Peter van der Stap bezorgt een pakketje.

Reportage Bezorgers

Buffelen als pakketbezorger: ‘Bij dertien strafpunten moet ik een rit inleveren’

Peter van der Stap bezorgt een pakketje. Beeld Inge Van Mill

De afgelopen jaren groeide de pakketindustrie fors. Toch zagen zelfstandige bezorgers hun tarieven dalen. ‘Bij dertien strafpunten moet ik een rit inleveren.’

“Jullie zouden donderdag komen”, zegt de man in de deuropening geïrriteerd. Pakketbezorger Reinout Voormolen (23) haalt zijn schouders op. “Daar weet ik niks van, meneer”, antwoordt hij beleefd. De man wordt bozer. “Ik heb toen als een gek zitten wachten. En nu komen jullie ineens met z’n tweeën. Nou, het pakket is al opgehaald door een andere PostNL-bezorger.”

De deur gaat dicht. Reinout laat het van zich afglijden. “Je leert ermee omgaan”, zegt hij. “Alleen ben ik hier wel tijd aan kwijt, terwijl ik er niet voor betaald krijg.”

Trappen oprennen

Voormolen is een van de dertien man die werkt voor de pakketdienst Post & Mailgroep Leiden, het bedrijfje van de 66-jarige zelfstandig ondernemer Peter van der Stap. Een jaar of vijftien geleden begon hij het als hobby, nu is het een druk bedrijf dat namens PostNL tweeduizend pakketten per dag in Leiden en omgeving bezorgt. Van der Stap vindt het werk nog altijd leuk, kent alle Leidse straatnamen uit zijn hoofd, glundert als hij met zijn jongens (en meiden) praat en springt op drukke dagen zelfs even bij. Lachend: “Maar die trappen oprennen, zoals de jongens dat doen, dat doe ik niet meer hoor. Ben al wat ouder.”

Het is een opgewekte werkgever. Een die antwoordt met ‘niets aan te doen’ als een van zijn jongens tegen een lantaarnpaal rijdt. Die niet uit zijn vel springt als een bezorger zich verslapen heeft. En die nog grapt met het personeel van PostNL als die erop aanstuurt dat zijn bezorgers nu toch echt op pad moeten. Maar Van der Stap is ook iemand die de werkdruk in de pakketdienstenbranche de afgelopen jaren fors zag toenemen, die zijn tarieven ondanks die drukte zag dalen en die voortdurend personeel verliest vanwege de karige lonen. Iemand die samen met zijn vrouw leeft van 2500 euro in de maand. Onder andere vanwege die lage tarieven. En die, ondanks zijn opgewekte reactie, strafpunten kan krijgen voor de paar slippertjes van zijn werknemers. “Bij dertien strafpunten moet ik een rit inleveren.”

Geen autogordel

Terug naar het bezorgen van pakketten. Niet met de razendsnelle Reinout dit keer (die bezorgde zes pakketten in acht minuten tijd). Maar met Peter van der Stap zelf. Het tempo ligt iets lager. Maar niet heel veel lager. Een seconde of tien geeft Van der Stap mensen de tijd om de deur te openen. Daarna belt hij bij de buren aan. Soms bij twee of drie tegelijkertijd. “Per adres krijgen we 1,40 euro, voorheen zelfs 1,50 euro. Per afgegeven pakketje 16 eurocent extra. Maar als we het pakketje niet bezorgen, krijgen we niet betaald”, legt hij uit. 

Aan het omdoen van de autogordel doet hij niet in de woonwijken. ­Inparkeren, insteken, het busje aan de kant zetten. Het is allemaal een no-go. Het kost tijd, zegt Van der Stap. Maar nog belangrijker: het vergroot de kans op schade. Voor het herstellen van al die schades heeft hij geen geld. Per bus is hij 300 euro per kwartaal kwijt aan verzekeringspremie. “Dat is met korting.” Rijdt hij te veel schade, zegt Van der Stap, dan loopt hij ook nog eens het risico om de verzekering uitgegooid te worden. Het gevolg: zijn zes busjes hebben bijna allemaal hier en daar een deuk. Bij één zit de koplamp met plakband vast.

Verstopte huisnummers

Het is inmiddels een uur of half twee in de middag. Bloedheet. “Kijk, dit is een lastig gedeelte”, zegt Van der Stap over de Leidse Beethovenlaan. Hij wijst op de vele portiek­woningen. Sommige met lift. Veel ook zonder. Soms drie of zelfs vier hoog. “Volgens PostNL moeten mijn bezorgers ook in deze wijk 25 pakketten per uur kunnen bezorgen. Ik zeg: we kunnen er niet meer dan achttien.” Als hij de portieken afgaat heeft hij geluk: veel benedenwoningen. De meeste mensen zijn thuis. Maar Van der Stap komt ook in nieuwbouwcomplexen met lange galerijen. Met huisnummers die verstopt zijn. Tussendeuren die dicht kunnen vallen, waardoor de postbezorger er niet direct weer uit kan.

Het kost allemaal tijd, legt hij uit in zijn snikhete bus. En geld. Want zijn opdrachtgever PostNL werkt volgens het zogeheten tijdvakindicatiemodel. Aan de hand van de scanners, waarmee bezorgers hun pakketten scannen, rekent het hoofdkantoor uit hoeveel pakketten in een uur kunnen worden bezorgd. “Gaan mijn jongens harder lopen om die 150 tot 180 adressen per dag af te gaan, dan zeggen zij: oh joh, er kan nog wel iets meer bij.” Maar het werkt ook de andere kant op, zegt Van der Stap. “Zeg ik tegen ze: doe rustiger aan. Dan zegt PostNL: elders in het land bezorgen pakketdiensten veel meer dan jullie. Jullie moeten meer afleveren.”

Vaste afleveradresjes

Het maakt dat de Belangenvereniging voor Pakket Distributie in een tarievenconflict is verwikkeld met grote distributeurs als PostNL, DHL en DPD. Voorzitter Ruud Wassenaar: “Met de huidige tarieven gaan onze bedrijven op de fles en werken onze medewerkers zich het apezuur. Het wordt tijd dat de politiek ingrijpt in de pakketmarkt, want dit is het nieuwe gezicht van uitbuiting.”

Terwijl hij en Van der Stap de strijd voortzetten, geniet Reinout van het werk. Hij kent de auto’s van frequente pakketbestellers, heeft zijn vaste afleveradresjes als mensen niet thuis zijn en hij weet zelfs al vóór hij aanbelt bij welk huis de bel het niet doet. “Die vrijheid, het rijden. Het is mijn hobby geworden.”

Lees ook:

Het schrijnende verhaal van de drukke pakketbezorger

‘Grijp in’, kreeg de Tweede Kamer woensdag te horen over wantoestanden in de pakketmarkt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden