De olievlek in de Golf van Mexico vanuit de lucht gefotografeerd op 6 mei 2010.

Deepwater Horizon

Tien jaar na dato dreunt de olieramp nog na in de Golf van Mexico

De olievlek in de Golf van Mexico vanuit de lucht gefotografeerd op 6 mei 2010.Beeld AP

Tien jaar na het drama met de Deepwater Horizon zijn de gevolgen voor de natuur nog zichtbaar. Van meer bescherming is niets gekomen.

20 april 2010. Een zwarte datum voor de olieindustrie. Het booreiland Deepwater Horizon in de Golf van Mexico van oliegigant BP spuwt vuur. 20 april 2010 is ook een zwarte datum voor de natuur van de Golf van Mexico. De olie spuit alle kanten de zee in, het is een gigantische milieuramp, die wereldwijd de aandacht trekt. 

In 87 dagen lekken zo volgens officiële cijfers 3,19 miljoen vaten olie weg, wat de ramp tot de grootste maakt in de offshore geschiedenis. Vier jaar later deelt BP mee dat die miljoenen liters zwarte drab zijn opgeruimd. 

Maar tien jaar later kampt de Golf van Mexico nog steeds met enorme gevolgen van de ramp. Er is sprake van ernstige milieuvervuiling, aantasting van unieke natuurgebieden en veel, vaak toch al bedreigde diersoorten, zijn in omvang verder gedecimeerd, blijkt uit onderzoek. Die diersoorten gaan extra snel achteruit omdat ze fysiek te zwak zijn om zich voort te planten.

Voor het boren naar gas of olie in de Golf van Mexico gelden wel degelijk regels. De Amerikaanse wet vereist dat regelmatig een risicoanalyse, een Biologische Opinie (BiOp), wordt gemaakt. Daarbij moet ook het effect van olie- of gasboringen worden meegenomen op soorten die dreigen uit te sterven. Op basis van zo’n risicoanalyse kan de overheid dan een boor- en exploitatievergunning verstrekken. 

Bluswerkzaamheden aan de Deepwater Horizon op 22 april 2010.Beeld EPA

Op deze aanpak is wel wat af te dingen, vinden critici. Die BiOps zouden vooral papieren tijgers zijn. Zo bleef de risico-analyse uit 2007 ook na de ramp  met de Deepwater Horizon van kracht, zonder rekening te houden met de daarop volgende milieucatastrofe. Tot verbijstering van natuurorganisaties verraste het bureau van de Natural Marine Fisheries Services (NMFS) dit voorjaar met een nieuwe BiOp, waar ook geen extra bescherming vanuit gaat. 

De rapen zijn sindsdien gaar. Natuurbeschermingsorganisaties bundelden hun krachten en slepen nu de NMFS, een Amerikaanse overheidsorganisatie, voor de rechter. Hun eis: doe dat  broddelwerkje over. Met een onvolledige risicoanalyse in de hand kunnen olie- en gasbedrijven nog makkelijker vergunningen aanvragen voor exploratie en exploitatie in de Golf, is de vrees. 

Joanie Steinhouse werkt voor Turtle Island Restoration Network in de Golf, een van de partijen achter de rechtszaak. “Zo’n risicoanalyse kan zelfs over vijftig jaar nog negatieve gevolgen hebben”, zegt ze vanuit Texas via Skype. Dat ding moet dus van tafel, vindt zij.

Het grootste pijnpunt is de conclusie van de NMFS: een olieramp zoals die met de Deepwater Horizon zou nauwelijks meer kunnen voorkomen. Steinhouse vindt deze naïviteit grotesk. “Juist nu er verder van de kust in dieper water wordt geboord nemen de risico’s van een nieuwe olieramp toe. De NMFS heeft niets serieus onderzocht.” Door klimaatopwarming neemt het aantal forse orkanen toe, zegt Steinhouse. “En uit seismisch onderzoek blijkt dat de diepere zeebodem in de Golf aan het schuiven is. Noem dat maar geen risico.”

Beeld Thijs van Dalen

Ook is er nauwelijks aandacht ­besteed en onderzoek gedaan naar al die diersoorten die kampen met de naweeën van de olievervuiling van tien jaar geleden. De risico’s zijn onvoldoende in kaart gebracht voor de unieke schildpadsoorten in de Golf, voor de tuimelaar, de reuzenmanta, de lamantijn, de Golf-steur, de Bryde walvis, de blauwe krab, maar ook voor garnalen, vissen en vogels, betogen de milieuclubs.

De natuurorganisaties eisen dat de NMFS binnen zes maanden zijn BiOp overdoet en zich daarbij vooral goed documenteert met relevante data en bestaande wetenschappelijke inzichten. Er moet een volledige risicoanalyse komen voor alle kwetsbare soorten in het gebied. 

Het gaat volgens Steinhouse sowieso niet goed met de Mexicaanse Golf. Het begint er al mee dat vijf procent van de olie die vrijkwam bij de ramp in 2010 naar de zeebodem is gezonken en daar nog ligt. “In mangrove en moerasgebieden kun je dit niet opruimen, want dan verniel je nog meer kwetsbare natuur. Het middel wordt dan erger dan de kwaal. Het probleem is dat met die toenemende zware orkanen de olieresten telkens weer uit de bodem naar boven komen en er niet in wegzinken.”

Ook ligt er nog veel olie op de zeebodem over een heel groot gebied. Er is niemand die dat opruimt en dat brengt grote risico’s met zich mee voor het leven in de Golf.

Een vogel wordt gered uit het met olie vervuilde water van Barataria Bay in de staat Louisiana, een paar weken na de ramp met het ­booreiland Deepwater Horizon.Beeld AP

Het lievelingsdier, de dolfijn, de tuimelaar komt in deze wateren veel voor óf beter: kwam veel voor. Tuimelaars zijn vooral bekend dankzij de tuimelaar uit de televisieserie ‘Flipper’. Het aantal tuimelaars in de Golf van Mexico is sinds 2010 gehalveerd. In de jaren net na de olievervuiling spoelden ze bij de honderden dood aan op de kust, bleek uit onderzoek van de Amerikaanse National Wildlife Federation. Een ondersoort, die in de monding van de Mississippi-rivier leeft, is met maar liefst 62 procent gekrompen. 

“We zien chronisch ondergewicht bij tuimelaars. De voedselketen is ernstig verstoord. Dat heeft tot gevolg dat er zeker een kwart minder tuimelaars worden geboren omdat er te weinig voedsel is”, vertelt Steinhouse.

De Bryde walvissen, die tot de reuzen van de oceanen behoren, kennen een ondersoort in de Golf van Mexico en daar zijn er nog dertig tot vijftig van over. “Deze Bryde staat op uit uitsterven”, concludeert Steinhouse.

Generatiegat bij schildpadden

Haar eigen organisatie focust zich vooral op de vijf schildpaddensoorten in de Golf. De Kemps zeeschildpad, een dwergschildpad, komt alleen hier voor. Er zouden nog zo’n 5500 vrouwtjes zijn. Zij zijn te tellen als ze eieren leggen op de stranden van vooral Mexico en minder aan de kust van Texas. De mannetjes blijven onzichtbaar op zee.

“In 2017 zagen we aan de Amerikaanse kant nog 353 nesten met eieren. Normaal gesproken komen de vrouwelijke Kemps binnen drie jaar terug. Maar dit jaar telden we slechts 262 nesten. Waarschijnlijk is de periode tussen het leggen van eieren verschoven naar een interval van vier jaar. Ook hier geldt dat er minder voedsel is, minder blauwe krabben, en dan verlengen schildpadden de tijd om tot reproductie te komen.”

De grote lederschildpad zien we terugkeren, zegt Steinhouse. Maar, zo merkt ze op, daar is wel iets vreemds mee aan de hand. “Het zijn vooral oudere vrouwtjes van twintig tot veertig jaar die eieren leggen. De jonge lederschildpadden, die vanaf twaalf jaar vruchtbaar zijn, zien we niet.” Waarschijnlijk hebben die jonge schildpadden de olieramp niet overleefd. Daarmee valt er een gat tussen generaties dat zich niet meer laat dichten. 

Parkwachters zetten met vrijwilligers in 2017 pas geboren Kemps schildpadden uit op het strand van Texas aan de Golf van Mexico.Beeld AP

Bij kleinere soorten als krabben en garnalen worden veel misvormingen aangetroffen, zoals lege oogkassen en blindheid. Bij vis komen veel huidaandoeningen voor. De populatie lachmeeuwen is met zeker 30 procent teruggelopen.

“Het zal nog decennia duren voordat de natuur zich herstelt”, stelt Steinhouse vast. Tegelijkertijd neemt de druk op de natuur toe, zelfs op het natuurpark dat een deel van de Golf van Mexico beslaat. Gas- en oliebedrijven, de toeristenbranche, de visserij, iedereen staat te trappelen om de zee te exploiteren. “Er zitten in de laatste onzorgvuldige BiOp zoveel gaten, dat er daardoor makkelijk aan vergunningen te komen is.”

Machtige Texaanse oliemaatschappijen

De rechtszaak tegen NMFS is extra belangrijk omdat politieke steun geen vanzelfsprekendheid is. Sinds de komst van president Trump in 2016 zijn veel natuurbeschermingsmaatregelen overboord gezet. Zo is het gebied van de Golf een beetje wildwest geworden waar nog maar weinig regels gelden en het economisch gewin de boventoon voert.

Steinhouse vindt het onbestaanbaar zoals het gaat. De Golf van Mexico kende een prachtige natuur. Nadat de ergste olievervuiling was opgeruimd, trokken overheden hun handen af van het gebied dat zich nog moest herstellen. Oliemaatschappijen gaan onverminderd voort met boren. Steeds verder op zee, steeds dieper, met steeds grotere risico’s. Voor Steinhouse en de vele andere natuurbeschermingsorganisaties is het uur U genaderd. Een nieuwe olieramp is fataal voor de Golf van Mexico en zijn natuurlijke rijkdom aan diersoorten.

“De rechtszaak moet dit voorkomen”, zegt Steinhouse hoopvol. Maar ze weet ook, dat als ze in het gelijk wordt gesteld, de tegenpartij juridisch nog lang niet is gevloerd. Een hoger beroep is snel ingesteld en nadien resten er nog meer mogelijkheden om de zaak juridisch te traineren. Zo kan het nog jaren duren voordat er een definitieve rechterlijke uitspraak is. Want de belangen zijn groot. “De Texaanse oliemaatschappijen zijn zo verschrikkelijk machtig en beschikken over zoveel geld”, verzucht ze gelaten.

Lees ook:

Veel verminkte zeedieren in Golf van Mexico.

Garnalen zonder ogen en vissen met weefselafwijkingen. Steeds meer zeedieren in de Golf van Mexico kampen met ernstige afwijkingen in het gebied waar op 20 april 2010 de ramp met het BP boorplatform Deepwater Horizon plaats vond.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden