De stalmuursluiper- Scotophaeus blackwalli. Beeld Frank Castelein

Jelle's weekdier Stalmuursluiper

Van het verhaal over deze spin krijgt u geheid de kriebels

Enkele weken geleden tartte ik de spinnengriezelaars onder u met een stukje over de bananenspin en nu kwam mij een bericht onder ogen dat mij even een ‘iiew’-moment opleverde, gevolgd door een onbedaarlijke lachbui. Een man is door een spin in zijn eikel gebeten. U leest het goed.

Het berichtje stond te lezen op naturetoday.com, de onvolprezen website met Nederlandse natuurnieuwtjes. Dikwijls zijn dat ietwat droge meldingen van een zeldzame dier- of plantensoort die ergens is aangetroffen, of dat het met de natuur te A. of B. niet zo goed gaat, of juist wel. Onder de weinig aan de verbeelding overlatende kop ‘Stalmuursluiper bijt man in eikel’ wordt uit de doeken gedaan dat een meneer in Friesland in pijnlijke aanvaring kwam met een vrouwelijk exemplaar van de spinnensoort Scotophaeus blackwalli. Dat het om een vrouwtje ging, maakt het extra pikant.

Hun prooidiertjes bespringen

Spinnensoorten van het geslacht Scotophaeus komen ook binnenshuis voor. Het zijn spinnen die geen web maken maar actief op jacht gaan naar prooidiertjes en deze bespringen om ze te verschalken. Bij voorkeur doen ze dat ’s nachts. Scotophaeus blackwalli wordt in het Nederlands stalmuursluiper genoemd; daarnaast komt hier de huismuursluiper voor, Scotophaeus scutulatus

Het zijn geen enorm grote dieren; een vrouwelijke stalmuursluiper kan zo’n 10 tot 12 millimeter groot worden. Het mannetje blijft enkele millimeters kleiner, zoals gebruikelijk bij veel spinnensoorten. Maar door hun donkere kleur en een nogal harig achterlijf zien ze er voor veel mensen toch tamelijk griezelig uit. In de praktijk zijn ze dat natuurlijk niet, geen muursluiper zal het in zijn of haar minuscule hoofd halen een mens als prooidier te zien en te bespringen. Maar kennelijk is er in Friesland toch iets misgegaan.

Waarschijnlijk toeval

Het hele verhaal roept de vraag op hoe de fysieke ontmoeting tussen het arme spinnetje en het betreffende lichaamsdeel tot stand is gekomen. Naturetoday meldt daarover het volgende: ‘Het voorval in Friesland is waarschijnlijk te wijten aan toeval. Het dier is tijdens de jacht in de knel geraakt en heeft uit noodweer gebeten. Vervelend voor haar slachtoffer, maar gelukkig geheel ongevaarlijk.’

Toeval dus, het zou kunnen. Toch vraag ik me af hoe een spin op deze lastig bereikbare plaats van het mannelijk lichaam terecht is gekomen. Een lies is geen stalmuur om al jagend overheen te sluipen en dan tijdens de jacht te verdwalen.

Jan Wolkers

De literatuur in de persoon van schrijver Jan Wolkers biedt ons echter nog een andere mogelijke verklaring. In het onnavolgbare verslag van zijn verblijf op Rottumerplaat, waar hij in 1971 een week lang poedelnaakt doorbracht tussen de zeemeeuwen, een dode zeehond en een gewonde scholekster, beschrijft Wolkers een bijzonder experiment. Hij wilde proefondervindelijk aantonen dat een oorwurm niet alleen niet in het oor maar ook niet in een piemel wil kruipen (het experiment slaagde).

Tja. Hoe dan ook veroorzaakt, de spinnebeet in het edele deel was ongevaarlijk. De enige schade die ik mij erbij kan voorstellen is van psychische aard, het is voor de gebeten meneer een weinig eervol voorval. Niet iets om op verjaardagen over op te scheppen.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden