'We verliezen kostbare jaren waarin straffeloos kan worden doorvervuild'

Een demonstrant tijdens de klimaatconferentie in Durban: 'Er is geen planeet B'. ©EPA Beeld
Een demonstrant tijdens de klimaatconferentie in Durban: 'Er is geen planeet B'. ©EPA

Was de klimaatconferentie in Durban een succes? 'Niks daarvan', zegt voormalig onderhandelaar Bert Metz. 'Het roer moet nu radicaal om.'

Kees de Vré

In politiek en media worden de uitkomsten van de recente klimaatconferentie in Durban veelal beoordeeld als 'voldoende' of 'redelijk'. De doorgewinterde klimaatvergaderaar Bert Metz, net terug uit Durban, kan niet anders concluderen dan dat we na de zoveelste politieke topbijeenkomst 'gewoon tien jaar verliezen waarin straffeloos kan worden doorvervuild. Met grote gevolgen.'

In Durban is afgesproken om in 2015 een bindend klimaatakkoord af te ronden dat in 2020 effectief wordt. "Dat betekent dat tot 2020 geen reparaties plaatsvinden van de almaar toenemende uitstoot van broeikasgassen, afgelopen jaar weer met ruim 5 procent. Alle landen hebben vorig jaar afgesproken dat de gemiddelde stijging van de temperatuur op aarde maximaal twee graden mag worden, liever nog anderhalve graad. Dan zouden de gevolgen - toenemend aantal overstromingen, extreme droogten - nog te hanteren zijn, zo houdt de wetenschap ons voor. Ook in Durban is deze doelstelling weer omarmd als absolute bovengrens. Maar door die tien verloren jaren komen we niet in de buurt van die twee graden. Dan moet je denken aan een stijging van 2,5 tot 5 graden."

Kyoto
Bert Metz is jarenlang op het ministerie van Vrom topambtenaar milieu geweest. Op de roemruchte conferentie in Kyoto (1997), nog steeds een ijkpunt in klimaatland vanwege de afspraken die er gemaakt zijn, leidde Metz de Nederlandse delegatie. Naderhand werkte hij onder meer bij het wetenschappelijk klimaatpanel van de Verenigde Naties, IPCC. Tegenwoordig vertoont de inmiddels gepensioneerde Metz zijn kunsten bij de European Climate Foundation.

Deze denktank heeft meegewerkt aan een onlangs uitgekomen rapport van Unep, de milieu-organisatie van de Verenigde Naties. "Dat rapport - 'Bridging The Emissions Gap' - brengt in kaart wat de beloften voor vrijwillige reducties, gedaan op de conferentie in Kopenhagen in 2009, zullen opleveren. Voorts is gekeken hoe dat zich verhoudt tot de uitstoot van broeikasgassen die zou passen binnen de twee-graden-doelstelling. De conclusie is dat de mondiale uitstoot waarschijnlijk ver boven het toegestane niveau zal liggen."

Dat betekent dat de uitstoot niet veel lager lijkt uit te komen dan wat er zonder de reductiebeloften zou zijn gebeurd, erkent Metz. "De reductie-afspraken in het Kyoto Protocol lopen af in 2012. De beloften die zijn gedaan op de conferenties van Kopenhagen (2009) en Cancun (2010) zijn niet aangescherpt. Die zullen alleen nader worden bekeken in werkgroepen, zo is in Durban afgesproken. Daar zou nog iets uit kunnen komen, maar het is allemaal wel erg vrijblijvend. Er zijn geen mechanismen die afspraken bevorderen.

"Als er regels zijn - bijvoorbeeld voor het berekenen van de in bossen opgenomen CO2- is er veel ruimte om ze naar eigen believen in te kleuren. Dat is jezelf rijk rekenen. Er zijn ook landen - Rusland, Oekraïne en Oost-Europese EU-landen - die minder uitstoten dan in Kyoto is bepaald. Die sparen als het ware hun overschotten op en kunnen die inzetten bij het realiseren van hun beloofde reducties tot 2020. Dat holt de vrijwillige beloften dus flink uit."

Zo laag mogelijke inzet
Metz begrijpt de verzuchting van sommigen om maar op te houden met het maken van afspraken met tweehonderd landen. Dat is niet alleen een fors aantal om overeenstemming mee te bereiken, de landen komen ook nog eens naar de klimaatconferenties met een zo laag mogelijke inzet. "Het zal toch moeten. Tweehonderd landen lijkt een onmogelijke opgave. Maar als je nagaat dat twintig landen verantwoordelijk zijn voor 85 procent van de uitstoot van broeikasgassen en dat landen vaak gezamenlijk optreden, zoals in de EU, dan maakt dat de zaak al een stuk overzichtelijker. En nogmaals, er is geen alternatief."

Metz ziet toch een lichtpuntje. "In Durban is afgesproken dat er afspraken komen voor de situatie na 2020. Dat is goed, want er was niets." Dat is niet cynisch bedoeld? "Zeker niet. We stevenen af op een temperatuurstijging van meer dan twee graden, maar 2,5 graad is toch een stuk beter dan vijf."

De vraag blijft dan hoe de egelstelling op klimaatconferenties te doorbreken. "Landen komen niet alleen met een negatieve houding naar de conferentie, ze kijken ook te veel naar elkaar. Men zit veel te vast in oude overwegingen, dat een goed klimaat (te veel) geld kost. Dat zou de economische groei dempen. De EU heeft wetgeving ingevoerd om in 2020 een reductie van de CO2-uitstoot te bereiken van 20 procent ten opzichte van 1990. Als anderen dit ook doen, wil de EU wel naar 30 procent. Dat gebeurt niet.

Economie vergroenen
"Dat is vreemd, want het is in het belang van de EU om de economie te vergroenen en dus, los van anderen, naar een reductie te gaan van 30 procent. Dat geeft veel voordelen: minder afhankelijk van Poetins Rusland en het Midden-Oosten voor olie en gas, een schonere lucht en groene banen, om mee te beginnen. En zo'n opstelling geldt voor meer landen. Als ze goed zouden nadenken, zal dat een positieve houding opleveren."

Metz ziet dat positivisme wel opkomen. "Een enkele nationale overheid is bezig met plannen voor een groene groeistrategie. Ik zie het in Zuid-Korea, Mexico, Ethiopië en zelfs een beetje in China. Maar ik zie het veel meer bij bedrijven. Veel daarvan zien kansen in die groene economie. Zij kunnen er geld mee verdienen en dus banen scheppen. Ook lagere overheden zien scherper in wat er nodig is. Zij zitten meer bovenop het leven van alledag. Mijn hoop is erop gevestigd dat die beweging sterker wordt, waardoor de nationale en internationale politiek er uiteindelijk niet meer omheen kan. Laten we de komende tien jaar daarvoor gebruiken."

Maar een groene samenleving los van nationale overheden ziet Metz niet van de grond komen. "Die blijven nodig voor het creëren van de noodzakelijke prikkels. Bijvoorbeeld als het gaat om het maken van een gelijk speelveld voor bedrijven die hun kansen in de groene economie willen verzilveren. Een mooi voorbeeld is de subsidie voor de productie en consumptie van fossiele brandstoffen van jaarlijks zo'n 400 miljard euro wereldwijd. De maakt andere, schonere vormen van energieopwekking duur en die krijgen dus weinig kans."

Ramp

Moet zich eerst een ramp voltrekken eer de politiek wakker wordt? "Normaal gesproken leert de mens van rampen, maar in dit geval werkt dat niet. Klimaatverandering is een sluipend gevaar. Het duurt tientallen jaren voordat rampzalige effecten zichtbaar worden. Tegen die tijd is de opbouw van CO2 in de atmosfeer zo groot dat er niets meer aan te doen is. Daarom zijn de komende tien jaar zo van belang.

"Als we vanaf nu de uitstoot van broeikasgassen zouden reduceren, zijn de inspanningen en de kosten daarvan te overzien en zal de klimaatschade beperkt blijven. Benutten we deze tien jaar niet, dan wordt het praktisch onmogelijk dat later nog te compenseren, tenzij landen bereid zijn nieuw gebouwde kolencentrales en energie slurpende gebouwen vroegtijdig af te breken. De klimaatschade zal op termijn enorm toenemen, wat diep kan ingrijpen in economieën.

"Het idee dat business as usual het best is voor de economie - nog steeds de dominante opvatting onder economen - is volstrekt achterhaald. Het wordt tijd in te zien dat het roer radicaal om moet."

Wie is Bert Metz?
Bert Metz (1945) studeerde in Delft chemische technologie en promoveerde aan de universiteit in die plaats.

Hij werkte van 1976 tot 1989 op het ministerie van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieu, waar hij zich vooral bezighield met luchtvervuiling. Daarna verkaste hij naar de Nederlandse ambassade in Washington. In 1992 keerde hij terug bij Vrom en ging zich bezighouden met klimaatpolitiek. Hij leidde de Nederlandse delegatie bij de klimaatconferentie in Kyoto. Na die conferentie verhuisde hij naar het Rijksinstituut voor volksgezondheid en milieu (RIVM, nu het Planbureau voor de Leefomgeving), waar hij hoofd werd van de afdeling klimaatverandering en duurzaamheid.

Hij werd gekozen tot co-voorzitter van de werkgroep Maatregelen van het klimaatpanel van de Verenigde Naties, het IPCC. Sinds zijn pensionering is Bert Metz verbonden aan de European Climate Foundation. Hij volgt het klimaatdebat nog op de voet.

De gevolgen van opwarming, graad voor graad
De meeste mensen hebben geen idee wat een wereldwijde gemiddelde opwarming met 1,2 of misschien wel 6 graden inhoudt.Voor zijn boek 'Six degrees' nam de Britse journalist Mark Lynas, tienduizenden wetenschappelijke artikelen door en zette ze om in gewonemensentaal. Op basis van klimaatmodellen van het IPCC en geologische informatie over extreme broeikasperioden in het verleden, beschrijft hij graad voor graad wat een opwarmende aarde betekent.

1 graad: Tropische orkanen duiken op in de Middellandse Zee. Koraalriffen verbleken, Australië verliest tropisch regenwoud en gletsjers in de bergen verdwijnen.

2 graden:
De chemische samenstelling van de oceanen verandert: plankton sterft massaal, tropische koralen verpulveren. Groenland gaat onomkeerbaar smelten. Steden en akkers in de Andes komen droog te staan, bij gebrek aan gletsjers.

3 graden: Tropische orkanen zaaien dood en verderf. Super El Nino's leiden tot chaotische weersomstandigheden. De Noordzee slaat over de dijken, de Rijn overstroomt regelmatig, de Sahara breidt zich uit tot in Europa. In Midden-Amerika vertrekt de bevolking wegens droogte.

4 graden: Sneeuw wordt in de Alpen een zeldzaamheid, stortregens en overstromende rivieren in Europa. In India groeit soms niets meer. Honderden miljoenen mensen zijn op drift. De oogst in China daalt met 40 procent. Het landijs van West-Antarctica staat op instorten. 's Winters is het op de Noordpool 14 graden: bij dooi ontsnappen ondergrondse broeikasgassen.

5 graden: Wereldwijde opwarming, de polen zijn ijsvrij, regenwouden zijn verdwenen, kuststeden zijn verzwolgen. Droogte en overstromingen drijven mensen samen. Door extreme hittegolven keldert nu ook de landbouwproductie in de laatste bewoonbare delen: Canada en Rusland.

6 graden: Methaanexplosies vagen steden weg, vloedgolven en woestijnen slorpen de laatste resten natuur op, giftige gassen doden bijna al het leven op aarde.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden