel 70 procent van de jaaromzet, terwijl er voor de Now gekeken wordt naar het omzetverlies vergeleken met een gemiddeld kwartaal van het vorige jaar.

De Now kan ook nadelig uitwerken voor een concern dat werkt in verschillende sectoren. Bijvoorbeeld een bedrijf met twee verschillende ondernemingen in de schoonmaakbranche: de eerste is actief in de zorg en draait nog goed en de ander is actief in horecagelegenheden en casino’s en draait nu verlies. De overheid kijkt naar de omzet van het concern als geheel en stelt dat er gemiddeld geen sprake is van 20 procent omzetverlies. Er komt dan dus geen tegemoetkoming voor de loonkosten. Zonder aanspraak op de Now staat de baan van de schoonmakers in casino’s op de tocht. Daarover maken niet alleen de concerns zelf maar ook de Stichting van de Arbeid zich zorgen.

Tattooshops, tandartsen en taxichauffeurs

Dan is er de Tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren (Togs). Dat is een eenmalige gift van 4000 euro aan ondernemers die direct door het coronavirus in de problemen zijn gekomen. Heel blij, waren ondernemers, in hard getroffen sectoren met dit nieuws. Het zou namelijk helpen om de korte klap op te vangen zeker voor ondernemers die ineens de deuren moesten sluiten

Maar ook hier volgde kritiek. Tattooshops, fysiotherapeuten, tandartsen en taxichauffeurs maakten zich boos, waarom hadden zij er geen recht op deze zogenaamde ‘coronagift’? Uiteindelijk besloot het kabinet ook hen te helpen. Iedereen tevreden? Nee. Want nu steeds meer bedrijven recht hebben op het geldbedrag, voelen de ondernemers in sectoren die er buiten vallen zich nog meer buitengesloten. Verhuurmakelaars, yogadocenten en tandtechnici willen ook op de lijst. En belangenorganisatie ZZP Nederland kreeg honderden meldingen van zzp’ers die geen aanspraak kunnen maken op Togs omdat hun bedrijf op hun woonadres gevestigd is. Een groot aantal kappers, masseurs of schoonheidsspecialisten krijgt daardoor geen eenmalige gift.

Zelfstandigen

Voor zelfstandigen is er ook de Tozo: de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers. Die regelt dat zelfstandigen een uitkering tot bijstandsniveau en een lening kunnen krijgen. Hoewel zelfstandigen eerder heel blij waren dat ze zijn meegenomen werden in de hulpmaatregelen klinkt ook hier nu onvrede. Want als het inkomen van een zzp’er door de crisis duikelt van bijvoorbeeld 4000 euro naar 1500 euro per maand, krijgt deze zelfstandige niets. Oneerlijk, klinkt het.

Of de overheidsmaatregelen een succes zijn, kan eigenlijk pas worden gezegd als het nieuwe coronavirus is geweken. Vooralsnog bestaat het noodpakket namelijk uit financiële injecties die bedoeld zijn om een korte periode te kunnen overbruggen. Als het langer duurt, is de vraag of dit dan het juiste aanpak is geweest.

Lees ook:

De crisis heeft een officiële naam - de Grote Lockdown - en wordt dramatisch

Ontwikkelde economieën krimpen dit jaar met gemiddeld 6 procent, verwacht het IMF. De precieze gevolgen van het coronavirus zijn extreem onzeker.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden