null Beeld Koos Dijksterhuis
Beeld Koos Dijksterhuis

NatuurdagboekKoos Dijksterhuis

Wat zijn toch die lapjes op het strand van Schiermonnikoog?

Na de dagenlang aanhoudende noordenwind liggen er lapjes op het strand van Schiermonnikoog. Ook op andere stranden liggen veel van zulke lapjes. Vaak steken ze als een kratertje omhoog. Ze zijn vrij stevig en als je niet beter weet, zou je ze kunnen aanzien voor de zoveelste kunststof handelswaar die uit de zoveelste overboord geslagen container van het zoveelste mammoetschip dat tegen beter weten tijdens storm te dicht langs de eilanden vaart.

Maar het zijn geen plastic handelswaren, het zijn ook geen siliconen die ‘de vrouwelijke natuur een handje helpen’, om een advertentietekst te citeren. Nee, het zijn de eieren van zeeslakken, die gek genoeg wel genoemd zijn naar tepels, omdat ze daarop zouden lijken: tepelhorens dus. De eitjes zijn op de zeebodem afgezet, losgewoeld en naar het strand geblazen.

Als moeder tepelhoren eitjes legt, kneedt ze een kleverig mengsel van slijm en kleine zandkorreltjes, waarin ze de eitjes verpakt. Met het gelatineachtige plaksel lijmt ze de eitjes aan elkaar, in steeds kleinere cirkels, tot er een kratertje op de zeebodem staat. Tegen de tijd dat de baby-tepelhorens er klaar voor zijn, lost het gelatineplaksel op en kruipen ze weg.

Tepelhorens zijn roofslakken. Ze boren een kogelrond gaatje in de schelp van een levend schelpdier dat zich veilig in zijn doosje waant. Daardoor zuigen hun prooi naar buiten, of liever gezegd: werken hem erdoor naar binnen.

Eitjes van de tepelhoren. Beeld Koos Dijksterhuis
Eitjes van de tepelhoren.Beeld Koos Dijksterhuis

De tepelhoren omsluit de schelp met zijn voet en steekt zijn tong uit, de radula genoemd. Dat is een ronde, ruwe boortong, bedekt met duizenden tandjes. Die wordt heen en weer gedraaid met eindeloos geduld, en raspt een gaatje door de schelp. Het boren kan wel een halve dag duren, en een radula slijt daarvan. Hij groeit daarom continu door. Omgekeerd moet een tepelhoren regelmatig boren, omdat zijn radula anders te lang wordt, als de doorgegroeide tanden van een konijn.

Drie keer per week schrijft bioloog Koos Dijksterhuis over iets wat groeit of bloeit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden