Amma Asante

InterviewAmma Asante

Amma Asante brengt burgerbelangen naar de beleidstafel: ‘Hoe bont je het ook hebt gemaakt, er is altijd een uitweg’

Amma AsanteBeeld Patrick Post

Als voorzitter van de Landelijke Cliëntenraad vertegenwoordigt Amma Asante de belangen van ongeveer 6,7 miljoen Nederlanders. ‘Ik wil de belevingswereld van de burgers op de beleidstafel krijgen.’

Barbara Vollebregt

Schiphol, 5 december 1978. Het vriest. Amma Asante is zes jaar en stapt het vliegtuig uit. Ze draagt een rood ribstofjurkje met gespen, een geel T-shirt, gele sokken en plastic schoentjes. Geen jas. “Ik plaste in m’n broek van de kou. Was dit nu het beloofde land”, vroeg ze zich af.

Inmiddels is het 43 jaar geleden dat Asante van Ghana naar Nederland emigreerde. “Nederland heeft mij een kans gegeven, en nu heb ik een podium”, zegt ze over haar baan als voorzitter bij de Landelijke Cliëntenraad (LCR). “Ik wil de belevingswereld van de burgers op de beleidstafel krijgen.”

De Landelijke Cliëntenraad komt sinds 2002 op voor bijstandsgerechtigden, arbeidsongeschikten, mensen met een werkloosheidsuitkering, jongeren met een beperking, maar ook mensen die aanspraak maken op een nabestaandenpensioen en kinderbijslag.

De organisatie heeft sinds de oprichting de wettelijke taak om burgers te vertegenwoordigen die een uitkering ontvangen of een andere vorm van hulp van de overheid krijgen op het gebied van werk en inkomen. De LCR behartigt op dit moment naar eigen zeggen de belangen van ruim 6,7 miljoen Nederlanders. De raad had dit jaar de wind mee vanwege de aandacht voor de toeslagenaffaire én de toenemende maatschappelijke kritiek op de uitvoering van de Participatiewet.

Amma Asante werd in 1972 geboren in Ghana en emigreerde in 1978 naar Nederland. Ze groeide op in de Bijlmer en studeerde politicologie aan de Universiteit van Amsterdam.

Van 1998 tot 2006 zat Asante namens de PvdA in de gemeenteraad van Amsterdam, van september 2016 tot maart 2017 was ze Tweede Kamerlid. Ze werkt nu als onderzoeker sociale veiligheid bij Movisie en is sinds 2018 voorzitter van de Landelijke Cliëntenraad.

Asante is getrouwd en is moeder van twee kinderen.

‘Ik kende de Landelijke Cliëntenraad zelf ook niet’

Iedereen zou de cliëntenraad dus moeten kennen? Asante lacht en neemt een slokje van haar cappuccino. Die is net ingeschonken door de barman van het Artemis Hotel in Amsterdam, ze woont er om de hoek. “Ik moet eerlijk zeggen dat ik de Landelijke Cliëntenraad zelf ook niet kende, tot een vriendin me in 2018 op de vacature voor een nieuwe voorzitter wees”, zegt ze.

Terug naar 1978, de zesjarige Amma in haar ribstofjurkje op Schiphol. Samen met haar moeder wordt ze bij de gate opgewacht door haar vader die al vier jaar eerder in Nederland is aangekomen, zonder documenten. Hij zag geen toekomst voor zijn gezin in Ghana, waar ze niet genoeg verdienden om Amma naar school te laten gaan.

“De eerste weken sliep mijn vader op een bankje in het Vondelpark”, vertelt Asante. “Omdat hij kon aantonen dat hij in Nederland had gewerkt en premies had betaald, kreeg hij via een generaal pardon toch een verblijfsvergunning”, waarna hij Amma en haar moeder naar Nederland kon halen in het kader van gezinshereniging.

Asante groeit op in de Bijlmer, haar ouders werken hard voor weinig. Haar vader in een fabriek en haar moeder in een hotel als kamermeisje. Amma heeft voor het eerst een eigen kamer en speelgoed, waar ze in Ghana op de grond sliep en speelgoed had dat van afval was gemaakt. Wat het huis nog mist aan spullen, wordt gecompenseerd met liefde en de hoop op een betere toekomst. Want Amma kan hier doen wat haar ouders in Ghana niet was gegeven: naar school, studeren, carrière maken.

“Ik moest de taal leren en kreeg hier al snel te maken met racisme. Maar mijn ouders sleepten me er doorheen. Ze vertelden me elke dag hoeveel ze van me hielden, hoe slim ik ben en dat ik alles kan bereiken wat ik wil.” Ze glimlacht.

Je wil een overheid die je liefdevol benadert als je pech hebt

Haar levensloop verklaart deels waarom ze zich zo inzet voor Nederlanders die op een bepaald moment in hun leven pech hebben. Arbeidsongeschikt raken door een ongeluk, in de schulden belanden en moeten kiezen tussen het betalen van de energierekening of een goede winterjas voor de kinderen. Die mensen zijn niet zielig, benadrukt ze. Ze hebben gewoon pech. “Jij en ik kunnen morgen in zo’n situatie belanden. En dan wil je een overheid die je liefdevol benadert, die vraagt hoe het met je gaat en je helpt om er weer bovenop te komen”, zegt ze.

Het is haar taak om waar burgers tegenaan lopen te vertalen naar wat politici en uitvoeringsinstanties daaraan kunnen doen. “Ik kan me inleven in de burger die hulp nodig heeft, maar door mijn politieke ervaring weet ik ook welke belangen er in Den Haag spelen, ik ken de ingewikkelde wetgeving, het jargon”, zegt ze. Asante was een tijd Kamerlid voor de Partij van de Arbeid.

De LCR kijkt gevraagd en ongevraagd mee bij uitvoeringsorganisaties – de Sociale verzekeringsbank (Svb), het UWV en gemeenten – om te controleren of de uitvoering van sociale voorzieningen geen problemen oplevert bij burgers die er gebruik van maken. Asante: “En we hebben de taak om adviezen te geven bij de totstandkoming van nieuwe wetten of bij de wijziging van bestaande wetten. Ik ben vaak in overleg met het ministerie van sociale zaken. Zowel op politiek als op ambtelijk niveau.”

Eens in de zes weken zit ze de raad voor. In de raad zitten achttien organisaties, waaronder vakbond FNV en CNV maar ook Iederin, een netwerk voor mensen met een beperking en chronisch zieken, de ouderenbond, migrantenorganisaties en afgevaardigden van de centrale cliëntenraad van het UWV, SVB en vertegenwoordigers van de vier grote steden. Zij vertellen wat er bij hun achterban speelt, zegt Asante: “Samen maken we agendapunten, waarmee ik weer op pad kan”.

Bestuurders, topmannen en -vrouwen, ministers en ambtenaren nemen wat ze te vertellen heeft nu al veel serieuzer dan toen ze net begon, merkt ze. “In 2019 konden mijn verhalen over armoede en extreme schuldenproblematiek nog weleens worden weggewuifd, of tegengesproken met statistieken, computermodellen of koopkrachtplaatjes waaruit bleek dat het toch allemaal heel goed ging met ons land. Maar als de overheid iets heeft geleerd van de afschuwelijke toeslagenaffaire dan is het dat ze veel te ver af staan van de mensen voor wie ze wetten maken.”

Mensen raken het vertrouwen in de overheid kwijt

Burgers die om hulp vragen worden al jaren vanuit wantrouwen benaderd, zegt Asante. En daar past de huidige wetgeving die is gericht op controle en fraudebestrijding ook bij. Daardoor raken mensen hun vertrouwen in de overheid kwijt, zegt ze. Een overkoepelend en hardnekkig probleem. Zonder vertrouwen kun je weinig voor elkaar krijgen, wil ze maar zeggen.

Dat vertrouwen wordt extra geschaad door wat zij de conditionele solidariteit van ons land noemt. Ze legt uit: “We kennen in Nederland een grote mate van solidariteit met mensen voor wie het leven even tegen zit. Of dat nou tijdelijk is of langdurig, we hebben een sociaal vangnet waar zij een beroep op kunnen doen. Iemand die door een ongeluk arbeidsongeschikt raakt, kan een uitkering aanvragen en wie hulp nodig heeft bij het zoeken van een baan, kan ook bij de overheid aankloppen.”

Maar Asante ziet de afgelopen decennia een glijdende schaal. “Solidariteit hangt aan elkaar van wederkerigheid. Voor wat hoort wat. Je hebt pech in het leven, het lukt even niet alleen dus je krijgt steun van de overheid in je bestaanszekerheid, denk aan een uitkering of hulp bij omscholing. Alleen heeft er in de loop der jaren een verscherping van de voorwaarden plaats gevonden. Dus die wederkerigheid is aan het omslaan naar: als jij niet doet wat de overheid wil dan gaan wij jou straffen, dan gaan wij jou korten.”

En dat gaat zelfs zo ver, zegt Asante, dat de overheid zich bemoeit met hoe burgers die binnen de Participatiewet vallen – de wet die regelt dat mensen een inkomen krijgen als ze zonder werk komen te zitten – zich zouden moeten kleden. Asante: “De overheid heeft dus bepaald hoe een uitkeringsgerechtigde zich moet kleden om succesvol te zijn op de arbeidsmarkt bij sollicitaties. Dat houdt in dat vrouwen niet te sexy gekleed mogen gaan, geen lage decolletés. Mannen mogen niet al te slonzig op hun afspraken verschijnen, geen petje en geen joggingbroek. Als je toch zo gekleed naar je afspraak met de sociale dienst of een werkgever gaat, dan loop je dus een risico om gekort te worden op je uitkering.”

Een typisch voorbeeld van doorgeslagen voorschriften, vindt Asante. “Dat noem ik dus geconditioneerde solidariteit. De overheid moet zich niet met je kledingkeuze bemoeien alleen omdat je van de overheid afhankelijk bent voor een uitkering. Dat is een inbreuk op de vrijheid om je te kleden zoals jij dat wil. Bovendien, als je leeft van de bijstand heb je vaak niet het geld om een mooi kostuum of een mantelpak te kopen. Dan moet je het gewoon doen met wat er in de kast ligt.”

Dus zo is het om van de overheid afhankelijk te zijn

Als voorzitter hoort ze vaak wat er mis gaat. En dat probeert zij dan weer uit te leggen aan ambtenaren en politici. Maar steeds vaker lukt het de Landelijke Cliëntenraad om individuen en ervaringsdeskundigen te stimuleren om hun verhaal zelf te komen doen, in de Tweede Kamer, op congressen en in bestuursvergaderingen. “En dat geeft me zo veel kracht en energie om door te gaan”, zegt ze. “Dan zie ik de impact die een persoonlijk verhaal kan hebben op politici die vaak ver van die situaties af staan. Dan zie je ze denken: jemig, dus zo is het om van de overheid afhankelijk te zijn.”

Asante heeft nooit goed tegen onrecht gekund. En nu heeft ze een positie om dat onrecht te kunnen aankaarten. “Ik voel de drang om het podium dat ik heb gekregen te gebruiken om anderen te helpen. Ik geloof dat we op deze wereld zijn om te ontdekken wat onze talenten zijn, en dat we die vervolgens moeten inzetten om samen beter te worden”, zegt ze.

Op die denkwijze heeft haar (christelijke) geloof ook invloed. Elke zondag zit ze met haar twee kinderen in de Triumphant Faith Chapel, waar haar man voorganger is. “Ik heb in hem iemand gevonden die me snapt en net zo begaan is met de wereld”, zegt ze trots.

Of ze hoopvol is dat het nieuwe kabinet meer naar de burger zal luisteren, meer maatwerk zal bieden? Asante: “Ze beloven een nieuwe bestuurscultuur, nieuw elan. Mijn man kwam de afgelopen maanden tijdens iedere preek terug op het thema zelfexaminatie. Hij sprak over de noodzaak om je als mens te realiseren dat hoe bont je het ook hebt gemaakt, er altijd een uitweg is.

“Dat je niet per se altijd op de oude voet moet doorgaan. Dat je niet moet doormodderen. Maar stilstaan. Stilstaan om eerlijk te zijn naar jezelf. Jezelf vragen te stellen. Zonder bang te zijn voor de harde antwoorden die je zult vinden. Want die mogelijk harde antwoorden heb je soms nodig voor een nieuw begin. Ik hoop maar dat dit kabinet dat nieuwe begin serieus neemt. Mooie woorden hebben we nu wel genoeg gehoord.”

De bezuinigingen op de bijstand moeten stoppen

En als ze zelf aan de knoppen zou zitten? Ze lacht hardop. “Oei. Als ik dat allemaal zou opnoemen, heb je nog een pagina in de krant nodig”, zegt ze. “Werkplekken moeten toegankelijker worden voor iedereen, dus ook mensen met een beperking. Het minimumloon moet verder omhoog, en de bezuinigingen op de bijstand moeten stoppen. Gemeenten moeten worden beloond naar hoeveel ze daadwerkelijk doen voor kwetsbare inwoners. Jonggehandicapten moeten uit de Participatiewet, want die is bedoeld voor mensen die tijdelijk zonder werk zitten en een spierziekte is niet tijdelijk. Er moet een grens komen aan hoeveel geld schuldeisers mogen innen. Als zij nu een schuld van 50 euro opkopen, vragen ze een jaar later 250 euro terug. En ik zou morgen nog zorgen dat de klanttevredenheidsonderzoeken van het UWV en de SVB niet meer door henzelf, maar door een extern en onafhankelijk orgaan worden uitgevoerd.”

Uitvoeringsorganisaties wenst ze assertiviteit. “Laat het de ministeries weten als ze het bij het verkeerde eind hebben, ook als ze dat liever niet willen horen. Uitvoeringsorganisaties moeten de burger beschermen in plaats van de politiek”, zegt ze.

Zo heeft ze nog wel een paar punten, maar haar cappuccino is al zo goed als koud en ze moet zo weg. Ze is vanavond te gast bij een talkshow. Dus rondt ze het gesprek af: “Nederland is een welvarend land. We moeten er alleen voor zorgen dat die welvaart beter wordt verdeeld.”

Lees ook:

UWV maakt excuses. ‘Wij zijn het aan deze mensen verschuldigd dit goed te maken’

Het UWV gaat diep door het stof voor verkeerd handelen bij een groep arbeidsongeschikten in 2019. Er komt een hulpteam. ‘We zijn geschrokken van de verhalen van de gedupeerden’, zegt UWV-bestuurder Guus van Weelden.

Er is institutioneel racisme, én een oplossing: minder intuïtie en meer verantwoording

Om institutioneel racisme in Nederland tegen te gaan, is meer controle nodig en moeten we minder vertrouwen op onze intuïtie, stellen onderzoekers van Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS). Ze deden onderzoek naar structurele discriminatie in opdracht van de vier grootste gemeenten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden