Waterbeheer

We springen te nonchalant met ons water om: ‘Tijd voor een watertransitie’

In wingebied Groot Huisven wordt de mogelijkheid onderzocht om water vast te houden door sloten te dempen. Beeld Brabant Water
In wingebied Groot Huisven wordt de mogelijkheid onderzocht om water vast te houden door sloten te dempen.Beeld Brabant Water

Droogte of juist plensbuien en toenemende vervuiling laten zien dat het watersysteem zijn grenzen bereikt. Waterschappen en drinkwaterbedrijven roepen samen op tot een omslag in onze achteloze omgang met het water: het is tijd voor een watertransitie.

Wat niet in het water terechtkomt, hoeft er ook niet uit. Logisch. En toch vindt Peter van der Velden, voorzitter van Vewin, de vereniging van waterbedrijven in Nederland, het nodig om deze waarschuwing te laten horen. Net zoals Rogier van der Sande, dijkgraaf van hoogheemraadschap Rijnland en voorzitter van de Unie van Waterschappen, zegt: wat je niet uit de grond oppompt, hoeft ook niet terug.

De boodschap is eenduidig: we springen nogal nonchalant met ons water om. Water is zo vanzelfsprekend, dat we soms vergeten dat er heel wat bij komt kijken om het 24 uur per dag uit de kraan te laten lopen en te zorgen dat stad en land zijn ingesteld op plotselinge hoosbuien of langdurige droogte. Drinkwaterbedrijven en waterschappen vragen daarom samen aandacht van de politiek en van ons, de gebruikers.

Met het manifest ‘Water verbindt’ pleiten ze voor een omslag, een watertransitie, naast de transities die we moeten maken voor energie en klimaat. Water moet weer leidend zijn in de inrichting van het land, stellen Van der Velden en Van der Sande. “De politiek ervaart nog niet altijd de urgentie”, legt Van der Velden uit. “Maar het huidige watersysteem loopt tegen zijn grenzen aan.” Van der Sande: “En de mensen die daar straks last van hebben, hebben nu geen stemrecht.”

Kans op wateroverlast en verzakking neemt toe

In twee afzonderlijke gesprekken komen beide voorzitters met hetzelfde voorbeeld: het plan om binnen tien jaar een miljoen woningen te bouwen. Dat kan niet zomaar overal, zegt Van der Sande. “De vraag is of je nog in diepe polders moet willen bouwen. En of je al die woningen daar wel op de waterleiding kunt aansluiten.” Want de kans op wateroverlast neemt toe, net als de kans op verzakking door uitdroging van de bodem. En de vervuiling. “De druk neemt toe, niet alleen boven, maar ook onder de grond”, zegt Van der Velden. “We moeten het grond- en oppervlaktewater beter vasthouden. Buffers maken en de bronnen van ons drinkwater beschermen tegen vervuiling. Dus moeten we keuzes maken.”

Het Nederlandse drinkwater is uitstekend. Vreemd dat mensen bronwater uit flesjes drinken, zegt Van der Sande. “Ons kraanwater is spotgoedkoop, maar daarmee niet waardeloos.” Maar het kost steeds meer moeite om de topkwaliteit vast te houden, zegt Van der Velden. “Nitraat, medicijnen, industriële stoffen, pfas, oude bodemverontreinigingen en boringen voor aardwarmte; de druk op onze bronnen door vervuiling neemt toe.”

Dreigende verzilting

Nederland is nog ver van de doelstellingen die de Europese Kaderrichtlijn Water stelt aan de waterkwaliteit. De bevolkingsgroei, economische eisen en de klimaatverandering maken het alleen maar moeilijker aan die richtlijn te voldoen. Zo zorgt een lagere waterstand in de rivieren, door droogte, voor een hogere concentratie van de vervuiling, wat leidt tot innamestops uit bronnen die in direct contact staan met het oppervlaktewater. Ook dreigt verzilting van het water in de lagere delen van het land, doordat zoute kwel makkelijker opkomt bij een lage grondwaterstand.

Dat laatste bedreigde twee zomers geleden het water in het IJsselmeer. Afgelopen zomer dreigde door hoge pieken in het gebruik – sproeien en zwembadjes – een tekort aan drinkwater te ontstaan. “Het heeft er even om gespand, maar het is wel gelukt”, zegt Van der Velden tevreden.

“Als drinkwatersector doen we het optimale om de goede kwaliteit te behouden, die essentieel is voor onze gezondheid en welbevinden. Drinkwater moet tegen een redelijke prijs beschikbaar zijn”, zegt Van der Velden. “Mag je dan van de gebruikers vragen om zich wat meer bewust te zijn van de beschikbaarheid van water? En van de overheid om kritischer te zijn op welke stoffen worden toegelaten in de industrie en voor gewasbescherming? Dat betekent: niet achteraf testen, maar vooraf kijken wat de gevolgen zijn als een stof terechtkomt in de bodem en het grond- en oppervlaktewater.”

Waterzuivering als wasserette

Waterzuivering wordt te veel gebruikt als wasserette, zegt Van der Sande. “De stikstofcrisis had een wake-upcall moeten zijn. Maar in de regelgeving voor nitraat moet nog heel wat gebeuren. Ook zitten er door meer gebruik steeds meer medicijnresten in het water. En microplastics, die kunnen wij er niet uitfilteren. We moeten ophouden de problemen aan de achterkant op te lossen, voor waterproblemen bestaat geen vaccin.”

Het is na een tamelijk natte winter redelijk gesteld met het grondwater, zelfs in de hoger gelegen zandgronden in het oosten en zuiden van het land waar het afgelopen zomer en najaar lang droog was. Maar de bodem houdt dat water niet lang vast, het watertekort loopt snel op, waarschuwt Van der Sande. “De afgelopen jaren is het onvoldoende aangevuld en door een hoger gebruik en de klimaatverandering is dat wel nodig. Droge, warme zomers kunnen zorgen voor hittestress in versteende steden, door te weinig grondwater ontstaat verzakking van de bodem. We moeten dus slimmer bouwen en onze steden klimaatbestendig maken.”

Hij noemt twee eenvoudige ingrepen voor de stad: stoeptegels eruit en planten erin en de aanleg van halfverharde wandelpaden. “Als alle inwoners de helft van hun tuin tegelvrij maken en de gemeente de sponswerking van de grond verbetert, komen we al een heel eind.” In het landelijk gebied moet de bodemkwaliteit verbeteren, zodat die zowel wateroverlast als droogte kan verdragen.

Andere teelt en anders bouwen

“We vragen weer wat extra’s”, realiseert de dijkgraaf zich. “Maar niet overal kunnen woningen worden gebouwd, niet overal kan natuur zijn, niet overal kunnen we blijven boeren. In het veenweidegebied zal de waterstand omhoog moeten, om CO2 vast te houden en de bodemdaling te stoppen. Ik zie niet zomaar alle boeren stoppen, dus moeten we slimme manieren verzinnen, zoals een andere teelt en anders bouwen. De oplossingen zitten in de regio. Op de hoge zandgronden zal het maatwerk heel anders zijn dan bij mij in het Rijnland, dat voor 80 procent onder zeeniveau ligt.”

Niet alle overlast is te voorkomen, zegt Van der Sande. “We zijn eeuwenlang gewend de natuur naar onze hand te zetten. Maar de extremen nemen toe, daar moeten we rekening mee houden. Water is er nog genoeg in Nederland, maar niet altijd op de juiste plek en in de goede hoeveelheid. We moeten het beter verdelen.”

Het huidige watersysteem is niet toekomstbestendig, stelt Van der Velden. “We moeten actiever en integraler aan de slag. Als straks de droogte weer toeslaat, niet weer gaan discussiëren wat we moeten doen.”

Wat doen de waterschappen en drinkwaterbedrijven zelf?

Enkapluim

Net nu de waterschappen samen met de drinkwaterbedrijven pleiten voor een zorgvuldiger omgang met het water krijgt waterschap Vallei en Veluwe van de rechter toestemming om een ‘pluim’ vervuild grondwater van de vroegere kunstvezelfabrikant Enka in Ede te lozen op de Nederrijn bij Wageningen, vlak bij een natuurgebied. In plaats van het grondwater ter plaatse te zuiveren. Is dat nou een fijn voorbeeld? “Deze casus laat goed zien voor welke uitdagingen we staan”, zegt een woordvoerder van de Unie van Waterschappen. “Het waterschap doet dit om kwetsbare wateren en natuur te beschermen tegen de verontreiniging. Natuurlijk willen we het liefst het grondwater zuiveren. Helaas zijn de technieken nog niet zo ver en daarom moeten we ervoor zorgen dat dit soort vervuilende stoffen uit de industrie überhaupt niet in het grondwater terechtkomen.”

Tegen het oppompen en in de rivier lozen van de Enkapluim was bezwaar gemaakt door de Stichting Milieugroepen Ede en de Vereniging Mooi Wageningen, die zeer teleurgesteld zijn in de uitspraak van de rechter op 18 februari.

Fietsenstalling Zwolle

Het station van Zwolle heeft sinds december 2020 een nieuwe fietsenstalling, met ruimte voor 5800 fietsen. Maar de stalling is tegelijk een buffer, die kan worden ingezet bij extreme regenbuien die door de klimaatverandering vaker zullen voorkomen. Het stationsgebied van Zwolle ligt vrij laag en kan daardoor als waterberging dienen voor de omliggende wijk Assendorp. Bij de bouw zijn bovendien ‘infiltratie­kratten’ geplaatst, die regenwater kunnen opvangen. Momenteel wordt het stationsplein opnieuw ingericht, met onder meer een vijver en veel planten, die ook overtollig water kunnen opvangen en daarmee bijdragen aan een klimaatbestendige stad.

Drinkwateropslag Hoorn

Het Noord-Hollandse waterbedrijf PWN ­onderzoekt of een ondergrondse waterberging kan zorgen voor een grotere water­beschikbaarheid op haar distributiepompstation in Hoorn. De opzet is drinkwater uit het wingebied in Andijk op te slaan in de ondergrond en die voorraad terug te winnen wanneer dit nodig is, bijvoorbeeld in een lange periode van droogte. Dat vergroot de leveringszekerheid, terwijl de zuiveringscapaciteit niet hoeft te worden uitgebreid. Het onderzoek moet duidelijk ­maken of de waterkwaliteit in de ondergrond goed blijft. Dit jaar zal voor het eerst een kleine hoeveelheid water worden opgeslagen om de kwaliteit te onderzoeken.

Vasthouden en hergebruiken

Brabant Water onderzoekt de mogelijkheid om water vast te houden door sloten te dempen in het wingebied Groot Huisven, dat deel uitmaakt van het natuurgebied Grote Heide, onder Eindhoven. De naam zegt het al: het gaat om een groot voormalig heideven tussen Aalst en Geldrop. Door de afwatering te beperken zou de natuur natter moeten blijven en de grondwaterstand kunnen aanvullen.

In het project Bufferboeren Veghel hergebruikt Brabant Water – samen met waterschap Aa en Maas, ZLTO en enkele boeren uit Veghel en Erp – zogeheten spoelwater, dat vrijkomt tijdens de zuivering van grondwater. In het waterwingebied in Veghel voedt het nu 19 hectare grasland van een melkveehouder. Het water gaat via een pijp van 1,5 km naar een ontvangstput en wordt van daaruit via een subirrigatiesysteem in de grond gebracht. Zo ontstaat een bodembuffer. De boer hoeft dus bij droogte geen grondwater meer op te pompen.

Lees ook:

Het grootste waterbedrijf van Nederland Vitens wil duurzaam worden (maar moet de klant mee krijgen)

Waterbedrijf Vitens presenteert een plan om in 2030 duurzaam te opereren. Of dat lukt, hangt vooral af van de klanten.

Het is tijd voor onorthodoxe waterplannen. Een meer op de Nederlands-Duitse grens bijvoorbeeld

Voor het derde achtereenvolgende jaar is het zeer droog in Nederland. We zullen structureel anders met water moeten omgaan, zegt dijkgraaf Hein Pieper.

Weer meer stikstof en fosfaat in boerensloten

De sloten bij landbouwbedrijven bevatten de laatste jaren weer meer stikstof en fosfaat dan vóór 2017. Dat is een risico bij het winnen van drinkwater en een gevaar voor de biodiversiteit, omdat meer nitraat uitspoelt naar het grond- en oppervlaktewater.

Medicijnresten tasten kwaliteit oppervlaktewater aan

Sloten, rivieren, plassen en meren bevatten beduidend meer resten van medicijnen dan eerder werd geschat, blijkt uit onderzoek van het RIVM en Deltares. Ze kunnen schadelijk zijn voor dieren en planten in het oppervlaktewater.

We willen naar een gifvrij milieu, maar verboden stoffen blijven op de markt komen

Europa wil naar een gifvrije toekomst, maar er komen juist steeds meer chemische stoffen bij. Telkens een stofje uitbannen helpt niet, zegt hoogleraar Annemarie van Wezel. De toelating moet anders.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden