ReportageVitale beroepen

Bonden voeren actie voor leraar, agent en gemeenteambtenaar, maar het Malieveld blijft leeg

Ambtenaren zijn vaak lastig te mobiliseren. Maar het gebrek aan waardering zit ze wel degelijk hoog, constateert de FNV na een online manifestatie op het Malieveld met zo’n duizend kijkers. Beeld Hollandse Hoogte / Phil Nijhuis
Ambtenaren zijn vaak lastig te mobiliseren. Maar het gebrek aan waardering zit ze wel degelijk hoog, constateert de FNV na een online manifestatie op het Malieveld met zo’n duizend kijkers.Beeld Hollandse Hoogte / Phil Nijhuis

Het ontbreekt aan waardering en geld voor werknemers in de publieke sector, zo was de teneur tijdens een manifestatie van diverse FNV-vakbonden en overheidsbond het Ambtenarencentrum.

Het ziet er een beetje uit als een plechtige herdenkingsdienst in coronatijd. Op de enorme grasvlakte van het Malieveld staan honderden grijze en witte stoeltjes op veilige afstand van elkaar opgesteld. Toch blijven ze leeg. En een kranslegging, die is er ook al niet. Want de bijeenkomst op het Haagse grasveld dient een heel ander doel: aandacht vragen voor de positie van de ambtenaar. Wat de lege stoeltjes symboliseren? Dat ligt eraan wie je het vraagt.

Voor FNV-bestuurder Judy Hoffer staan ze voor het gedeelte van de 1 miljoen Nederlandse ambtenaren dat normaal gesproken hier bij deze demonstratie zou zijn. Het devies was ditmaal om de bijeenkomst vanuit huis te volgen. Een andere theorie: de lege stoeltjes verbeelden de niet-bestaande collega’s die ambtenaren zo hard nodig hebben. Want diverse sectoren kampen met onderbezetting en een hoge werkdruk, terwijl er tienduizenden onvervulde overheidsvacatures zijn.

Van douane tot gemeenteambtenaar

Wie er wél op het Malieveld staan, behalve mensen uit het vakbondskader? Een douanebeambte, een universitair hoofddocent, een beroepsmilitair, een gemeenteambtenaar, een gevangenismedewerker en een politieagent. De zes sprekers vertegenwoordigen een heel divers palet aan beroepen, maar ze hebben in elk geval twee dingen gemeen. Ze behoren tot de publieke sector: de overheid dus. En er heerst – sluimerend of meer aan de oppervlakte – ontevredenheid over de waardering die de maatschappij en diezelfde overheid voor ze over heeft.

Neem bijvoorbeeld politieagent Geert-Jan Staal. Door de coronacrisis krijgen agenten nog eens extra veel te verstouwen, benadrukt hij. “Wat er in de maatschappij leeft, krijg je terug op straat. Daarbij hebben we te maken met lockdowns, met regels die steeds veranderen. Maar wij moeten wel kunnen handhaven, en uitleggen waarom. Daarbij krijgen we géén voorrang bij coronavaccinatie. Terwijl wij in de publieke sector wél steeds de risico’s lopen. En niet alleen agenten: ook bijvoorbeeld leraren.”

De grote afwezige onder de sectoren op het Malieveld lijkt de zorg. Als de discussie over essentiële beroepen en een gebrek aan waardering ergens tot een climax kwam, was het immers daar. “Deze actie komt echt vanuit de overheidsbonden”, legt Hoffer uit. “Er zijn zeker parallellen, maar we kaarten hier ook een aantal specifieke problemen aan binnen de publieke sector. Zoals zorgen over de veiligheid en het gebrek aan materieel waarmee bijvoorbeeld politie en defensie te maken hebben.”

Bedelen voor een oefening

Die veiligheid speelt door corona ook in het onderwijs een belangrijke rol, geeft universitair hoofddocent Marijtje Jongsma te kennen. “We zien in het onderwijs de verwoestende werking van de coronacrisis. Door thuiswerken neemt de kansenongelijkheid toe. Voor de hele onderwijssector geldt: je wilt er zijn voor je leerlingen of studenten. Maar tegelijkertijd moet het ook voor jezelf veilig blijven.” Wat in alle verhalen op de achtergrond doorklinkt, is de frustratie dat waardering in de vorm van een forse loonstijging uitblijft. “We hebben jonge militairen met een basissalaris dat tegen de armoedegrens aanschurkt”, zegt Bert van de Wakker (Korps Mariniers). “Die moeten bijna bedelen om op oefening te gaan.”

Wat daarbij ook mee kan spelen: overheidsmedewerkers slaan simpelweg te weinig met de vuist op tafel. Dat denkt althans journalist Sander Heijne, die als schrijver van het boek Fantoomgroei – over een ontspoorde economie en uitgeholde vitale sectoren – op het Malieveld verscheen. “Mensen in de publieke sector zijn vaak erg dienstbaar: ze willen iets bijdragen aan de maatschappij. Maar misschien moeten ze in dit geval minder bescheiden zijn: in het bedrijfsleven wordt vaak harder over salaris onderhandeld.”

Een geluid dat de vakbonden dan wel weer herkennen: ambtenaren staan bekend als lastig te mobiliseren, geeft Hoffer toe. Wat dat betreft biedt het aantal virtuele actievoerders in elk geval perspectief, concludeert ze. De livestream trok zo’n duizend directe kijkers. Toch een aardig terrein vol, als ze wél fysiek naar Den Haag zouden zijn gekomen.

Lees ook:

Het Plein in Den Haag verandert in een krottenwijk – dit is waarom

De kloof tussen rijk en arm is te groot aan het worden. Om dat duidelijk te maken bouwde vakbond FNV met uitkeringsgerechtigden een krottenwijk, pal naast de Tweede Kamer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden