RecensiesMens en natuur

Urenlang lezen, zelfs over parende insecten

Het beroemde ijsfjord bij de stad Ilulissat in Groenland. De ijsfjord staat op de Unesco werelderfgoedlijst.Beeld COLOURBOX

Wat mensen individueel al niet doen, uit liefde voor dieren. Drie nieuwe boeken gaan over de bijzondere band tussen mens en zeehond, insect en zeearend. Het vierde boek waarschuwt: om de natuur écht te redden, is collectieve actie nodig, tegen klimaatgevaren.

Voor wie altijd al wilde weten hoe insecten elkaar het hof maken (en de gekke standjes die daarbij horen)

Aglaia Bouma is schrijver van korte verhalen en romans, maar bij veel mensen toch vooral bekend als insectenkenner en vraagbaak op Twitter als het om kleine beestjes gaat. Haar nieuwe boek beschrijft een wereld waar zij zich de laatste jaren in verloren heeft: het insectenrijk.

Verwacht bij dit insectenboek geen kleurige plaatjes van vlinders en bijen, het is een echt leesboek. Gelukkig weet Bouma de insecten en hun gedrag beeldend te beschrijven. Langzaam ontdekt de lezer hoe interessant, grappig, bizar en soms ontroerend het insectenleven eigenlijk is. In zeven hoofdstukken gaat de auteur de hele levenscyclus van insecten af. Of beter gezegd, het liefdesleven, want ze begint bij de kennismaking en het grote verleiden. Zo beschrijft ze hoe insecten elkaar het hof maken door voor de partner te dansen, te zingen, te kotsen of met giftige vezels te strooien. Vervolgens worden alle gekke standjes van de uiteenlopende paringen beschreven, uitgelegd hoe insecten hun eieren droppen, verstoppen of met hun leven bewaken, tot en met het door Bouma als ‘magisch moment’ beschreven uitsluipen van het volwassen insect uit zijn pop.

Het boek is een aaneenschakeling van fascinerende feitjes. Voorkennis heeft de lezer niet nodig, een flinke dosis interesse wel: de informatiedichtheid is vrij fors en door de uitweidingen over de anatomie van de insecten, voelt het boek zo nu en dan toch als een iets te lange biologieles. De stukken over haar persoonlijke ervaringen en observaties zijn dan ook een welkome afwisseling. Die hadden er best wat meer in gemogen, want de relatie van Bouma met insecten is een interessante. Door een bijna dodelijke hoornaarsteek had ze jarenlang juist een extreme fobie voor insecten. Het boek is dan ook niet alleen een kennismaking van de lezer met het insectenrijk, het laat ook zien hoe de auteur beetje bij beetje haar angst verloor door zich juist in de insectenwereld te gaan verdiepen. Angst maakte plaats voor verwondering, en zorgde uiteindelijk voor een passievol boek.

Aglaia Bouma, Insectenrijk – hoe mijn fobie een fascinatie werd, Uitgeverij Atlas Contact, €22,90

Lenie ’t Hart: als een zeehond, zonder vaste binding

Hoe kan iemand zo geliefd zijn en tegelijkertijd zo verguisd worden? Het is die vraag die bij Nina van den Broek, schrijfster van cultuurhistorische boeken, opkwam toen ze besloot een biografisch portret te maken van Lenie ’t Hart, zeehondenmoeder van Pieterburen. ‘Zo onafhankelijk als een zeehond’ heet het geschreven portret en die titel dekt de lading. Van den Broek wilde de passie van ’t Hart laten doorklinken en dat is gelukt. Al had het hier en daar misschien wat beknopter gekund.

Er zijn sinds ’t Harts eerste publieksoptreden in 1971 honderden artikelen geschreven over de eigenzinnige zeehondenknuffelaar uit het noorden. Van den Broek ging diep de diepte in, ze praatte urenlang met ’t Hart, dook in haar archief, ploos losse aantekeningen uit, bekeek rekeningen, tekeningen en verslagen. En ze besprak en beschrijft ook pijnlijke episoden uit het leven van Lenie ’t Hart, die op 16 september 1941 als Leentje Gotlieb werd geboren in Farmsum bij Delfzijl. Een nakomertje in een gezin van vijf broers. Haar oudste broer was 23 toen Leentje werd geboren.

Dat allesbepalende gevoel voor het kwetsbare zwakkere, heeft er bij Leentje Gotlieb waarschijnlijk altijd al ingezeten. Onderweg op de fiets naar de lagere school liet ze zich onderweg steevast in de strakgeschoren heg vallen van een woning langs de dagelijkse route. Vond ze leuk. Totdat op een dag de bewoner naar buiten kwam. “Mien wicht”, zei hij, “die heg heeft ook gevoel. Wil je dat niet meer doen?” Ze deed het nooit meer. De Nederlandse Jeugdbond voor Natuurstudie heeft haar gevormd.

Ze was zes jaar getrouwd met Joop ’t Hart, schoolmeester te Wedde en hield zijn achternaam toen na zestien jaar een einde kwam aan het huwelijk. “Ik was een flierefluiter. Vrijheid, blijheid. Als een zeehond parend in de vrije wateren, met nergens vaste binding”, zegt ze in het boek. En verderop: “Zorg voor de underdog, dat is mijn levenswerk. Soms op het bemoeizuchtige af.”

Nina van den Broek, Zo onafhankelijk als een zeehond. Het leven van Lenie ’t Hart, Uitgeverij Prometheus, 286 blz., €22,99.

De Nederlandse zeearend kwam, zag en bleef

Hij jaagt al sinds eind jaren zeventig met zijn camera’s op de zeearend, fotojournalist Martijn de Jonge uit Nagele. Die fascinatie begon toen tijdens de strenge winter van 1979 ‘een enorme vogel in de vrieskou met trage slagen langs vogelkijkhut de Grauwe Gans in de Oostvaardersplassen vloog’. De zeearend. Het lukte hem niet om mooie foto’s te maken.

Pas na contacten met Duitse, Zweedse en Poolse zeearendbeschermers en een unieke expeditie om zeearenden te ringen in West-Polen, kreeg hij ze van dichtbij te zien. Met 1992 als hoogtepunt, als hij in Polen een zeearend die geringd moet worden, in zijn armen krijgt. De foto van De Jonge met die Poolse zeearend staat in zijn boek: ‘De zeearend in Nederland’. Dan zie je ook hoe groot en imposant die roofvogel met die kwaaie kop eigenlijk is. ‘Vliegende deur’ wordt-ie genoemd, met zijn spanwijdte van soms meer dan twee meter.

Fotograaf Martijn de Jonge weet heel veel over de zeearend en dat blijkt uit zijn boek. Hij laat de lezer kennismaken met alle aspecten van deze iconische vogel, die na decennia van afwezigheid op eigen kracht een vaste plaats heeft opgeëist in de Nederlandse natuur. Vorig jaar zomer verbleven er 75 tot 100 exemplaren in Nederland, waaronder vijftien paren. Het begon in de Oostervaardersplassen, de Biesbosch, de IJsseldelta en rond het Lauwersmeer. Inmiddels worden de enorme vogels ook gezien bij de Limburgse Maasplassen op de Veluwe, in Drenthe en bij de Waddeneilanden.

Ze zijn waarschijnlijk deels van Duitse afkomst. De ‘oermoeder’ uit de Oostvaardersplassen, schrijft De Jonge, is in 2003 nabij Hamburg uit het ei gekropen. Dat weten we dank zij het uitgebreide Europese ringprogramma voor deze vogels. Een dochter van de eerste zeearend leeft al acht jaar in de IJsseldelta. De imposante zeearend is een blijver, zo veel wordt duidelijk uit dit onderhoudende kijk- en leesboek.

Martijn de Jonge (tekst en foto’s), De zeearend in Nederland, KNNV Uitgeverij, 160 blz., €24,95

Wees burgerlijk ongehoorzaam voor het klimaat

Het is laat, maar nog niet te laat. Het kan nog: klimaatverandering aanpakken en de opwarming van de atmosfeer onder de twee graden houden. Dan moeten we wel nu met z’n allen een ander pad nemen, en niet wandelen maar rennen.

Het is de boodschap van de vrouw die aan de basis stond van het Klimaatakkoord van Parijs, gesloten in 2015. Christiana Figueres was van 2010 tot 2016 de hoogste baas van de UNFCCC, de organisatie die de onderhandelingen over het akkoord in goede banen leidde. Met ‘Wij bepalen de toekomst’ heeft zij een activistisch boek geschreven met pessimistische waarnemingen, maar met een optimistische inslag. Zij maakte het samen met Tom Rivett-Carnac, van het Climate Disclosure Project in de VS en ook betrokken bij de klimaatbesprekingen.

In een soepel leesbaar pamflet zetten ze het belang van klimaatactie uiteen. Ze wijst op de vele rampen zoals bosbranden, dode koraalriffen en gesmolten gletsjers die al hebben plaatsgevonden en wat er allemaal nog aankomt als de mensheid verzaakt in te grijpen, tot aan de eigen ondergang aan toe. Daar blijft het gelukkig niet bij, Figueres voorziet in tien actiepunten die iedereen kan uitvoeren. Zoals de eerste: laat de oude wereld schieten. ‘Wij moeten af van het door fossiele brandstoffen gedomineerde verleden – zonder het de schuld te geven’, stelt ze. Neem een voorbeeld aan Nelson Mandela: vergeven en dan vol overtuiging aan een nieuwe toekomst bouwen.

Actiepunt tien vinden de auteurs het belangrijkst: ga de politiek in. De democratie kan onder druk komen te staan door de klimaatcrisis, maar burgers kunnen daar zelf wat aan doen. Stem op politici die klimaat het belangrijkst vinden, doe mee met geweldloze politieke actie, zoals het blokkeren van verkeersknooppunten door de actiegroep Extinction Rebellion. Burgerlijk ongehoorzaam zijn mag van Figueres, nee, moet. De historie heeft het uitgewezen, stellen ze. Burgerlijke ongehoorzaamheid op grote schaal is noodzakelijk voor systematische politieke verschuivingen.

Christiana Figueres en Tom Rivett-Carnac, Wij bepalen de toekomst. De klimaatcrisis overleven, Uitgeverij Spectrum, €18,99 euro

Lees ook:

Een behapbaar boek over het klimaat dat misverstanden uit de wereld helpt

In zijn boek neemt klimaatwetenschapper Bart Verheggen (1972) de ruimte om op te tekenen hoe het zit met het klimaatprobleem. Hij doet wat een expert in dat geval moet doen: de feiten noemen en verklaren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden