Schone piepers

Biologische aardappelboeren zijn vaak brede boeren. Ze telen niet alleen schone aardappels maar zoeken ook afnemers in de buurt of dienen hun producten op in eigen restaurant. Een korte zomerserie langs het Pieperpad. Vandaag deel 1: Boerderij Ter Linde op Walcheren.

Fietsend over het Zeeuwse deel van het Pieperpad blaast de wind voortdurend door de haren. Zilte geuren prikkelen de neus. De rijkelijk aanwezige velden met witte en blauwe bloemetjes kondigen de nieuwe aardappeloogst aan. Ook de ietwat blauw oplichtende roggevelden zijn er in overvloed. Zeeland is onmiskenbaar een akkerbouwland.

In de noordwestelijke hoek van Walcheren, op anderhalve kilometer van de kust tussen Oostkapelle en Vrouwenpolder, ligt boerderij Ter Linde. Deze biologisch-dynamische boerderij - de eerste in Nederland, sinds 1926 - is een van de haltes op het Pieperpad, een 1000 kilometer lang fietspad dat zich van oostelijk Friesland dwars door Nederland naar Zeeuws-Vlaanderen slingert.

Op Ter Linde komt boer Maarten Guepin al meteen met een kistje met drie soorten piepers aanzetten. "Net geoogst, ben benieuwd hoe ze smaken." Guepin snijdt met zijn zakmes de kleinste van de drie soorten aan, de bionica. Hij oogst ze dit jaar voor het eerst. De binnenkant is wit. "Dat is wel een nadeel", zegt Guepin. "De Nederlandse consument wil een gele aardappel. Voor mij is deze aardappel een zegen. Hij is namelijk resistent tegen de gevreesde aardappelziekte fytoftora. Met name voor biologische boeren is dat een probleem omdat wij niet met chemie mogen spuiten. Daarnaast geeft de bionica veel aardappels aan een plant. Wel tien. Bij andere soorten is dat zo'n vijf, maar die zijn dan wel wat groter."

Ter Linde heeft een eigen winkel en zelfs een restaurant. Martine Wensink zwaait daar de scepter. Ze laat het veertig stoelen tellende eethuis zien. "Hier kan mooi worden uitgeprobeerd hoe de consument reageert op de bionica. We kunnen daar het verhaal erachter vertellen om zo ook het vooroordeel tegen witvlezige aardappels weg te halen. Engelsen houden juist van witte aardappels. Het is maar waar je aan gewend bent."

De aardappelteelt in Zeeland is al eeuwenoud. "En hier aan de kust is ze extra goed", zegt Guepin. "De zee houdt de warmte lang vast, waardoor in de winter de vorst minder kans krijgt en ik in het voorjaar eerder kan poten. Er is ook een nadeel. De zee koelt in het voorjaar en de zomer het land hier meer af dan in het binnenland en door de lagere temperaturen groeien de piepers langzamer."

Ook de grondsoort heeft invloed op de aardappelgroei. Guepin: "Ik heb hier lichte klei en zandgrond. Dat is goede grond voor de ontwikkeling van het wortelstel en geeft vaak een goede oogst. Op zware zeeklei duurt het langer voordat het wortelstel zich heeft ontwikkeld. Als dat er eenmaal is, heeft zeeklei het voordeel dat de aardappel minder regen nodig heeft, omdat de grond het water lang vasthoudt."

Guepin snijdt de volgende aardappel door, de sarpomira. Die heeft een rossige schil en is ook fytoftora-resistent. Van binnen is deze Hongaarse soort iets minder wit dan de bionica. "Ik heb de sarpomira nu een paar jaar. Als consumptie-aardappel is ze minder mooi. Daarom gaat deze soort naar de frietindustrie. In Duitsland wordt de sarpomira verwerkt in babyvoeding."

Guepins voorkeur gaat echter uit naar de agria, een soort die veel biologische akkerbouwers in de grond hebben. "Die aardappel combineert een fijne structuur met een mooie, volle smaak. Ik probeer hem zo lang mogelijk in de grond te laten staan, want dat komt de smaak ten goede." De agria is een allround aardappel. "Je kunt hem gekookt eten, maar ook als frites, chips of gepureerd. Alleen als saladeaardappel is ie niet geschikt. Daar is de agria net iets te kruimig voor. Duitsers die zweren bij hun Kartoffelsalat, willen daarom vastkokers."

Ondanks zijn aardappelverhalen heeft Guepin zo zijn twijfels over zijn aardappelteelt. "Ik zou graag volop pastinaak willen telen. Dat product bevat ook veel zetmeel, maar is veel minder ziektegevoelig. Maar ja, aardappels zijn zeer gewild, dus heeft bijna elke akkerbouwer ze op zijn velden staan. Het verhaal dat de aardappel een gemakkelijk product is, wil ik echter tegenspreken. Voor biologisch-dynamische boeren is de teelt in een zeeklimaat niet ideaal. Omdat we geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, is de opbrengst niet erg hoog. De aardappel heeft haar eisen qua grond, mest en beregening. Ik vind het best een juffertje."

Pieperfietspad

Het Pieperpad begint in het Friese Munnekezijl en loopt naar het Zeeuws-Vlaamse Hengstdijk. Over bijna duizend kilometer slingert deze fietsroute langs tientallen biologische aardappelboeren met elk hun eigen verhaal. De route is opgedeeld in veertien trajecten, maar afwijken is simpel, omdat gebruik wordt gemaakt van bestaande fietsroutenetwerken. Alleen Flevoland heeft geen fietsroutenetwerk.

De meeste boeren langs de route bedrijven brede landbouw. Dat wil zeggen dat er naast het boerenbedrijf andere activiteiten worden ondernomen, zoals een camping, een kaasmakerij, een winkel met eigen en andere biologische producten, natuurbeheer en zorg.

Het Pieperpad is een initiatief van Greenpeace en Bionext, de ketenorgansiatie voor biologische landbouw en voeding. De route met alle te bezoeken boerderijen is terug te vinden op de speciale website www.pieperpad.nl. Ook is er voor € 9,95 bij de ANWB een boekje te koop met daarin kaarten van de veertien trajecten, informatie over de boerenbedrijven en hun adressen en telefoonnummers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden