InterviewBernard Wientjes

Bernard Wientjes: Ik heb alle grote chemiebedrijven wel aan de lijn gehad over de Shell-zaak

Bernard Wientjes, voorzitter van de VNCI: ‘Ik vermoed dat de uitspraak van de rechter over de vergroening van geen gevolgen heeft voor Shells uitstoot van broeikasgassen binnen de EU.’ Beeld ANP
Bernard Wientjes, voorzitter van de VNCI: ‘Ik vermoed dat de uitspraak van de rechter over de vergroening van geen gevolgen heeft voor Shells uitstoot van broeikasgassen binnen de EU.’Beeld ANP

Shell moet sneller vergroenen, oordeelde de Haagse rechtbank vorige week in een geruchtmakende rechtszaak. Wat betekent dat voor Shell en de Nederlandse chemie? Trouw vroeg het Bernard Wientjes, voorzitter van de VNCI, de branchevereniging van de chemiebedrijven. Zijn inschatting is dat die gevolgen niet zo groot zijn en hij legt uit waarom.

Wat ging er door u heen vorige week woensdag rond de klok van half vier, toen u de uitspraak van de rechter hoorde?

“Ik schrok.”

U schrok?

“Ja, ik schrok. Het is natuurlijk niet de eerste keer dat een Nederlandse rechter zich heeft uitgesproken over klimaatzaken. We hebben eerder de Urgenda-zaak gehad. Maar ik dacht wel: wat nu? Wat betekent dit voor de Nederlandse chemie? Voor het klimaat? Voor onze eigen plannen, die we onlangs hebben gepubliceerd? Ongeveer 40 procent van de broeikasgassen die door de Nederlandse industrie wordt uitgestoten, komt voor rekening van onze ­leden.”

Heeft u veel telefoontjes gehad na de uitspraak?

“Zeker. Alle grote chemiebedrijven heb ik wel aan de lijn gehad. Buitenlandse bedrijven ook trouwens. Vergeet niet: de grote chemiebedrijven in Nederland zijn bijna allemaal in buitenlandse handen. Denk aan ­Sabic (Arabisch, red.), Dow (Amerikaans) en Yara (Noors). Die wilden ook weten: wat betekent dit allemaal?”

En, wat betekent de uitspraak voor de chemie?

“Tja, daar zijn we nog niet helemaal uit. Onze juristen bestuderen de uitspraak nog. Allereerst vind ik dat Shell best wel veel doet aan vergroening. Op een aantal gebieden lopen ze, vergeleken met hun concurrenten, voorop: denk aan de waterstoftankstations waarmee ze de eerste zijn, denk aan hun duizenden laadpalen voor elektrische auto’s en aan de ontwikkeling van milieuvriendelijker kerosine. Zo bezien pakt de Nederlandse rechter een voorloper aan.

“Zelf vermoed ik dat de uitspraak geen gevolgen heeft voor Shells uitstoot van broeikasgassen binnen de EU. Shell moet zijn eigen uitstoot van broeikasgassen met 45 procent terugbrengen, heeft de rechter gezegd. Maar Shell is ook een van de bedrijven die is verbonden aan het ETS-systeem: de handel in emissierechten. Volgens dat systeem moeten grote bedrijven in de EU die te veel CO2 uitstoten emissierechten bij kopen en kunnen bedrijven die weinig uitstoten rechten verkopen. Dat systeem heeft als doel om de uitstoot van broeikasgassen flink terug te dringen. De rechter respecteert dat systeem, stelt ze in haar uitspraak. Daarom denk ik dat Shell, in de EU althans, als gevolg van de uitspraak geen extra maatregelen hoeft te nemen. Maar nogmaals, helemaal zeker ben ik daar niet van.”

En de rest van de chemie?

“Ik kan me niet voorstellen dat de uitspraak van de rechter betrekking heeft op het mondiale beleid van een Amerikaans bedrijf als Exxon (dat in Rotterdam een grote raffinaderij heeft, red) of een chemieconcern als Sabic (dat onder meer in Limburg en Bergen op Zoom producten maakt). Daarbij komt dat alle grote chemieconcern ook onder het ETS vallen. En wat de Nederlandse chemie betreft: grote concerns met een hoofdkantoor in Nederland zijn er maar weinig. De uitspraak heeft betrekking op Shell en mogelijk op andere grote bedrijven. Milieudefensie heeft geroepen dat ze meer bedrijven voor de rechter zullen slepen, maar ik denk niet dat ze dat met ­relatief kleine chemiebedrijven of met bedrijven die hier geen hoofdkantoor hebben zullen doen.”

Toch, de uitspraak is wel een teken. Het moet groener.

“Zeker, dat moet ook en daar zijn onze leden ook van overtuigd. Kijk naar onze plannen die we onlangs hebben gepubliceerd. Daar kijken ze in Duitsland nog van op, om de VS maar te zwijgen.”

Die plannen ademen ook wat Shells eigen plannen uitademen. Mooie vergezichten, geen uitstoot meer in 2050, maar de echte milieuwinst komt pas na 2030. Die winst moet dan ook nog komen van dure, nieuwe, vaak nog niet beproefde en soms omstreden technieken. En het duurt vaak tien tot vijftien jaar voordat nieuwe technieken op grote schaal kunnen worden toegepast.

“Kijk naar de totale uitstoot die het gevolg is van de producten die Shell maakt. De productie, Shells eigen uitstoot, is goed voor 10 procent daarvan. De overige negentig zijn voor rekening van de afnemers, zoals automobilisten en fabrieken. In de chemie ligt dat anders. Daar is de eigen uitstoot goed voor 40 procent van het totaal. Die uitstoot willen we terugdringen, daar wordt ook fors in geïnvesteerd. En ja, het wordt een hele klus om het doel van de Klimaatwet (49 procent minder uitstoot dan in 1990, red.) te halen. En dan zijn er wel een paar dingen nodig. Het opvangen en opslaan van CO2 is er daar een van. Dat is een tijdelijke oplossing, dat is waar, maar momenteel wel de beste. Omdat het de maatschappij tijdwinst oplevert om de moeilijke en dure opties verder te ontwikkelen. Ook de PvdA en GroenLinks zijn er tegenwoordig voor. Maar dan moet de benodigde infrastructuur er wel zijn. Dat moet de overheid regelen.

“Datzelfde geldt voor het verbeteren van het stroomnet. Als chemiefabrieken niet meer draaien op aardgas, maar op stroom, en dan stroom van zon of wind, betekent dat veel klimaatwinst. Maar dan moet het stroomnet dat wel aankunnen. In Zeeuws-Vlaanderen, waar Dow en Yara zitten, en in Limburg, op het chemiepark Chemelot waar Sabic zit, is dat net nog niet geschikt. Het is heel simpel: zonder een goed stroomnet is er geen grote CO2-­beperking mogelijk bij Dow en bij Yara.

“We hebben de overheid ook voor iets anders nodig. Veel technieken zijn nu nog niet rendabel. Dan moet de overheid bijspringen en het onrendabele deel voor haar rekening nemen. Dan moet de overheid niet alleen kijken naar wat het goedkoopste is, maar wat er in de toekomst wenselijk is. Subsidie krijgen voor groene waterstof – gemaakt met behulp van groene stroom – is nu bijvoorbeeld nog niet goed mogelijk.”

Dan is er nog de uitstoot van de gebruikers van chemieproducten

“Ja, ook daar zijn plannen voor. In de Shell-zaak heeft de rechter gezegd: Shell is verantwoordelijk voor zijn producten, van hun wieg tot hun graf. Van dat principe gaan wij ook uit. Wij streven naar een circulaire productie in 2050. Wat gebruikt is, moet worden hergebruikt.”

Dan is er nog wat werk aan de winkel. Zelfs plastic recyclen is nu nog een hele toer.

“Bij Shell-producten, zoals benzine, gaat de uitstoot meteen de lucht in. Bij chemische producten zit de koolstof in een product. Die producten komen meestal na gebruik in de afvalverbrander terecht. En in veel landen op de stortplaats. Dat moet veranderen. We werken al met mechanische recycling. Dan worden van oude producten nieuwe gemaakt. Maar dan krijg je een mindere kwaliteit product, zoals de bekende bermpaaltjes. De toekomst is aan de chemische recycling, daar is de sector van overtuigd. Dan worden de stoffen hergebruikt zonder verlies aan kwaliteit. Helaas is er nog geen grootschalige fabriek voor, al hebben Sabic, Shell en andere bedrijven er al wel in geïnvesteerd. En ja, als je nu zou beginnen met een proef met zo’n fabriek dan kan het wel tien jaar duren voordat die op grote schaal draait.”

Tijdens de coronacrisis zijn er ­chemiebedrijven geweest die, al dan niet tijdelijk, tegen kostprijs ­producten hebben geleverd. Noem het maatschappelijk sympathiek ondernemen. Is het denkbaar dat chemieconcerns in de toekomst met minder winst genoegen ­nemen, ­omdat er vanwege het milieu grote investeringen nodig zijn?

“We kunnen er trots op zijn dat ­bedrijven uit de chemische industrie royaal hebben gereageerd op het verzoek van het kabinet om beschermingsmiddelen zoals mondkapjes en plastic handschoenen gratis of ­tegen kostprijs ter beschikking te stellen. Natuurlijk gaat het bij vergroening van de industrie om grote bedragen die geïnvesteerd moeten worden.

“Deze investeringen zijn alleen mogelijk bij een winstniveau dat ­deze investeringen mogelijk maakt. Wij zijn ervan overtuigd dat de verduurzaming van productieprocessen en producten, wanneer dat innovatief gebeurt, het rendement van de ondernemingen niet zal aantasten.”

De Nederlandse chemische industrie

De VNCI is de branchevereniging van chemiebedrijven die in Nederland actief zijn. Nederland telt 390 van die bedrijven. Samen behaalden ze in 2019 een omzet van 52 miljard euro. Er werken 46.000 mensen in de sector. De chemie was goed voor 18,5 procent van de waarde van de Nederlandse export.

De meeste grote chemiebedrijven in Nederland maken deel uit van buitenlandse concerns. Dat geldt bijvoorbeeld voor Sabic, de olie- en chemiebedrijven Exxon en BP en de kunstmestfabrikanten OCI en Kemira; voor PPG (verf), voor BASF en LyondellBasell (kunststoffen), voor Bayer en voor Air Liquide (gassen). Een flinke partij is ook Nouryon, voorheen onderdeel van AkzoNobel. DSM en Corbion horen bij de grotere Nederlandse concerns en dat geldt natuurlijk ook voor Shell dat een grote chemiepoot heeft en onder meer kunststoffen maakt in de Botlek en in Moerdijk.

Voorzitter van de VNCI is Bernard Wientjes, die van 2005 tot 2014 het gezicht was van werkgeversorganisatie VNO-NCW. Hij heeft een verleden in de chemie: 32 jaar, van 1967 tot 1999 was hij directeur-eigenaar van Wientjes Beheer, een fabrikant van kunststoffen. Dat werd eind vorige eeuw overgenomen door Villeroy & Boch.

Lees ook:

Dat de rechter Shell verplicht om het Klimaatakkoord van Parijs na te leven heeft grote gevolgen, zegt juridisch expert Jan van de Venis.

’Wereldwijd kan elk groot bedrijf dat de leefomgeving aantast nu zo’n rechtszaak aan zijn broek krijgen.’

Na ‘Urgenda’ eist de rechter nu klimaatactie van Shell

Shell is verplicht om te handelen in lijn met het Parijse Klimaatakkoord, oordeelt de rechter. Die overwinning van Milieudefensie is historisch.Andere fossiele bedrijven kunnen hun borst natmaken

‘Er is gelukkig altijd nog vraag naar Bernard Wientjes’

Ouder worden, hoe doe je dat? Als hij niet op een woord kan komen, schrikt hij even. Maar over het geheel genomen is oud-VNO-NCW-voorman Bernard Wientjes kerngezond en nog volop aan het werk. Deel vijf in een interviewserie van Cisca Dresselhuys (1949) met generatiegenoten die in het middelpunt van de belangstelling stonden, maar het nu kalmer aan doen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden