Roggenplaat met geul.

Reportage Roggenplaat

Zand moet bedreigde Roggenplaat redden

Roggenplaat met geul. Beeld Edwin Paree - Rijkswaterstaat

Eén van de grootste getijdenplaten in de Oosterschelde wordt opgehoogd zodat vogels er meer plek hebben om voedsel te zoeken. 

Zij aan zij staan duizenden scholeksters, wulpen en rosse grutto’s in het goudgele zonlicht. De snavels peuren razendsnel in de zachte bodem, op zoek naar schelpdieren, wadpieren en andere prooien. In de verte luiert een groepje gewone zeehonden. Alleen de natuur ‘maakt lawaai’. Voorts niets dan stilte. Stilte en ruimte. De Roggenplaat in de Oosterschelde, op een late nazomermiddag.

“Dit is nou precies waarover het gaat. Het belang van de plaat voor honderdduizenden vogels en tientallen grijze en gewone zeehonden. Voor hen én de honderden andere organismen van dit intergetijdengebied is de ingreep noodzakelijk. En natuurlijk voor het landschap; die droogvallende platen in het almaar van kleur verschietende water. Dáárom moeten we ophogen. Daarom moet de toekomst van de Roggenplaat worden veiliggesteld.”

Voedselrijkdom is er ongekend

Een betere ambassadeur voor het ophogen van de Roggenplaat dan Tom Ysebaert van het Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ) en Wageningen Marine Research is nauwelijks denkbaar. Vol vuur verhaalt hij over kanoeten, bonte strandlopers, zeeduizendpoten, wadpieren, nonnetjes en slijkgapers.

De Roggenplaat is een 1460 hectares grote plaat dicht bij de monding van de Oosterschelde. Dankzij die ligging vlak bij zee is de voedselrijkdom er ongekend. Het is een intergetijdengebied: de plaat valt droog bij laagwater en stroomt onder bij hoogwater.

Door de aanleg van de Oosterscheldekering is de stroming van het water veranderd. De zeearm heeft zandhonger; de platen kalven meer af dan ze aangroeien en verdwijnen dus steeds verder onder water. “En daarmee dreigen belangrijke ecologische functies uiteindelijk te verdwijnen”, schetst Ysebaert. Volgens berekeningen komt de plaat ergens tussen 2050-2070 niet meer boven water.

Kanoetstrandlopers. Beeld Jasper Doest

Voor vogels is de Roggenplaat, één van de grootste getijdenplaten in de Oosterschelde, belangrijk op de trek van noord naar zuid en vice versa. Tot 250.000 vogels bouwen er hun vetlaag op voor de volgende etappe op de trek. Bij hoogwater vliegen ze de dijk over om in een voedselrijk, brak natuurgebied (bekend onder de naam Plan Tureluur) te overtijen. Ook in de wintermaanden is de plaat volgens Ysebaert onmisbaar voor vogels als wulp, bonte strandloper, kanoet en drieteenstrandloper. Gewone en grijze zeehonden rusten er jaarrond.

Ophoging is nodig. Het werk wordt uitgevoerd in opdracht van Rijkswaterstaat (RWS), beheerder van de Oosterschelde. RWS is uitvoerder en eindverantwoordelijke, en werkt nauw samen met onder meer de provincie Zeeland en Natuurmonumenten. Wageningen Marine Research en NIOZ monitoren. Niet dat Natuurmonumenten gezag over de zeearm heeft. Maar, zegt Frans van Zijderveld van Natuurmonumenten, als ‘hoeder van natuur en landschap’ is de organisatie medevoorvechter van de ophoging. Bovendien beheert de natuurorganisatie een groot deel van Plan Tureluur en enkele stukken intergetijdennatuur. Daarom ook hield de natuurorganisatie in 2013 een crowdfundingsactie. “Het is met 13.500 euro het kleinste onderdeel van de benodigde 12,3 miljoen euro, maar zonder onze actie was de ophoging er wellicht nooit gekomen. Het maatschappelijk draagvlak hielp toenmalig minister Schultz (infrastructuur en milieu, red.) en staatssecretaris Dijksma geld vrij te maken voor de Roggenplaat.”

Boskalis aan het werk op de Roggenplaat. Beeld Jasper Doest

Even zijn de mannen afgeleid. Oogverblindend vliegt een grote groep rosse grutto’s kantelend door de lucht. Ze lijken te spelen met de lage zon, afwisselend tonen ze hun lichte en donkere kant. Behoud is nodig, maken de mannen duidelijk, maar de mosselkwekers die nabij de Roggenplaat mosselpercelen exploiteren, lagen dwars. Na twee jaren van inspraakprocedures en wettelijk gevecht besloot de Raad van State dat de zandsuppletie mag worden uitgevoerd. Er wordt ver van de mosselpercelen gecontroleerd gewerkt zodat schelpdieren noch vissers schade ondervinden.

Bulldozers

Het ophogen kan beginnen, maar is het niet simpeler iets aan de Oosterscheldekering te wijzigen? “Nee”, reageert Eric van Zanten van Rijkswaterstaat. “De Oosterscheldekering staat helemaal open. Met het sluiten van een of meer schuiven maak je het probleem erger.”

En dus is aannemer Boskalis aan zet. In totaal wordt 1,3 miljoen kuub zand op de Roggenplaat aangebracht, verdeeld over zeven plekken. Eerst wordt een persleiding over de plaat gelegd. Het benodigde zand is afkomstig uit een diepe geul, de Roompot, vijf kilometer verderop. Met een schip wordt steeds 3000 kubieke meter naar de plaat gebracht. Bulldozers verdelen vervolgens het zand op de juiste hoogten.

Zelfs voor Boskalis is dit een ingewikkelde klus, vertelt projectmanager Corné Appelo. De plaat ligt per etmaal maar twee keer gedurende vier, vijf uur droog genoeg om er met bulldozers op te rijden. Zodra het water opkomt, moeten deze dus op drijvende pontons worden gereden om daarop te wachten tot de zandplaat weer begaanbaar is. Uiterlijk 1 april moet de klus geklaard zijn.

Steriel zand

Voor de vogels breekt dan nog niet direct een mooie tijd aan, legt Ysebaert uit. De zeven locaties waar zand is opgebracht, zijn tijdelijk ‘dood’. In het steriele zand zit geen bodemleven zoals pieren en zeeduizendpoten, en de schelpdieren zijn verdwenen onder het zand. Het duurt enkele jaren voor de zaak is hersteld. Toch ziet de ecoloog die niet als een onoverkomelijk probleem. “Het zand wordt aangebracht op delen van de plaat die nu al minder aantrekkelijk zijn voor de vogels juist omdat ze laag liggen. Bovendien beperkt de zandsuppletie zich tot 240 van de 1460 hectares die de plaat groot is. Na twee, drie jaar zal het ecosysteem daar grotendeels hersteld zijn.”

De natuur betaalt tijdelijk een prijs, maar deze valt in het niet bij de enorme voordelen, benadrukken alle partijen. Met deze suppletie is de toekomst van de Roggenplaat in elk geval weer voor 25 jaar verzekerd.

Het is inmiddels half negen geworden. De lucht wordt een schilderij. De zon zakt weg in de Oosterschelde, de wolken vlammend rood kleurend. Het water komt op. Zeventienhonderd vogels vliegen op, de zeehonden glijden in het water. Langzaam verdwijnt de plaat.

Kosten

De suppletie kost in totaal 12,3 miljoen euro. De rijksoverheid betaalt 6 miljoen euro, de Europese Commissie 2 miljoen (zogeheten Interreg). Het overige geld is bijeengebracht door onder meer de Oosterschelde-gemeenten, de provincie Zeeland en kleinere financierders waaronder Natuurmonumenten.

Bodemleven

Niet omdat het voor de vogels strikt noodzakelijk is, maar bij wijze van proef voor andere suppleties, krijgt één locatie een injectie met bodemleven. Er wordt zand met wadpieren, zeeduizendpoten en kokkels opgebracht. Doel is te kijken hoeveel dit de herkolonisatie versnelt. Ook de nabijgelegen Galgeplaat lijdt aan zandhonger. Nu de Roggenplaat in uitvoering is, wordt een zandsuppletie op de Galgeplaat voorbereid.

Lees ook: 

De mossel moet de redding worden van dit vogeleiland

Het afkalvende Waddeneilandje Griend dreigde te vergaan. Door zand en schelpen aan te laten rukken, is de vogelhotspot vorig jaar gered, voorlopig. Mosselen kunnen Griend er structureel bovenop helpen, denken onderzoekers.

De nieuwste eilanden van Nederland

Natuurmonumenten heeft de smaak te pakken. Bij vijf nieuwe eilandjes in het Markermeer hoeft het wat de natuurbeschermingsorganisatie betreft niet te blijven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden