Weekdier Mweru-cichliden

Promiscue vissenvrouw neemt het niet zo nauw

De Mweru-cichlide. Beeld Ole Seehausen

 Het soortbegrip is in de biologie een onderwerp waar men nooit over uitgesproken raakt. Wat is een soort? Vroeger was het allemaal duidelijk: soorten waren als zodanig geschapen. Punt. ­Carolus Linnaeus, de boekhouder van de schepping, begon in de achttiende eeuw alle hem destijds bekende soorten een naam te geven. Soorten werden als iets onveranderlijks beschouwd. Sindsdien is niet alleen duidelijk geworden dat soorten kunnen uitsterven en evolueren, maar ook dat de grens tussen soort A en soort B helemaal niet rigide hoeft te zijn.

Zogenoemde ringsoorten zijn een bekend voorbeeld; deze vertonen een hoefijzervormig verspreidingsgebied, waarbij de uiteinden van het hoefijzer twee verschillende soorten voorstellen die via de rest van het hoefijzer naadloos in elkaar overgaan.

Dus wat is dan een soort? De twee belangrijkste soortbegrippen zijn het biologische en het morfologische. In de biologie is een soort een verzameling organismen die in potentie onderling vruchtbare nakomelingen kunnen krijgen. Alle mensen behoren daarom tot één soort, maar een kool- en een pimpelmees zullen, al doen ze nog zo hun best, nooit samen een vruchtbaar nestje voortbrengen en vormen dus twee soorten.

Bij fossielen gaat deze definitie niet op, want fossielen planten zich niet voort. Zulke soorten worden morfologisch onderscheiden, ofwel op hun verschijningsvorm, volgens het principe ‘als het er uitziet als een eend, loopt als een eend en kwaakt als een eend, is het naar alle waarschijnlijkheid een eend’.

Maar niet alle soorten houden zich aan onze principes. Er wordt in de natuur flink vreemdgegaan, niet alleen binnen de eigen soort maar zelfs tussen soorten (of wat daar dus voor doorgaat). Een interessant voorbeeld zijn cichliden uit het Mweru-meer in oostelijk Afrika op de grens tussen Zambia en Congo.

­Cichliden zijn vissen die in een grote soortenrijkdom voorkomen in meer dan dertig Afrikaanse meren. Deze soortenrijkdom is onderwerp van veel onderzoek omdat de vorming van de tientallen soorten in een geologisch relatief kort tijdsbestek heeft plaatsgevonden. Zo is het ondiepe Mweru-meer pas ongeveer een miljoen jaar oud, maar niettemin leven er tientallen nauwverwante soorten cichliden.

Onderzoekers ontdekten veertig totaal onbekende (‘nieuwe’) soorten in het Mweru-meer en de rivieren die erop uitkomen. Ze komen nergens anders voor en moeten dus ter plekke zijn ontstaan. Elke soort is gespecialiseerd in een bepaalde manier van voedselvergaren, zoals het eten van insectenlarven, schelpjes, visseneitjes of de visjes zelf, het schrapen van alg of het oppikken van kleine beestjes van de rotsige meerbodem. Sommige leven in diep, ondiep, helder, troebel, stromend of stilstaand water en verschillen op die manier van elkaar. De enorme soortenrijkdom blijkt tot stand gekomen door hybridisatie, het mengen van soorten.

De vrouwtjes van de Mweru-cichliden nemen het niet zo nauw met de partnerkeuze. Vooral in troebel water, waar het zicht beperkt is, paren ze met ieder mannetje dat ze er aantrekkelijk vinden uitzien, ongeacht of dat nou een man van hun eigen soort is of van een verwante andere soort. Dat zulk in mensenogen abject gedrag uiteindelijk kan leiden tot soortvorming is een interessante ontdekking, deze week in ­Nature Communications gepubliceerd.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden