Rapport

Accountants leren niet van hun fouten, en dus zijn harde ingrepen nodig, zegt een commissie

De ‘Grote Vier’ (KPMG, Deloitte, EY en PwC) boekten de meeste vooruitgang, al blijft er ook voor hen werk aan de winkel, aldus de commissie. Beeld REUTERS

Gedegen accountants zijn ‘maatschappelijk onmisbaar’ en moeten ‘een betrouwbare, solide en robuuste financiële infrastructuur borgen’. Dat doen ze niet, concludeert een commissie.

De problemen binnen het accountantswezen zijn zo hardnekkig dat grote ingrepen noodzakelijk zijn. Interne kwaliteitsbeoordelingen deugen niet, medewerkers ervaren hoge werkdruk en fraudebestrijding laat nog te wensen over. Die harde conclusies trekt de Monitoring Commissie Accountancy (MCA), een onafhankelijke onderzoeksgroep die gisteren na vijf jaar onderzoek haar eindrapport bij het ministerie van financiën inleverde.

Die commissie kwam er naar aanleiding van een motie van PvdA-Kamerlid Henk Nijboer in mei 2014. Hij maakte zich toen zorgen om de sector vanwege vele boekhoudschandalen. De fraude bij woningcorporatie Vestia speelde toen net, waarbij ­accountantskantoren KPMG en Deloitte steken hadden laten vallen. Maar er was ook gebrekkige controle bij installatiebedrijf Imtech, dat uiteindelijk in 2015 failliet ging. Iets verder terug, in 2008, gaf accountantskantoor EY een goedkeuringsstempel op de jaarrekening van de Dirk Scheringa Bank (DSB), enkele maanden voordat die failliet ging.

Stevige aanbevelingen

De politiek gaf de sector vijf jaar ­geleden ‘een laatste kans’ om zelf ­orde op zaken te stellen. Daarop kwam beroepsorganisatie NBA met 53 verbeterpunten om aan te werken. Die zijn niet genoeg van de grond gekomen, concludeert de MCA nu.

Regelmatig komen de grote kantoren nog negatief in het nieuws, bijvoorbeeld vanwege vermeende belastingfraude. Dat terwijl gedegen accountants ‘maatschappelijk onmisbaar’ zijn en ‘een betrouwbare, solide en robuuste financiële infrastructuur (moeten) borgen’.

De commissie pleit daarom voor experimenten met zogeheten joint audits, waarbij bedrijven in sommige gevallen door twee verschillende ­accountantskantoren worden gecontroleerd. Ook voelt de commissie voor proeven met een Rijksaccountant, die vanuit de overheid de boeken van organisaties nog eens kan nalopen.

Een andere aanbeveling is dat accountantskantoren minimaal tien wettelijke controleopdrachten uitvoeren om hun vergunning te mogen behouden voor het controleren van grote bedrijven en organisaties. Dat is een zware eis: honderd van de 270 vergunningshouders voldoen hier op dit moment niet aan. Volgens de MCA is het nodig omdat goede controle van bedrijven samengaat met voldoende investeringen in ­instrumenten om kwaliteit te meten. En in personeel om die controles uit te voeren. Gedegen accountancy vereist, met andere woorden, een ­bepaalde schaalomvang.

Dat zijn stevige aanbevelingen (er zijn er in totaal liefst dertig). De MCA doet ze naar eigen zeggen omdat er te weinig sprake is van vooruitgang. Kwaliteitsgebreken, fraude en andere incidenten zijn hardnekkig. Ze komen al decennialang wereldwijd voor, waarna steeds weer nieuwe onderzoekscommissies op touw worden gezet die steeds weer met dezelfde soort oplossingen komen. Blijkbaar is daar onvoldoende van geleerd.

Weinig fiducie

Twee van de bovenstaande maatregelen zijn opvallend, omdat een ­andere onafhankelijke commissie daar een paar maanden terug nog weinig voor voelde. Dat is de Commissie Toekomst Accountancy (CTA). Die is op last van minister Hoekstra van financiën sinds 2018 óók bezig de sector onder de loep te nemen. Afgelopen oktober kwam de CTA met een tussenrapport waarin ze een rijksaccountant en joint audit niet nodig achtte. Tot opluchting van de sector.

De MCA is dus minder optimistisch. De commissie zou het liefst zien dat de accountantswereld intrinsiek gemotiveerd aan de slag gaat, maar heeft daar weinig fiducie in. Niet in de laatste plaats omdat “juist ook het huidige proces onder politieke druk is afgedwongen”. Zonder voldoende resultaat.

Overigens boekten de ‘Grote Vier’ (KPMG, Deloitte, EY en PwC) wel de grootste verbeterslag, al blijft er ook voor hen werk aan de winkel. Verder ziet de MCA dat de toon aan de top is veranderd. Die top doet meer tegen werkdruk en fraudebestrijding dan vijf jaar geleden.

Lees ook:

Het imago van accountants is beroerd, toch hoeven ze niets te veranderen

Het imago van accountants is beroerd. Toch zijn ingrijpende maatregelen niet nodig, adviseert een commissie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden