De Wondere Vogelwereld van O.C. HooymeijerRoodkopwaterschrikkel

Roodkopwaterschrikkel

Roodkopwaterschrikkel
Qwartsanealius aquadiantus L 35 cm - V 58 cm

RoodkopwaterschrikkelBeeld O.C. Hooymeijer

Een weinig talrijke, in de grootste afzondering levende bewoner van de uitgestrekte zompige moerassen en overjarige rietvelden. In Nederland kleine populaties in de Drentse Zure Velden, het Friese Gretserlân bij Dokkum en de Vlietlanden tussen Vlaardingen en Delft.

Wordt zelden waargenomen. Foerageert tussen waterplanten, waarbij gejaagd wordt op kleine zoogdieren, vis, zoetwatergarnalen, geleedpotigen, rupsen en de grotere insecten zoals de Hanenpootschorszwerver. Het jonge broedsel en de larven van de Kleine Geelbandpad zijn echter favoriet en staan dan ook hoog op het menu.

Verenkleed boeiend. Een rijke schakering van bruintinten met zwarte staart. De borstpartij kan een blauwgrijs stippelpatroon vertonen. Zie de groenige, in verhouding, grote poten met messcherpe nagels, welke houvast bieden bij het over de glibberige oevers speuren naar prooien. Uiterst solitair. Slechts eens in de vier jaar, en dat is altijd in een schrikkeljaar, komen mannetjes en vrouwtjes samen. Een troep van tussen de twaalf en wel veertig vrouwtjes verzorgt de gezamenlijk balts – en paarplaats.

Beeld O.C. Hooymeijer

In een cirkel van platgetrapt riet wachten zij de komst van het mannetje af. Deze heeft, door de lange seksuele onthouding, een enorm kobaltblauw uitpuilend scrotum ontwikkeld welk de vogel met enige moeite achter zich aansleept. De saaie bruine kopveren hebben plaatsgemaakt voor de zo typerende helrode kuif. Met opgezette borst paradeert het mannetje langs de vrouwtjes, die zacht koerend afwachten wie de gelukkige is om als eerste te worden bevrucht. Is de keuze eenmaal gemaakt, dan bestijgt het mannetje met klapperende vleugels en schuddende kop het vrouwtje, onder het uitstoten van een serie zware, vérdragende klanken: “AHoemm, AHAoemm, Ahoemmm”.

Slechts eens in de vier jaar, en dat is altijd in een schrikkeljaar, komen de Roodkopwaterschrikkelmannetjes en -vrouwtjes samen.Beeld O.C. Hooymeijer

In de daaropvolgende, ware ‘vogelseksorgie’, die vaak enige uren in beslag neemt en waarbij elk vrouwtje minstens vijf keer wordt bestegen, zijgt het mannetje van vermoeidheid ineen en wordt door de bevredigde vrouwtjes de paarkring uitgedreven. Licht trillend en met het lege, verschrompelde scrotum achter zich aanslepend, verdwijnt het mannetje in het vaak mistige, kille moerasland, om de komende vier jaar weer op krachten te komen, en in de februaridagen van het volgend schrikkeljaar zijn taak om voor nageslacht te zorgen, weer met hernieuwde energie te volbrengen.

Volksvogelwijsheid:
Herkomst: Nederland (Zuid-Hollandse Eilanden, met name Goeree - Overflakkee)
“Hij heeft een zak als een Schrikkel” ofwel “Hij heeft erg veel wisselende seksuele contacten ...”

Iedere week beschrijft O.C. Hooymeijer een vogel die aan zijn brein is ontsproten. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden