Theo de Groot geeft uitleg over de nieuwe soorten biomassa.

Duurzaam stoken

Zullen olijfpitten, paprikapulp, wilgenstengels en olifantsgras Nederlandse huizen gasvrij maken?

Theo de Groot geeft uitleg over de nieuwe soorten biomassa. Beeld Maarten Hartman

Boomsnippers verbranden voor energie is omstreden. Deels onterecht, vindt Theo de Groot. De aanbieder van ‘bioketels’ zoekt alternatieven: zullen olijfpitten, paprikapulp, wilgenstengels en olifantsgras Nederlandse huizen gasvrij maken?

Een zure geur vult de ruimte. In de showroom in Barneveld, vol geel-zwarte houtketels, staan vuilniszakken, emmers en glazen potten geopend op tafel. Ze zijn gevuld met korrels en snippers. “Dié is het”, wijst Theo de Groot (48), mede-eigenaar van het bedrijf, de schuldige aan. “Het meurt hè?” In de stinkende zak zitten gedroogde snippers van paprikaplanten.  De Groot laat de harde, roodbruine snippers tussen zijn vingers knisperen. “Hier kunnen we wat mee”, grijnst  hij. Dit onwelriekende goedje kan namelijk dienen als brandstof voor de ‘bioketels’ die zijn bedrijf KWB verkoopt. 

Cijfers heeft hij niet, maar De Groot ziet flinke volumes van resten uit de tomaten- en paprikateelt, uit het Westland vooral. Ook pitten uit de kersenindustrie van de Betuwe kunnen volgens hem een ‘biomassabron’ worden. Net als olijfpitten, die op grote schaal overblijven in Zuid-Europa. In Spanje staan zestig miljoen olijfbomen die jaarlijks een miljoen ton olijfpitten opleveren. Tel daar de olijfindustrie van Italië en Griekenland bij op en er zou jaarlijks vijftien miljoen ton aan pitten klaarliggen. “Die zou je met vrachtverkeer, dat nu vaak leeg terugkeert naar Nederland, verantwoord deze kant op kunnen halen.” 

Ook op Nederlandse grond kan ‘energiegewas’ worden geteeld, zegt De Groot. Olifantsgras bijvoorbeeld, een snel groeiend gewas (officiële naam: miscanthus) waar in Duitsland en Oostenrijk al enkele duizenden hectares mee vol staan. En dan heeft hij het nog niet eens gehad over de kansen van snelgroeiende wilgentakbosjes in Nederland. Met vijf hectare kun je al woonwijken van warmte voorzien, zegt hij. “Moderne nieuwbouw heeft bijna geen energievraag meer.” Met een ton biomassa per jaar, te oogsten uit kweekbosjes van wilgenstengels, kun je een nieuwbouwhuis een jaar lang verwarmen. 

Zeven miljoen huishoudens

In 2030 moeten zeker 1,5 miljoen Nederlandse huizen aardgasvrij zijn, beoogt het Klimaatakkoord, waarvan eind deze maand de definitieve versie wordt verwacht. Nog eens twintig jaar later moeten álle zeven miljoen huizen van de cv-ketel en het gasfornuis af zijn. Het gros zal een warmtenetwerk in de straat krijgen of overstappen op een elektrische warmtepomp. En een klein deel, nauwelijks te isoleren historische panden of afgelegen huizen in het buitengebied, kan volgens het Klimaatakkoord van fossiel gas omschakelen naar groen gas. “Maar dan vergeten ze toch echt de bioketels”, vindt De Groot. 

Dat er over biomassa en houtstook een hevige discussie woedt, weet hij als geen ander. Het is een van de redenen dat hij, samen met andere ketelbedrijven, op zoek is naar pitten, plantenresten en wilgenstengels als nieuwe toekomstige biomassa, zonder dat er nog hout van grote bomen nodig is. Maar voorlopig doet De Groot nog goede zaken met ketels die boomsnippers verstoken. Zijn bedrijfslogo is een boompje, stevig en vol blad.

In de vensterbank van de showroom liggen stukken boomschors, ter decoratie. De muur is beplakt met behang waarop een bos is afgedrukt. Hier en daar liggen stapeltjes glanzende reclamefolders. De een bevat een ‘brandstof-ABC’, met plaatjes van houtkorrels in alle soorten en maten. Op een ander staat: ‘De voordelen van biomassa’. De Groot gelooft er helemaal in. De ondernemer, naar eigen zeggen ‘geboren tussen leidingen en koppelingen’ in een familie met een eigen installatiebedrijf, legt zich al vijftien jaar toe op biopelletketels. “Hout is opgeslagen zonne-energie”, zegt hij glunderend. 

Maar de druk om handen af te houden van bomen, die het broeikasgas CO2 opslaan, neemt toe. Een groep van 63 milieuorganisaties riep onlangs op tot een einde aan bomenkap, waarvan een deel als biomassasnippers wordt verkocht aan de energiesector. Jammer, vindt De Groot. Omdat kap- en snoeihout prima bruikbaar zou zijn in bioketels. De eerste landhuizen, zwembaden, appartementen en voetbalclubs zijn al succesvol aardgasvrij geworden dankzij bioketels die draaien op lokaal resthout. 

Schadelijk stof

Gezondheidsorganisaties RIVM en GGD waarschuwden voor de uitstoot van fijnstof en stikstof door biomassacentrales. Die uitstoot is wel te beperken, denkt De Groot, door kleine ketels uit te rusten met geavanceerde filters. “Torrificeren helpt ook.” Dat betekent dat houtstukjes eerst worden geroosterd in een fabriek. Daarbij wordt schadelijke stof gefilterd, zodat er minder vuile stof vrijkomt als de korrels in een woonwijk in een ketel worden verbrand. 

De Groot loopt weg, het magazijn in, en keert terug met een karretje waarop de binnenkant van een bioketel te zien is. “Het hart van de machine.” Er zit een lopende band in die elk type biomassa – van wilgensnippers tot olijfpitten – in het juiste tempo kan doorvoeren in de vergasser. 

De discussie over hout verbranden voor energieproductie ebt niet zomaar weg, verwacht De Groot. Dat is volgens hem te wijten aan andere branches die hout gebruiken voor energieproductie. “De grote jongens in de energiesector doen biomassa geen eer aan.” Kolencentrales stoppen grote hoeveelheden houtkorrels in hun oven. Die importeren ze in bulkschepen, vanuit Noord-Amerika en de Baltische Staten. De Groot: “Houtstukjes de hele wereld over laten reizen, om er in onze kolencentrales stroom van te maken? En op die stroom vervolgens elektrische warmtepompen laten draaien in matig geïsoleerde huizen?” Hij fronst zijn wenkbrauwen en zucht. “Daar kan ik met mijn verstand niet bij.” 

Beeld Maarten Hartman

“Er klopt geen mallemoer van”, vindt De Groot. De kolencentrales bezoedelen volgens hem het imago van alle soorten biomassa. Ook de openhaardensector is volgens hem bepaald geen reclame voor warmtewinning uit hout. “Haarden verwarmen totaal niet efficiënt, en ze leiden tot rookoverlast. Iemand die een haard stookt bij windstil weer en met slecht gedroogd hout verpest het voor de hele buurt. Voor carapatiënten is dat een ramp.” 

Aardgasvrij maken

Met zijn houtpelletketels wil De Groot zich dan ook niet associëren met de kolen- en haardensector. Om dat te onderstrepen liet de bioketelbranche het onderzoeksbureau CE Delft op een rijtje zetten wat de ketels kunnen betekenen bij het aardgasvrij maken van Nederland. Tienduizenden tot zelfs honderdduizenden kleinere bioketels zouden er in 2030 bij kunnen komen om Nederland aardgasvrij te maken, aldus de onderzoekers. De interesse in zijn product groeit, zegt De Groot. Maar tegelijk vreest hij dat de politiek alles wat met houtstook te maken heeft aan banden zal leggen. 

Aan het sentiment dat elke vorm van bomenkap uit den boze is, stoort De Groot zich, zegt hij. “Kap is nodig voor gezond bosbeheer.” Biomassa is daarvan een restproduct, vindt hij. Ook bosbeheerders zeggen dat. Staatsbosbeheer stelt dat er nooit bomen worden gekapt met als doel ze als biomassa te verkopen. Natuurmonumenten besloot evenwel tijdelijk te stoppen met kappen, vanwege hoog oplopende emoties in de achterban.

Het is “diep triest”, zegt hij over de mensen en organisaties die eisen dat er geen enkele kettingzaag meer ronkt in de bossen. “Twee weken terug ging ik wandelen bij de Hoge Veluwe, waar ik woon. Er was een strook bos weggekapt. Er kwamen mensen aanfietsen, die zeiden: ‘Wow, het lijkt hier wel oorlogsgebied.’ Maar wat ze niet zagen was een informatiebordje.”

Als bewijs zette De Groot het geheel op de foto. Het bos werd deels weggezaagd om de lokale biodiversiteit te bevorderen, stond er. “Dat willen milieuorganisaties toch ook, lijkt me.”

Lees ook:

Reusachtige houtkachels leveren duurzame energie, maar zijn ook een bron van zorgen
Er komt landelijk onderzoek naar houtstook voor energieproductie. Want terwijl bedrijven grote centrales willen vullen met Nederlandse én buitenlandse snippers, leven er zorgen over het effect op luchtkwaliteit en milieu.

Meer dan zestig milieuclubs eisen dat Staatsbosbeheer nu echt stopt met bomen kappen
Bosbeheerders moeten hun zagen wegleggen, eisten 63 milieuclubs afgelopen april. De vraag naar hout voor ‘bio-energie’ lijkt die wens te blokkeren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden