Reportage Symposium goudjakhals

Wie is er bang voor de neef van de wolf?

Een speciale camera legde in februari 2016 op de Veluwe de goudjakhals vast. Beeld ANP

Na de wolf kondigt de goudjakhals zich in rap tempo aan in Nederland. Een symposium met een Oostenrijkse goudjakhalsexpert moet veehouders, terreinbeheerders en jagers geruststellen.

“Aaaooow!” Biologe Jennifer Hatlauf van de Weense BOKU Universiteit gooit haar hoofd in haar nek en houdt haar handen als ware een toeter om haar mond, terwijl ze de huil van een goudjakhals imiteert. Hij huilt hoger dan een wolf, zegt ze, en klinkt een beetje als een zeurderige hond. Hatlauf is kort van stuk maar spreekt luid en levendig. Het hoge nachtelijke gejank geeft toehoorders meteen kippenvel, verzekert de onderzoekster: “Je armharen gaan er recht van overeind staan.”

De zaal beantwoordt de jakhalsimitatie met bulderend gelach, maar luistert daarna ademloos. Een kleine honderd mensen, onder wie biologen, natuurbeschermers, boswachters, jagers en boeren, heeft zich eind vorige maand verzameld in een lokaal van Aeres Hogeschool in Wageningen voor een symposium over de  goudjakhals. Hatlauf is speciaal uit Oostenrijk gekomen om haar inzichten te delen na vier jaar veldwerk in de Oostenrijkse bossen. Zij moet de aanwezigen gerust zien te stellen.

De eerste vage beelden

Nog geen jaar na de komst van de wolf in Nederland verschenen ook de eerste vage beelden van een goudjakhals, in 2016 vastgelegd door wildcamera’s op de Veluwe. Het waren spannende tijden voor natuurliefhebbers. In 2018 leek het opnieuw prijs te zijn, toen online­­ een filmpje circuleerde van een hondachtig beest in de bossen bij Ruurlo. De gemoederen raakten flink verhit, maar helaas: het betrof een reclamestunt voor een anti-teken­middel.

Tot op de dag van vandaag worden links en rechts veel wolven ‘gezien’, wat jaarlijks tot wel tweeduizend meldingen oplevert bij het Wolvenmeldpunt. Het is meestal loos alarm, zegt Glenn Lelieveld van het meldpunt: “Soms is het een kudde wilde zwijntjes, een vos of een loslopende hond.” Maar een goudjakhals? Nee, die wordt niet gemeld.

Toch zijn meldingen niet heilig, zegt Lelieveld. “Misschien is de goudjakhals al in ons midden. Wat er met de goudjakhals uit 2016 gebeurd is, weten we immers niet.” Bovendien is de jakhals in Oostenrijk nog maar een handvol keren gezien, terwijl hij daar al zeker sinds de jaren tachtig ronddwaalt. Hatlauf: “Het is een ongrijpbaar dier dat verscholen leeft, en daardoor moeilijk te onderzoeken is.”

De neef van de wolf

De goudjakhals, de Canis aureus, is de neef van de wolf. Neefje, om precies te zijn – hij is namelijk veel kleiner en lichter. Zijn staart is gemiddeld dertig centimeter lang, waar een wolvenstaart wel vijftig centimeter kan worden. En waar een volwassen wolf zo’n vijftig kilo weegt, is de jakhals slechts vijftien kilo zwaar. Verder is hij te herkennen aan zijn spitsere snuit, goudrode vacht en vergroeide voortenen die een kenmerkende pootafdruk achterlaten.

West-Europa is voor de goudjakhals volledig nieuw terrein. Zijn oorspronkelijke leefgebied reikt van de Oostenrijks-Hongaarse grens tot aan de Balkan, naast delen van Azië en Oost-Afrika. De afgelopen decennia dwalen de goudjakhalzen van de Balkan onze kant op. Zwervelingen zijn aangetroffen in Zwitserland, Denemarken en Frankrijk. Afgelopen maand was de zoveelste signalering in Duitsland, in Italië en Oostenrijk heeft de goudjakhals zich al voortgeplant.

Deskundigen bevestigen dat het dier dat in februari 2016 werd vastgelegd echt een jakhals is. Beeld ANP

Waarom hij hierheen komt, is niet duidelijk. Een mogelijke reden is dat de winters warmer zijn en er minder sneeuw ligt, legt Hatlauf uit. De kleine knaagdieren die de jakhals graag eet zijn daardoor beter te vinden. Ook het feit dat er minder wolven in Europa ronddwalen dan ruim honderd jaar terug, is goed voor de jakhals. De wolf is zijn rivaal en die vermijdt hij zoveel mogelijk. Daarnaast gedijt de jakhals bij de verwilderde landbouwgronden in Oost-Europa. Zo goed, dat hij zich makkelijk uitbreidt en op zoek gaat naar nieuwe territoria in het Westen.

Hij heeft maar twee tot drie vierkante kilometer territorium nodig, vertelt ecologe Joliene Wennink. “Als hij een gezin sticht volstaat een kleine vijf tot tien vierkante kilometer. Verder is bosrijk gebied favoriet en zal hij open vlakten waarschijnlijk vermijden.” Daarmee heeft Nederland volgens Wennink plaats voor vijf- tot zesduizend jakhalzen in honderden natuurrijke gebieden zoals de Veluwe, de Oostvaardersplassen en de Utrechtse Heuvelrug. Mocht het wolvenaantal zich verder uitbreiden, dan gaat het nog altijd om zo’n drieduizend goudjakhalzen.

Veehouders zijn er niet gerust op

De boeren op de achterste rij zetten hier hun vraagtekens bij. Wennink geeft toe dat het een relatief lage inschatting is, vijf tot zesduizend stuks. Haar onderzoeksmodel stelt strenge eisen aan een natuurgebied, terwijl de jakhals in de praktijk niet zo veeleisend is. Bovendien zijn Nederlandse natuurgebieden die voorbij de Duitse grens reiken niet in haar onderzoek meegenomen: “Dit is echt een ondergrens, in de praktijk liggen de aantallen waarschijnlijk hoger.”

Het stelt de veehouders niet gerust. Hatlauf sust de zaal met de boodschap dat de goudjakhals vooral knaagdieren zoals ratten en muizen eet. Koeien, net als herten of zwijnen, eet hij alleen wanneer jagers resten achterlaten: “Levend zijn ze veel te groot voor de goudjakhals.” Volgens de Oostenrijkse eet hij ook niet gauw een schaap, maar kan hij die wel bijten. Schrikdraad en een kuddewaakhond kunnen dit voorkomen.

De goudjakhals is niet alleen een vijand van de boer, voegt Hatlauf toe. Het dier kan juist ook een rol spelen in het bestrijden van de veldmuisplaag die de Friese weilanden teistert. Dat geldt ook voor ruiende ganzen die Nederlandse graslanden kaal eten. Bovendien is het dier in tegenstelling tot de wolf geen jager, maar een opportunistische verzamelaar: “Hij eet wat hij in de omgeving kan krijgen. Zo hebben we ook een jakhals gevonden met zijn maag vol mais, paprika en komkommer.”

Gunstige leefomgeving

De jakhals is een nieuwkomer in het Nederlandse dierenrijk, maar niet in de Europese Unie. Onder de Habitatrichtlijn van de EU is Nederland dan ook verplicht om het dier een gunstige leefomgeving te bieden, zegt Peter Venema, beleidsadviseur Natuur en Landschap voor de Provincie Drenthe en co-auteur van het Interprovinciale Wolvenplan. Hij heeft een volle baard en draagt zwarte klompen onder zijn spijkerbroek. “Volgens de Europese­­ richtlijn moeten we monitoren of de goudjakhals hier is en hoe het hem vergaat.”

Daar zijn de jagers en boeren in de zaal het niet mee eens. De goudjakhals kan wel degelijk een gevaar zijn voor schapen en weidevogels op het platteland, stellen ook Lelieveld en Hatlauf. Maar volgens Venema is schieten niet het antwoord: “De vossen lieten zich ook niet makkelijk wegjagen. In dat geval past de soort zich aan door meer en eerder in het jaar jongen te werpen.” Bovendien is jagen volgens de EU-richtlijn verboden. “Mocht hij schade toebrengen aan boerderijen of woongebieden, dan is jagen bij hoge uitzondering mogelijk.”

Er is nog geen nationaal plan voor de goudjakhals, zoals die voor de wolf wel bestaat. Schade door wolven wordt de komende drie jaar bijvoorbeeld door het provinciebestuur vergoed. De goudjakhals is daarentegen nog een vreemde exoot in Nederland. Venema wil hier in overleg met de provinciebesturen verandering in brengen. Hij schat zijn kansen op succes hoog in: “De teruggelopen biodiversiteit staat nu hoog op de agenda. Vaak grijpen mensen hierbij als eerste in. Het is hoopgevend dat een diersoort het heft in eigen handen neemt.” Of de veehouders er zo ook over denken, blijft de vraag.

Lees ook:

De lynx komt niet, maar de goudjakhals volgt de wolf

In het bos zijn de wilde dieren, zingen Nederlandse kinderen nog altijd, al huist er niet veel wild meer in de bossen hier. Maar in de nabije toekomst kan de zin uit het liedje over Roodkapje iets meer waar worden. 

De wolf is er al, en nu komt ook de goudjakhals naar Nederland

De wolf is er, de goudjakhals komt eraan. Als hij welkom wordt geheten, zal met een aantal jaar ook deze hondachtige in ons land een plaats weten te veroveren. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden