'Hoofdtuinman' Guy Barter.

InterviewHoofdtuinman Guy Barter

Prangende vraag over je tuin? Grote kans dat Guy Barter (64) het antwoord weet: ‘Moeilijke vragen zijn het leukst’

'Hoofdtuinman' Guy Barter.Beeld RHS/Adrian White

Guy Barter (64) is hoofdtuinman van de Britse Royal Horticultural Society. In de meer dan dertig jaar dat hij er werkt, beantwoordde hij duizenden tuinvragen. 130 van de boeiendste bundelde hij in het onlangs verschenen boek Tuinmysteries.

De vraag die Guy Barter afgelopen decennia het meest werd gesteld? Waarom worden mijn planten bruin. “Dat kan natuurlijk allerlei oorzaken hebben”, zegt hij aan de telefoon vanuit zijn huis in een buitenwijk van Londen. “Maar meestal is er een probleem met de wortels.”

Barter groeide op op een afgelegen boerderij in de Britse provincie Wiltshire, waar hij al jong een eigen moestuin had. Hij werkte elf jaar als microbiologisch technicus in de gezondheidszorg, voor hij op z’n 29ste besloot het roer om te gooien en tuinbouw te gaan studeren.

In 1990 werd hij aangenomen bij de Ro­yal Horticultural Society (RHS), het grootste tuin-goede-doel ter wereld. Al meer dan twee eeuwen promoot deze non-profitor­ganisatie alles wat met tuinieren te maken heeft. Dat doet ze bijvoorbeeld door het openstellen van modeltuinen, het organiseren van jaarlijkse tuinshows (waaronder de beroemde Chelsea Flower Show) en het uitgeven van tijdschriften, boeken, video’s en podcasts. Barter zette er een adviesdienst op, een vraagbaak voor de meer dan een half miljoen betalende leden die de RHS telt.

“In het begin zaten we in een mobiele unit op een parkeerterrein”, vertelt hij. “Met z’n drieën beantwoordden we telefoontjes en brieven, vaak met platgedrukte en halfvergane plantjes in de envelop. Wat dat betreft hebben e-mail en digitale fotografie ons werk een stuk makkelijker gemaakt. Inmiddels heeft onze adviesafdeling tien medewerkers en is het aantal vragen dat we krijgen verveelvoudigd.”

Is de aard van het werk veranderd?

“Op hoofdlijnen niet. Maar je ziet er wel trends in terug. Tegenwoordig gaan veel vragen bijvoorbeeld over mediterrane planten, zoals olijfbomen en vijgenbomen. Die zijn immens populair. Alleen is het Britse – of Nederlandse – klimaat er meestal niet bepaald geschikt voor. Dat levert dus veel problemen op. Met de komst van corona is het aantal vragen trouwens geëxplodeerd. Door de coronalockdown zijn naar schatting 3,5 miljoen méér Britten gaan tuinieren.”

Praktische tips van Guy Barter

- Plant nieuwe bomen ondiep, dus met de wortelkluit gelijk aan het grondoppervlak. Graaf je ze dieper in, dan kunnen de wortels verstikken.

- Wees bij appelbomen zuinig met mest. Een overvloed aan meststoffen levert vooral meer bladeren op in plaats van meer appels.

- Peterseliezaden zijn berucht om hun lage kiemkracht. Je kunt het kiem­proces versnellen door de zaadjes te bedekken met aarde en er kokend ­water over te gieten.

- Door een klein beetje zout aan de grond van tomatenplanten toe te voegen, kun je de smaak van de vruchten verbeteren.

- Geef planten in potten – vooral binnen – niet te veel water. Menig potplant wordt gesmoord in liefde en gaat dood omdat hij te veel water krijgt.

- Tuinplanten kun je rustig water ­geven of sproeien als de zon schijnt. Lang werd gedacht dat de waterdruppels als brandglas werken en de bladeren verbranden, maar daar is geen ­wetenschappelijk bewijs voor.

Krijgt u na al die jaren nog weleens een vraag die nooit eerder is gesteld?

“Jazeker. Laatst vroeg iemand of het zinvol is om rubberkorrels aan aarde toe te voegen, om die zo luchtiger te maken. Daar is geen enkel bewijs voor. Ik heb het sterk afgeraden.”

Weet u op elke vraag het antwoord?

“In de loop van de tijd hebben we onnoemelijk veel informatie verzameld, die we op onze website overigens gratis met het ­publiek delen. Daarnaast werken er heel wat tuinmannen en wetenschappers bij de RHS, met allemaal hun eigen specialismen. Samen komen we er bijna altijd wel uit.”

Wat zijn de lastigste vragen om te ­beantwoorden?

“De informatie die we verstrekken, is ­natuurlijk vrij algemeen. Maar elke tuin is anders. Een probleem met de samenstelling van specifieke grond kun je op afstand moeilijk analyseren of oplossen.”

illustratie uit het boek 'Tuinmysteries' Beeld
illustratie uit het boek 'Tuinmysteries'Beeld

En de leukste?

“Eigenlijk vind ik moeilijke vragen het leukst, want ik houd ervan om ingewikkelde puzzels op te lossen. En dan het liefst over dingen die zich onder de grond afspelen. Daar gebeurt het meeste, al staan veel tuiniers er niet bij stil. Daarom heb ik in het boek ook een boel vragen opgenomen over het ondergrondse leven. Bijvoorbeeld of wortels van verschillende planten elkaar helpen, of juist in de weg zitten.”

Nou, vertel.

“Meestal is er sprake van een strijd tussen wortels van verschillende planten en bomen. Sommigen hebben zelfs speciale chemische wapens ontwikkeld om de strijd met de concurrentie aan te gaan. Zo scheiden de wortels van de zwarte walnoot een giftige stof uit, die de ademhaling van bijvoorbeeld appelbomen en tomatenplanten kan verstoren. Wortels van dezelfde soort vergroeien soms wel met elkaar. Op die manier kan een sterke boom zijn zwakkere buurman ondersteunen. Of nemen beide bomen samen ruimte in bezit, waar anders een concurrent zou kunnen groeien.”

U schrijft dat je, door jezelf vragen te ­stellen, een betere tuinder wordt.

“Daar ben ik van overtuigd. Waarom groeit een plant op de ene plek wel en op de andere niet? Waar zijn al die beestjes in de grond eigenlijk goed voor? Door jezelf dat af te vragen, steek je zoveel op. En zo kun je steeds meer op je gevoel gaan tuinieren. ­Ervaring blijft de beste leerschool.”

Wat voor een tuinder bent u zelf?

“Hoewel ik in een stedelijk gebied woon, ben ik gezegend met een tuin van 500 vierkante meter. Daar staan veel grote bomen en struiken – ben ik dol op – maar ook fruit, groenten en bloemen. Na al die jaren vind ik het nog altijd leuk om te experimenteren. Zo wil ik dit jaar graag wat nieuwe groenten kweken om recepten uit een Frans kookboek mee te maken.

“Ondanks al mijn kennis mislukken mijn experimenten trouwens regelmatig. De ­natuur blijft onvoorspelbaar. Dat houdt het nog elk jaar spannend.”

Hoe zit dat in de tuin?

In zijn boek Tuinmysteries beantwoordt Guy Barter 130 vragen, van praktisch (Welke zaadjes kun je zelf oogsten?) tot eigenaardig (Raakt de grond ooit op?). Veel vragen vallen in de categorie ‘Hoe zit dat?’. Zoals: Hoe weten zaadjes dat het tijd is om te ontkiemen? Waarom kun je gras maaien en andere planten niet?

Guy Barter, Tuin­­mysteries. Zo werkt het in jouw tuin; KNNV ­Uit­geverij, € 22,50.

Lees ook:

Modern moestuinieren: je telefoon zegt wat je moet doen

Dankzij hippe bloggers en een slimme app weten steeds meer jonge mensen de weg naar de moestuin te vinden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden