Wie betaalt straks de rekening van onze gasloze toekomst?

Gas wordt afgefakkeld op de NAM locatie Eemskanaal bij Lageland. Beeld Kees van de Veen

Nederland gaat afscheid nemen van het Groningse gas, sneller dan gedacht. Maar wat gaat dat een gemiddeld huishouden eigenlijk kosten? En kan iedereen dat betalen?

Het is een heel bedrag: 18.500 euro. Dat is een gemiddeld huishouden in een gemiddeld Nederlands rijtjeshuis kwijt als de gaskraan dicht gaat. Dat geld gaat op aan een elektrische warmtepomp, ongeveer 6000 euro, die de CV-ketel vervangt, en aan isolatie, 12.500 euro. Milieudefensie heeft dat laten uitrekenen door onderzoeksbureau Ecorys. Het is een forse investering, die de meeste mensen niet zo van hun spaarrekening kunnen plukken. Afscheid nemen van gas kost veel geld, is de boodschap van Milieudefensie, en denk daarom tijdig na hoe mensen dat kunnen betalen.

Sneller omschakelen is rendabeler

Enige context is wel nodig. Die 18.500 euro is het bedrag dat eruit rolt als in 2030 80 procent van de huishoudens los van gas is. Dat is het scenario dat Milieudefensie graag ziet. Het kabinet-Rutte III heeft nog geen concreet doel vastgesteld voor de nabije toekomst. Nu verwarmt aardgas nog de woning van 96,6 procent van de 7,6 miljoen huishoudens. De actiegroep kiest deze doelstelling niet voor niets. De gaskraan in Groningen gaat sneller dicht en Nederland zal hard aan de bak moeten om de klimaatdoelstellingen voor 2050 te halen. Die combinatie rechtvaardigt het ambitieuze doel in 2030, stelt Milieudefensie.

Er langer over doen kan ook, maar dat is relatief duur, rekent Ecorys voor. Bij voortzetting van het huidige beleid zal in 2030 maximaal 25 procent van de woningen geen gas meer hebben. De maatschappelijke kosten van de energievoorziening stijgen dan naar 21 miljard euro per jaar. Zeven miljard extra per jaar en het gaat veel sneller: dat levert een rendabele overstap op naar duurzame warmte, stelt het bureau, waarbij die ambitieuze doelstelling van 80 procent wel wordt gehaald.

Het verschilt per buurt

Uitgaand van 80 procent gasloze huishoudens in 2030 heeft Ecorys vervolgens gekeken wat de meest efficiënte oplossing is voor verschillende soorten huishoudens. Aansluiten bij een warmtenetwerk kost minder dan de aanschaf van een eigen warmtepomp. Maar dat is niet voor iedereen weggelegd. In de Randstad, dichtbij industrie, waarbij restwarmte naar huizen wordt vervoerd, kan dat, maar daarbuiten is het meestal geen optie.

Ecorys heeft uitgezocht hoe die verschillende opties uitpakken voor de inkomensgroepen. Buurten met lage inkomensgroepen blijken overwegend buiten de Randstad te liggen. In landelijke gebieden is er minder restwarmte beschikbaar. Aansluiting bij een warmtenet is dan dus geen oplossing. In deze wijken komen mensen dan uit bij de dure warmtepomp. Omgekeerd wonen hogere inkomensgroepen vaker in de Randstad. Die hoeven minder geld te investeren in het anders verwarmen van hun huis.

De lasten zijn scheef verdeeld

Het zijn precies die ‘oneerlijke’ effecten van de overgang naar schone energie die Milieudefensie aan het licht wil brengen. De grote vraag is wie wat gaat betalen. En als huishoudens al 18.500 euro beschikbaar hebben, of 12.500 voor alleen isolatie, dan is nog de vraag of ze dat daaraan willen uitgeven. Het levert weliswaar op de lange termijn ook geld op, de energierekening wordt immers lager. Dat is welkom omdat de energiebelasting op gas fors zal stijgen de komende decennia. Maar de kost gaat hier ver voor de baat uit.

Voor lage inkomens met een laag energiegebruik is een hoge investering in een dichte gaskraan sowieso niet lonend, constateert Ecorys. Voor lage inkomensgroepen met een hoog energiegebruik op papier wel, maar zij hebben onvoldoende vermogen. Voor huurders ligt het weer ingewikkelder, zij zijn afhankelijk van wat hun woningcorporatie of huiseigenaar gaat doen. Maar ook de middeninkomens met een eigen huis kunnen niet allemaal zomaar 18.500 uitgeven, het geld zit vaak vast in de stenen.

Het kan eerlijker

Om de overgang naar duurzame warmte te versoepelen, zijn financiële maatregelen nodig, stelt Ecorys. Als hele buurten tegelijk van het gas afgaan, is inkoopmacht te creëren. Dat drukt de prijs en heeft als prettige bijkomstigheid dat niet iedereen alles zelf hoeft uit te zoeken. De overheid kan investeringssubsidies verstrekken. Ook zijn leaseconstructies te verzinnen waardoor mensen niet zelf de warmtepomp kopen, maar voor de investering betalen via hun energierekening. Die gaat dan niet omlaag maar fungeert als een soort lening. Ook woningcorporaties kunnen het zo aanpakken. Huiseigenaren mogen bij het afsluiten van hun hypotheek 5 procent extra lenen voor verduurzaming van de woning. Sommige gemeenten en provincies bieden tegen gunstige voorwaarden leningen aan.

Via de energiebelasting kan ook voorkomen worden dat de zwaarste lasten op de lagere inkomens drukken. Onderzoeksbureau CE Delft kwam vorig jaar ook tot de conclusie dat klimaatbeleid, het verminderen van CO2-uitstoot, op de langere termijn de lagere inkomens harder treft. Via bijvoorbeeld een progressieve energiebelasting is daar wat aan te doen. De energietaks stijgt dan met het inkomen.

Ook valt volgens CE Delft te denken aan een soort ‘heffingsvrije voet’ voor energiegebruik. Om niet in ‘energie-armoede’ te vervallen is een minimale hoeveelheid gas en/of stroom dan onbelast. Een ander idee is een systeem van emissierechten voor huishoudens invoeren, zoals dat nu voor bedrijven bestaat. Als rechten om CO2 uit te stoten gelijk over de bevolking verdeeld worden, gaan de hogere inkomens relatief meer betalen omdat die meer energie verbruiken.

Kosten lopen nogal uiteen

Een huis afschakelen van gas kost al heel wat. Een volledig elektrische warmtepomp is rond de 6000 euro. Die werkt het beste met lage-temperatuurradiatoren of vloerverwarming. En daar is goede isolatie voor nodig, reken nog eens 12.500 euro, aldus bureau Ecorys. Particulieren kunnen bij de rijksoverheid subsidie aanvragen voor een warmtepomp en bij sommige lagere overheden, zoals gemeenten, voor isolatie.

Wie verder wil gaan en streeft naar een ‘nul-op-de-meterwoning’ moet dieper in de buidel tasten. Dan is er ook geld nodig voor zaken als een zonneboiler, zonnepanelen, misschien driedubbel glas in de kozijnen. De schattingen hoeveel dat kost lopen nogal uiteen. Volgens duurzaamheidsplatform Urgenda kan een eengezinswoning voor ongeveer 35.000 euro energieneutraal gemaakt worden. Maar met een minder gunstig type huis kan dat ook oplopen tot 85.000 euro, rekent de overheid voor.

Europese subsidie

De steden Apeldoorn, Deventer, Zwolle en Zutphen willen gezamenlijk 40.000 huurwoningen van het gas af halen, meldde de Stentor vorige week. Ze doen dat samen om kans te maken op Europese subsidie. Dat is ook wel nodig, gezien de kosten die de steden verwachten. Die komen nogal fors uit op 60.000 à 67.500 euro per huis. Waarom het bedrag per huis zo hoog uitvalt om alleen de gaskraan dicht te draaien, is onduidelijk. Aan het plan wordt nog gewerkt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden