Sneeuwklokjesmanie: ‘Een bijzonder sneeuwklokje kost wel 100 euro per bol’

Nieteke Roeper en Kees Kikkert in de tuin van Kees tussen de sneeuwklokjes. Beeld Olaf Kraak

Texel is meer dan schapen en strand, in februari en maart ziet het er wit van de sneeuwklokjes. Galantofiel Nieteke Roeper verzorgt dan excursies naar het sneeuwklokjeseiland.

 Wie wordt er nou niet blij van sneeuwklokjes? De witte bloemen die boven de kale borders de kou trotseren zijn een vrolijke voorbode van het naderende voorjaar. De echte sneeuwklokjesliefhebber weet, in februari en maart moet je op Texel zijn. Langs de weg vanaf de veerhaven richting Den Hoorn zie je meteen waarom. De slootkanten en bermen kleuren al wit.

Enkele van die bermen zijn van Kees Kikkert (81), natuurboer. Rondom zijn boerderij teelt hij verschillende variëteiten van de Galanthus nivalis, het Texelse sneeuwklokje. Ze staan in bosjes bij elkaar. Sommige hebben groene puntjes op de bloempjes, andere hebben weer wat langere, puntiger blaadjes dan de andere of zijn met meer blaadjes gevuld.

Hun voeten zijn bedekt met riet. “Dat geeft beschutting”, legt Kikkert uit. “Bovendien slaat het riet bij de groei stikstof op die het later afgeeft, daardoor is het een natuurlijke vorm van bemesting. Dat werkt beter dan kunstmest, want daar hebben sneeuwklokjes de pest aan.”

Samen met sneeuwklokjeskenner Nieteke Roeper (80) bekijkt hij de oogst van dit jaar. “Ik heb hier achter dit bosje nog een paar dubbele staan”, gebaart Kikkert. Na wat sluipmanoeuvres door het struweel langs de slootkant heeft hij ze gevonden. Bewonderend bekijken de twee deze Galanthus nivalis flore pieno. Roeper wijst naar een exemplaar waarvan de bloem nog in het vlies zit. “Jan Wolkers noemde dit altijd het snijboonstadium.”

Ruilhandel

“Er zijn 19 soorten sneeuwklokjes”, legt ze uit. “Daarvan heb je weer honderden variëteiten.” De meest voorkomende soort in Nederland is de Galanthus nivalis. Zelf heeft ze ruim honderd variëteiten in haar tuin staan, waaronder de ‘grumpy’, een sneeuwklokje waarvan de groene puntjes in de kelk een boos gezichtje vormen, en de ‘mrs. thompson’, die twee bloempjes aan de stengel heeft hangen.

De meeste varianten hebben Engelse namen. “In Engeland en Duitsland zijn sneeuwklokjes al langer een rage”, weet Roeper die regelmatig meegaat met sneeuwklokjesreizen naar Engeland. “Maar in Nederland worden ze ook steeds populairder.” Er is een levendige ruilhandel en op sneeuwklokjesbeurzen en op internet zijn bijzondere soorten voor veel geld te koop.

Zelf geeft ze dat er niet aan uit. “Van bevriende telers krijg ik weleens wat. Deze ‘lady putman’ bijvoorbeeld”, zegt ze terwijl ze naar een exemplaar met groene puntjes op de blaadjes wijst. “Bij het sneeuwklokjesfeest op de Boschhoeve in Wolfheze zag ik tot mijn verbazing dat die wel 100 euro per bol kost.”

Vrijwel elke Texelaar kent Roeper, hetzij omdat hij of zij bij de oud-basisschooldirecteur in de klas heeft gezeten, of van haar werk voor de plaatselijke afdeling van natuureducatieorganisatie IVN, of omdat ze haar kennen als ‘die sneeuwklokjesmevrouw’. Ze noemt zichzelf een galantofiel.

Met haar sneeuwklokjesoorbellen, bijbehorende ketting en de sneeuwklokjeswindvaan die in haar tuin aan de vlaggenmast wappert doet ze die naam eer aan. Toch blijft ze er nuchter onder. Zo steekt er volgens haar achter haar liefde voor de soort geen bijzonder verhaal. “Ik vind het gewoon een mooie bloem, en ik blijf er interessante dingen over leren. Wist je bijvoorbeeld dat ze zelfs in medicijnen worden gebruikt? Galantamine is een erkend middel om alzheimer te vertragen.”

Solex

Ook vindt ze het interessant om in de geschiedenis van de sneeuwklokjes op Texel te duiken. “Hoewel ze hier al wel voorkwamen, staan er voor een eiland verhoudingsgewijs veel.” De familie van Kees Kikkert speelde daar onder andere een rol in. “Mijn ome Piet ging in de jaren vijftig van de vorige eeuw op zijn solex richting de Loire in Frankrijk omdat hij van een handelaar had gehoord dat daar veel sneeuwklokjes stonden”, vertelt hij.

“Met oude Tesobussen gingen de Texelse ondernemers die sneeuwklokjes vervolgens ophalen om ze op Texel te telen en te verkopen”, vult Roeper aan. “Onder andere bij kasteel de Haar in Haarzuilens zijn die weer uitgeplant.” In navolging van die pioniers, pootten ook anderen sneeuwklokjes in de boomsingels rond hun erf waarna de soort zich via zijbollen en zaadjes makkelijk verspreidde.

Dit verhaal krijgen de groepen die zij rondleidt uiteraard ook te horen. Eind februari, begin maart, als de sneeuwklokjes volop bloeien, organiseert Roeper namelijk samen met haar vriendin Gerda Bloem sneeuwklokjesexcursies op Texel. Zonder dat ze daar reclame voor hoeven te maken zijn die vaak al maanden van tevoren volgeboekt. Behalve een bezoek aan Kees Kikkert en Piet van Groningen die bijzondere soorten kweekt en verkoopt, staat het bos De Dennen op de westkant van het eiland ook op het programma.

Mieren

Hier werden de sneeuwklokjes tot in de jaren tachtig geteeld op grond die werd gepacht van Staatsbosbeheer. Om ze te tonen, slalomt Roeper tussen de esdoorns naar een plek in het bos waar overal vrolijke witte kopjes tussen de bladeren en takken uitsteken. Voor de groepen heeft ze op drassige plekken een plankje neergelegd, uiteraard met toestemming van de boswachter. Geschrokken van het bezoek fladdert een houtsnip weg.

Hoewel je in het bos nog steeds geen stap kunt verzetten zonder op een sneeuwklokje te stappen, zijn het er een stuk minder dan vroeger. “In de jaren negentig was dit één groot sneeuwklokjestapijt”, weet Roeper. “Maar doordat er nu geen kalk meer voor ze wordt gestrooid, staan er nu iets minder.” De bloemen staan op deze plek amper in bosjes bij elkaar gegroepeerd. “Hier verspreiden ze zich minder via zijbollen, maar meer via de zaden”, legt Roeper uit. “Mieren spelen daarbij een rol omdat zij de zaden lekker vinden en verslepen.”

Ze buigt naar voren om de voet van de boomstammen goed te kunnen bekijken. “In het loof van de sneeuwklokjes die vanuit de Loire hier naartoe zijn gebracht, reisden ook andere planten en slakjes mee. Daardoor leven er in het bos enkele voor Texel vreemde soorten zoals de bosanemoon en de aronskelk. Texel is bijvoorbeeld de enige plek in Nederland waar je het vreemd speenkruid kunt vinden.”

“Het is jammer dat de meeste mensen Texel vooral kennen van de schapen en het strand”, zegt ze. “Wanneer ze in februari een bezoek brengen aan Texel, zouden ze ook van de sneeuwklokjes kunnen genieten.”

Lees ook: 

Klokjes in het park

De winter mag dan zacht zijn, sneeuwklokjes lieten op zich wachten. Soms bloeien ze in december al, maar nu vond ik de eerste op maandag 13 januari. In Groningen kun je het wel schudden dat je de eerste bloem vindt, Groningen ligt immers in het noorden, maar ik was in Amsterdam en in het Vondelpark vond ik drie sneeuwklokjes. Eén stond in volle bloei, één stond op het punt van het openen van zijn witte klok en de derde was in dat stadium omgeknakt. 

Sneeuwklokjes op Texel

Sneeuwklokjes komen van oorsprong niet in Nederland voor en dus ook niet op Texel. Hoe komt dit plantje op een eiland terecht? 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden