Waarom het zo moeilijk is om geen vlees meer te eten

©Trouw Beeld Karin Luiten

Ja, we weten het nu wel, denkt u misschien bij het gisteren uitgebrachte advies van de Raad voor de Leefomgeving: minder vlees eten, meer groente. Waarom is het dan zo moeilijk? 

Die bruine boterham met kaas en een dikke laag margarine die vader elke ochtend smeert. De aardappels groente vlees – gehaktballen, slavinken, schnitzels – die zo’n beetje iedere avond de tafel sieren. De vanzelfsprekendheid van spekjes door de andijviestamppot, van hamstukjes door de macaroni, van kaas over welke pasta of ovenschotel dan ook. Het eten van dierlijke producten is in veel huishoudens niet meer dan normaal. De laatste jaren wordt sterker aan die normaliteit getornd. Onder andere gisteren, toen de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (RLI) alle Nederlanders adviseerde om hun eetgewoonten drastisch aan te passen: veel minder vlees, zuivel en eieren, veel meer groente en fruit.

Natuurlijk omdat het gezonder is, maar ook omdat het zorgt voor minder broeikasgassen. Omdat Nederland zich op het verminderen van uitstoot heeft vastgelegd in het Klimaatakkoord van Parijs, moeten ook eetgewoontes op de schop, vindt de RLI. De overheid moet consumenten verleiden om duurzame keuzes te maken.

Het advies van de RLI komt natuurlijk niet als donderslag bij heldere hemel, het is de zoveelste keer dat consumenten horen dat zij minder vlees moeten gaan eten. Waarom vinden we dat zo moeilijk? Volgens consumentenpsycholoog Patrick Wessels is dat niet alleen omdat we geen geld hebben voor een biologisch hamlapje, of omdat we vlees gewoon lekker vinden.

De psychologie achter vlees eten

Er zit ook psychologie achter. Neem gewenning, zegt Wessels: woensdag is van oudsher gehaktdag, dus dat hóórt. En volgens de psycholoog kan vlees eten ook een ‘identiteitsding’ zijn: mensen kennen jou als de persoon die altijd een dubbele portie spareribs bestelt en als het zonnetje doorbreekt de barbecue aanslingert. Het is moeilijk voor je zelfbeeld om daarmee te breken.

De belangrijkste belemmerende factor is het sociale aspect van eten, aldus Wessels. “Vlees eten is de norm. Als je geen vlees eet, moet je dat uitleggen. Daar is cognitieve inzet en zelfvertrouwen voor nodig. Je moet sterk in je schoenen staan. En mensen zijn net waterdruppels: ze zijn geneigd om de weg van de minste weerstand te kiezen.”

In de psychologie wordt in dit verband gerept over het ‘red sneaker effect’, weet Wessels, dat duidt op de van zelfvertrouwen blakende ceo’s van techbedrijven, die tegen de maatpakkenstroom in gewoon een slobberige trui en rode sneakers bij een belangrijke vergadering aankomen. Daar is lef voor nodig en dat heeft niet iedereen.

Carnisme

Dat we vlees eten normaal vinden, is helemaal niet normaal, is al jaren het kritische geluid van de Amerikaanse psychologieprofessor Melanie Joy. Het is juist onlogisch. Joy is bekend van een TedTalk waarin ze begint met een fotoserie van schattige koters die met dieren knuffelen op de kinderenboerderij. En het tegelijkertijd volstrekt normaal vinden dat zij het vlees van die dieren eten.

Joy bedacht het begrip ‘carnisme’, omschreven als de heersende ideologie die mensen conditioneert om de consumptie van dierlijke producten te rechtvaardigen. Omdat wij allemaal doen alsof het eten van dieren, waarmee we als kind knuffelen, gewoon is, wordt het normaal. Dat carnisme is selectief: een hond zouden we in Nederland niet gauw eten, maar waarom een kip dan wel?, is de redenatie van de psycholoog.

Wessels: “Heel veel mensen zijn eigenlijk, diep van binnen, er inmiddels wel van overtuigd dat veel vlees eten niet goed is. Maar het brein houdt er nu eenmaal niet van om tegen zichzelf te zeggen: je doet iets niet goed. Als je te bang dat anderen je om je overtuiging gek vinden, past je brein je overtuiging aan op je gedrag.”

De RLI adviseert de overheid om actief consumenten te beïnvloeden om minder vlees, zuivel en eieren te eten. Wessels: “Door beïnvloeding kan dat de nieuwe norm worden. Maar dat gaat niet zomaar. Ook hier is het sociale aspect belangrijk: mensen moeten bij de vegetarische of veganistische groep willen horen.”

Nu worden veganisten nog vaak gezien als geitenwollensokken-gekkies, ziet Wessels. “Omdat ze afwijken. Maar dat willen ze ook: ze zijn activistisch om een punt te maken.” Volgens hem is het belangrijk dat de populaire tv-kok en de BN'er ook doen alsof het volstrekt normaal is om geen of weinig vlees en dierlijke producten te eten. Want bij die groep willen mensen wél horen.

Lees ook:
Het advies dat de Raad voor Leefomgeving en Infrastructuur gisteren uitbracht. "Voor een duurzamer en gezonder voedselsysteem lijkt een verschuiving in de productie en conscumptie van dierlijke naarm eer plantaardige eiwitten onvermijdelijk." 

Of we wel of geen vlees eten, dieren wel of geen naam geven, zegt ook iets over hoe wij onze verhouding met als mensen met dieren. Filosoof Erno Eskens ziet momenteel een opleving van het idee dat dieren ook personen zijn die op ons lijken en met wie we mee kunnen voelen. Want waarom willen we het nieuwe olifantje van Artis zo graag een naam geven? 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden