Renske JonkmanBeeld Loek Buter

ColumnRenske Jonkman

We hebben het de hazen natuurlijk veel te aangenaam gemaakt

De hazen lopen inmiddels tot aan het terras. Gisteravond zat d’r eentje naast de tuintafel, de spitse oren opgericht, om na een paar seconden op hoge poten ervandoor te gaan. Wat kwam hij hier doen?

Ik ken hazen vooral als geestverschijningen die zo nu en dan boven het maaiveld uitschieten, om net zo snel te verdwijnen als ze te voorschijn kwamen. Alleen tijdens het ‘rammelen’ zie je ze nog weleens met z’n zessen of achten tegelijk over het omgeploegde land rennen, open en bloot, als een vreemd soort paringsritueel waar onze kroegen te klein voor zijn.

Maar nu zat de haas dus op ons terras. Ook lopen ze in de boomgaard, zitten onder de schommel en stampen nota bene dwars door onze voortuin, door de alliums, kaasjeskruid en phloxen. Straks eten ze in de moestuin nog van de verse scheuten van de wortelen of het loof van de bieten. Afgelopen najaar hadden ze ook al de nieuw aangeplante meidoornheg aangevreten, maar gelukkig kwamen daar, als het onthoofden van een Griekse driekoppige draak, dit voorjaar méér scheuten voor terug en we de hazen dus min of meer dankbaar moesten zijn.

Een hazenparadijs

Maar was dit wel helemaal de bedoeling? Opgegroeid in een West-Fries cultuurlandschap, midden tussen de droogmakerijen, molens en ringdijken, weet ik niet beter dat de natuur (wat we daar ook onder verstaan) zich aan bepaalde grenzen moet houden, dat niet alles kriskras door elkaar heen moet lopen en de ‘wildernis’ op z’n minst voorspelbaar moet zijn.

Ik dacht aan de jager, die afgelopen winter bij ons in de deuropening stond en zei dat er maar weinig hazen achter op ons land rondliepen, misschien door het uitgraven van de greppels? Maar inmiddels hadden we nog eens honderd meter meidoornhaag en een bloemenweide aangelegd, waar de kamille kniehoog en rijkelijk staat te bloeien, zodat de hazen zich overal kunnen schuilhouden en om de zoveel tijd te voorschijn schieten, twee, drie, vier stuks, om even verderop in de akkers te verdwijnen. We hebben het ze natuurlijk veel te aangenaam gemaakt.

Het schijnt dat jonge hazen elke dag, drie kwartier na zonsondergang, vanuit de akkers terugkeren naar de plek waar ze zijn geboren. Een kwartier later komt ook de moeder en worden de jongen gezoogd. De moeder blijft daar een paar minuten zitten en springt weer weg. Dat blijft een maand zo doorgaan tot de moeder plotseling niet meer verschijnt. Vanaf dan bouwen de jonge hazen zelf hun ‘legers’.

’s Avonds, als onze kinderen op bed liggen, denk ik aan al die jonge hazen die drie kwartier na zonsondergang terugkeren naar hun geboorteplek. Misschien verzamelen ze zich wel ergens in ons kamilleveld. Of roept de moer haar jongen vanaf ons terras.

Renske Jonkman schrijft over haar leven op het platteland, tussen boeren en natuurbeschermers. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden