Het jaar van de boerDe Lutte

‘Voor je een boer van zijn erf krijgt is de emmer echt wel overgelopen’

De Familie Meijer runt een melkveehouderij en ijsboerderij in De Lutte (Twente). Beeld Herman Engbers

Karin en Taede Meijer runnen een melkveehouderij en ijsmakerij in De Lutte in Twente. De ouders van Karin wonen ook op het erf. Voor ze de boerderij van haar vader overnamen, zaten beiden op kantoor. Maar dat vonden ze maar niks. ‘Nu ben je binnen twee minuten op je werk.’

Wie aan komt rijden bij de melkveehouderij van de familie Meijer in De Lutte krijgt als vanzelf een soort vakantiegevoel. Het is prachtig in dit gedeelte van Twente. Het riviertje De Dinkel loopt hier vlakbij en er is bos voor tien. Klein dingetje: de melkveehouderij van de familie Meijer grenst pal aan een zogeheten Natura 2000-gebied, een beschermde zone waar niet zomaar mag worden gebouwd of geboerd.

Maar daar komen we straks op. Eerst even voorstellen. Op het erf van boerderij ’t Loaboerke zijn Taede en zijn vrouw Karin ‘eindbaas’. Ze zitten samen met de ouders van Karin (beiden 68 jaar) in een maatschap en ze hebben twee kleine kinderen. Baby Hepke van 4 maanden en Tjitze van 1,5.  

Nee, die namen klinken niet zo Twents. Maar Taede komt uit Friesland, vandaar. De vader van Karin helpt nog mee met het verzorgen van de 120 koeien en doet allerlei klussen op het erf maar uiteindelijk is het de bedoeling dat Taede (28) en Karin ( 29) de melkveehouderij overnemen. De ijsmakerij wordt nog een poosje door Karins moeder bestierd, voordat Karins zus de ijsbusiness overneemt. De hele familie woont op hetzelfde erf, de jonge generatie verzorgt de oude. En dat is nou wél typisch Twents. “Het is een gebruik dat je hier vaker ziet dan ergens anders”, zegt Taede.

Taede Meijer heeft zo'n 120 koeien in het bedrijf.Beeld Herman Engbers

Een waarheid als een koe

Dit jaar staat er iets belangrijks te gebeuren bij de familie Meijer. De bedrijvigheid op het erf verraadt al veel. Hier wordt een groot plan uitgevoerd. “Wij zijn nu druk bezig met een verbouwing en gaan waarschijnlijk mijn ouders in juli verhuizen naar een ander huis. Maar wel bij ons op het erf. Een boer moet je namelijk niet van zijn erf halen”, zegt Karin. En dat is een waarheid als een koe.

De bouw schiet al aardig op. Aan de voorkant komt de volledig gemoderniseerde ijsmakerij, aan de achterkant het huis van haar ouders. De reden dat Karin en haar man ervoor kiezen om hier te blijven wonen is niet alleen een typisch Twentse, maar ook een economische. In 2013 hebben ze een moderne stal gebouwd met alles erop en eraan en dat kost een paar centen. Karin: “Wij hebben grote investeringen voor onze koeien gedaan, daarom hebben we besloten bij mijn ouders in huis te blijven wonen. Dat vonden mijn ouders mooi.

“Vooral omdat de continuïteit van het bedrijf hierdoor gewaarborgd is. Op deze plek wordt al ruim 120 jaar geboerd. Mijn ouders hebben dit 40 jaar geleden doorgezet. Zij bouwden een huis, zij zetten de eerste ligboxenstal neer voor de koeien.”

Een eigenwijze Fries

Die diepe band met het erf maakt afstand nemen ingewikkeld. Toen Taede net met Karin getrouwd was en duidelijk werd dat hij een ‘blijvertje’ was en waarschijnlijk zelfs de opvolger, merkte hij soms dat zijn schoonvader het moeilijk vond om ’t Loaboerke, zijn boerderij, te moeten delen. Taede snapt het ook wel: “Dan ben je hier 40 jaar boer en dan komt er ineens zo’n eigenwijze Fries vertellen hoe het moet.”

Karin: “Het was voor mijn vader vooral wennen om na 40 jaar alles alléén te hebben gedaan, eigen beslissingen te hebben genomen, dat er twee net afgestudeerde hbo-boeren het wilden voortzetten op hun manier. En ja, andere tijden, andere ideeën, andere manieren.”

Toch was het voor Taede niet meteen een uitgemaakte zaak om het avontuur hier in De Lutte aan te gaan. “Dit werk gaat tot je dood door, overnemen is geen beslissing van vandaag op morgen.” In 2016 is hij gestopt met zijn kantoorbaan als accountant. Gelukkig maar, constateert hij nu. “Een kantoorbaan vind ik echt verschrikkelijk. Volledig repeterend werk, niks voor mij.”

Ook de vader en moeder van Karin helpen nog mee in het bedrijf en wonen nog op het erf.Beeld Herman Engbers

Administratieve rompslomp

Karin denkt er precies zo over. Zij had ook een kantoorbaan, op de afdeling planning. “Stipt om 8 uur er moeten zijn en dan steeds op dezelfde tijd weer naar huis. Vreselijk. En dan dat reizen iedere keer. Nu ben je binnen twee minuten op je werk.”

Ze zijn wel blij dat ze, voor ze dit avontuur begonnen, de agrarische hbo in Leeuwarden hebben gevolgd. Met al die regels tegenwoordig, en de daarbij behorende administratieve rompslomp, moet je als boer anno 2020 gestudeerd hebben, daar zijn ze wel achter gekomen. Karin: “Je runt wel een miljoenenbedrijf”. Taede: “Om de marge eruit te halen moet je op het scherpst van de snede ondernemen. Dan kun je er vervolgens wel prima van leven, zo is het ook weer.” In de praktijk stopt hij de meeste uren in de boerderij en doet Karin het meeste met de kinderen.

Als we de koeien even goeiedag gaan zeggen in de stal, lijkt het erop dat alle investeringen het wel waard zijn geweest. De dieren hebben ruimte zat, ze kunnen op ieder gewenst moment naar de melkrobot en kijk, daar rijdt net Karins vader met de trekker om de koeien te voeren. “Bij ons staat het dier centraal, zij mag niks tekort komen”, vindt Karin. “Daar-tegenover verwachten wij een hoge productie.”

Het nadeel van een bloeiende melkveehouderij

Dat zit bij de melkveehouderij van de familie Meijer wel goed. Er lopen hier koeien rond die wel 14.000 liter per jaar geven. Een gelukkige koe is een productieve koe, is hier het motto. En daar zijn ze maar wat trots op. Geruststellend is ook dat ze zijn aangesloten bij zuivelcoöperatie FrieslandCampina met altijd de garantie van afzet. Taede: “Die zekerheid is lekker”. Het nadeel van zo’n bloeiende melkveehouderij is weer dat er bij groei allerlei regels om de hoek komen kijken. “Het betekent bijvoorbeeld dat wij ontzettend veel mest moeten afvoeren en extra voer moeten inkopen”, vertelt Karin. “De groei die je maakt levert meer uitstoot aan fosfaat op. Die fosfaatproductie moet je deels ondervangen met uitbreiding van grond.”

En daar zit ’m de kneep. Want kijk maar eens uit het raam. Op slechts enkele tientallen meters buiten het erf van ’t Loaboerke begint net een Natura 2000-gebied, een beschermd domein waar uitbreiding van boerenbedrijven in de meeste gevallen niet is toegestaan. Van de buurman, ook melkveehouder, is de vergunning al ingetrokken, vertellen ze. En die woont er zelfs iets verder vanaf. “Als ik er een stal bij zou willen kan ik dat vergeten”, zegt Taede. Niet dat dat nu al nodig is, vindt Karin, maar in de toekomst mogelijk wel. Je moet als ondernemer bovendien altijd in beweging blijven. “Stilstand is achteruitgang.”

Wat vinden ze eigenlijk van de maatschappelijke wind die de laatste jaren nadrukkelijk in het gezicht van boeren waait? De zorgen vanuit de samenleving over planeet en dierenwelzijn nemen toe en de vingers wijzen meestal naar het platteland. Boeren reageren vervolgens op hun manier door boos de trekker te pakken en naar Den Haag te tuffen met hun John Deere of hun Fendt. Taede en Karin zijn zo onderhand wel klaar met de aanhoudende verwijten richting agrariërs.

Hypocrisie

“De stikstof was wel de druppel wat dat betreft”, stelt Taede. “Natuurlijk moet je verduurzamen, maar er is wel een grens.” Karin is het met hem eens: “Dat vond ik ook het bijzondere aan de protesten. Voor je een boer van zijn erf krijgt is de emmer echt wel overgelopen.” Vooral de hypocrisie van veel mensen, de dubbele moraal, daar kan Taede zich een ongeluk aan ergeren. Iedereen zegt windmolens te willen, als ze maar niet in de achtertuin komen te staan. Karin: “Wij gebruiken geen auto’s om naar ons werk te gaan en ook geen vliegtuigen om op vakantie te gaan. Zonnepanelen hebben we wel overwogen, maar dat komt gewoon niet uit.”

Bieden al die zorgen nog voldoende perspectief voor hun zonen? Hepke en Tjitze zijn nu nog baby en dreumes, maar straks misschien ook boer. Ach, ze zijn zelf ook nog jong, stellen ze vast. Daar al te veel mee bezig zijn zou niet goed zijn. Ze moeten in de eerste plaats lekker zelf kiezen wat ze later willen worden. Maar, merkt Taede: “Het is wel zo dat we elke stap die we zetten, doen met de jongens in het achterhoofd”. Karin: “Met die protesten zeiden we tegen elkaar: wat als ze ons onze vergunruimte (wat je aan stikstof mag uitstoten, red.) afnemen?”

Toch, ondanks alle zorgen en onzekerheden die er leven op het erf, zouden ze niets liever willen dan boer zijn. “Nou en of”, zegt Karin zonder nadenken. “Er is niks mooiers dan een boerderij. We beginnen elke dag om 5 uur ’s ochtends en we stoppen pas als het klaar is. Als je daar niet van kunt genieten moet je direct een bord in de tuin zetten.”

In de serie Het Jaar van de Boer volgt Trouw een jaar lang drie boerengezinnen. Varkenshouders en melkveehouders. Hoe vergaat het ze? Hoe staan ze in het leven? Voor welke keuzes komen ze te staan? Is er bedrijfsopvolging? Hoe kijken ze aan tegen ‘de rest van de maatschappij’, tegen dierenwelzijn en klimaat? Deel 2: Kennismaken met de familie Meijer, melkveehouders uit Twente, aan de rand van een natura 2000 gebied.

Lees ook:

‘Wij boeren moeten laten zien wat we doen’

De familie Noordman uit Lemelerveld runt de Varkenshoff, waar ze zo’n zesduizend vleesvarkens houden. Trouw volgt ze een jaar in hun doen en laten. Wie zijn zij en wat beweegt ze?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden