Supermarkten kleuren groen

Biologisch vlees in de schappen bij supermarkt Plus. ©ANP Beeld
Biologisch vlees in de schappen bij supermarkt Plus. ©ANP

Supermarkten denken meer na over duurzaamheid. Albert Heijn loopt voorop met zijn eigen keurmerk Puur & Eerlijk. Plus-filiaalhouder Bart Groesz probeert in Rozenburg in zijn eentje verspilling tegen te gaan.

Wat is duurzaam in de supermarktbranche? Dick Boer, de bestuursvoorzitter van Ahold, steeg dit jaar van nummer 41 naar 23 in de Duurzame 100 van Trouw. Vooral omdat hij heeft aangekondigd dat alle huismerkproducten van dochterbedrijf Albert Heijn over vier jaar duurzaam zijn. Arie van Doesburg, manager bij Plus, komt nieuw de lijst met invloedrijke Nederlanders binnen op nummer 47. Hij dankt zijn plek aan de sterke promotie van streek- en seizoensproducten.

Nederlandse supermarkten denken steeds groener. Vijf jaar geleden hadden ze een achterstand, maar die is ingehaald, meent Frits Kremer. Hij werkte bij supermarktconcern Laurus, zette bij Super de Boer een duurzaamheidsbeleid op en heeft een eigen adviesbureau. "Directies van supermarkten zaten vol vooroordelen en dachten dat het milieu nooit voor het grote publiek interessant zou kunnen zijn. Zij waren bezig met lage prijzen en gooiden op die manier de winst het raam uit. Pas de laatste jaren is daarin verandering gekomen."

Volgens Kremer loopt Albert Heijn daarin voorop. De supermarkt heeft met de introductie van Puur & Eerlijk 'een meesterzet' gedaan, vindt hij. "Nee, dat label is helemaal niet vaag. Puur & Eerlijk wordt gedekt door allerlei keurmerken. Het label staat op biologische producten die zijn gecontroleerd door SKAL, op fairtradeproducten met een Max Havelaarkeurmerk, op vlees met een Beter Leven-keurmerk van de Dierenbescherming. Puur & Eerlijk is een eerste stap, het is simpel en een manier om bij de consument een ingang te vinden voor de duurzame gedachte."

Voedingsspecialist Sijas Akkerman van de Stichting Natuur en Milieu vindt Albert Heijn ook de duurzaamste supermarkt, maar heeft kritiek op het Puur & Eerlijk-label. "Albert Heijn zet dat ook op vlees met één ster. Dat kan niet, vind ik. Want dat vlees is misschien diervriendelijker, maar daarmee ben je er nog niet. Ik vind dat je 'duurzaam' integraal moet benaderen; ook de gevolgen voor milieu en eerlijke handel moeten meetellen."

Albert Heijn is voor Akkerman toch 'een koploper', omdat het bedrijf op andere fronten wél alle aspecten van duurzaamheid meetelt: "Zij hebben voor alle producten de milieubelasting in kaart gebracht. Wij werken samen met Albert Heijn bij het duurzamer maken van aardappelen, groente en fruit. Het doel van AH is uiteindelijk alle producten op de Eko-norm of vergelijkbaar te hebben. Het gaat stapje voor stapje. Niet alles kan tegelijk. Maar Albert Heijn heeft de beste organisatie om deze verandering uit te voeren, andere supermarkten volgen."

Eén van die volgers is Plus, volgens Akkerman. Niet alleen vanwege de seizoensproducten bij groente en fruit, maar ook omdat deze supermarkt veel 'hybride-vlees' verkoopt, een mengsel van gewoon vlees met plantaardige eiwitten. "Minder vlees eten, levert enorme milieuwinst op", stelt Akkerman.

Het zwarte schaap onder de supermarkten is C1000. Deze keten stunt met vleesprijzen en is de uitvinder van het begrip kiloknaller. Volgens Kremer wordt echter zelfs bij C1000 'heel hard nagedacht'. "C1000 wordt wel de grootste slager van Nederland genoemd. Er ligt voor deze keten een geweldige kans om zich te profileren op het terrein van diervriendelijkheid. Het bedrijf kan meer doen aan vleesvervangers. C1000 kan op de vleesmarkt de consument naar zijn hand zetten en ik denk dat zij daar rap mee aan de slag gaat."

"Ik ben bang dat C1000 inderdaad met iets diervriendelijks komt en dat verkoopt als duurzaam", reageert Akkerman van Natuur en Milieu. "Voor mij is dat te beperkt als effecten op het milieu en bijvoorbeeld biodiversiteit buiten beschouwing blijven."

Een ranglijst van supermarkten op basis van duurzaamheid is niet te maken, vindt Frits Kremer. Het tellen van fairtrade en biologische producten in de supermarkt, zoals Milieudefensie elk jaar doet, is onvoldoende, meent hij. "Daar zet ik grote vraagtekens bij, want de keuze is heel beperkt. Duurzaamheid is pas echt te meten als de geleerden het eens zijn over álle aspecten: milieu, mensenrechten, dierenwelzijn en gezondheid. Dan nog is de vraag wat je mee weegt. De één vindt biologisch belangrijk, de ander dierenwelzijn en soms zijn aspecten met elkaar in tegenspraak."

Het wachten is volgens hem op een berekening van de volledige ketenbelasting. In opdracht van fabrikanten zoals Coca-Cola, Dell en l'Oreal maakt Wageningen Universiteit met twee Amerikaanse universiteiten een dergelijke levenscyclusanalyse van allerlei producten. Van grondstof tot het gebruik bij de consument thuis, wordt gekeken naar arbeidsomstandigheden en eerlijke handel, naar waterverbruik en de hoeveelheid broeikasgassen die worden uitgestoten. Ook het effect op de biodiversiteit wordt per product gemeten. Kremer: "In een supermarkt liggen gemiddeld 15.000 producten. Je zou ze allemaal moeten testen."

De Nederlandse supermarkten, niet alleen Albert Heijn, zijn vanuit een achterstand sterk teruggekomen, stelt de adviseur tevreden vast: "Het is niet zo dat alles al gedefinieerd is. Het is een proces in beweging. Er wordt steeds naar wegen gezocht om duurzamer te worden." Maar Akkerman van Natuur en Milieu denkt 'dat het sneller kan'. Hij vindt dat supermarkten consumenten bijvoorbeeld zouden moeten stimuleren om minder vlees te eten. "Dat er deuren voor de koelkasten komen is prachtig, maar er zijn zaken die anders kunnen. Supermarkten moeten de klanten verleiden om milieuvriendelijk in te kopen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden