AnalyseLandbouwakkoord

Pas als boeren en natuurorganisaties nieuwe regels niet meer te streng of te slap vinden, komt er een landbouwakkoord

Koeien in het weiland bij de transparante, drijvende boerderij Floating Farm in Rotterdam. Beeld Hollandse Hoogte / Paulien van de Loo
Koeien in het weiland bij de transparante, drijvende boerderij Floating Farm in Rotterdam.Beeld Hollandse Hoogte / Paulien van de Loo

Er liggen al veel rapporten over de toekomst van de landbouw. Gaat het nieuwe advies van de Sociaal-economische raad (Ser) de spanning tussen de belangen van natuur en boeren doorbreken?

“Het is belangrijk om uit de impasse te komen. De tijd is er rijp voor”, zegt Katrien Termeer, hoogleraar bestuurskunde en kroonlid van de Sociaal-economische raad. Woensdag gaf ze een toelichting op het advies aan het kabinet om een landbouwakkoord te sluiten tussen onder meer boerenorganisaties en milieugroepen. “We moeten stoppen met het voeren van een achterhoedegevecht. Doorgaan op dezelfde weg is niet langer houdbaar. ”

Termeer schreef het advies namens de Ser samen met Anna Gerbrandy, hoogleraar mededingingsrecht. Transitie naar duurzame landbouw kost volgens een ruwe schatting van de Ser in de komende tien tot vijftien jaar zeker 20 tot 30 miljard euro.

De eisen moeten omhoog

Er zijn al veel rapporten geschreven over de toekomst van de landbouw, met de oproep om tot een nationaal plan te komen. De Ser zet nu op verzoek van de Tweede Kamer en het kabinet de route uit om dat te realiseren en sprak al met een groot aantal organisaties. In de Ser zitten onafhankelijke deskundigen, vakbonden en werkgevers, waaronder de boerenorganisatie LTO Nederland. Het is een invloedrijk adviesorgaan van de regering.

Het belangrijkste element in het advies van de Ser is dat het nieuwe kabinet zou moeten beginnen met het stellen van nieuwe milieunormen waaraan een landbouwakkoord moet voldoen. De eisen moeten omhoog, waardoor de natuur beter wordt beschermd dan nu gebeurt. Dat is misschien een harde boodschap voor de boeren, zegt Termeer, maar hogere eisen bieden wel duidelijkheid voor de lange termijn. Het voorkomt dat zij over een paar jaar opnieuw worden geconfronteerd met nieuwe regels. “Het is de enige mogelijkheid om duidelijkheid te creëren”, zegt Termeer.

Onder meer de eisen voor stikstofemissies moeten omhoog, menen de twee hoogleraren. Zij willen niet de huidige stikstofwet als basis nemen (26 procent minder uitstoot in 2030), maar het advies dat de commissie Remkes gaf (min 50 procent). Voor kooldioxide geldt: geen reductie met 49 procent (het doel van het huidige kabinet), maar 55 procent (het doel van de Europese Unie) in 2030. Om de bodem te verbeteren is het biologisch gebruiken van meer landbouwgrond concreet en effectief. In 2030 moet 25 procent van het areaal biologisch zijn, zoals al in Europese plannen staat.

Landschap moet voorop staan

In een akkoord moeten volgens de Ser diverse onderwerpen met elkaar worden verbonden: een goed inkomen voor de boer, klimaatverandering, minder stikstof, dierenwelzijn en verbetering van de kwaliteit van het water. In maart bepleitte een coalitie onder leiding van oud-landbouwminister Cees Veerman een akkoord waarin landschap en biodiversiteit vooropstaan.

Onrust over de landbouw achtervolgt de politiek al jaren. De stikstofcrisis en de vraag of de veestapel drastisch moet worden ingekrompen behoren tot de kwesties die bij de formatie op tafel liggen. Het advies van de Ser biedt diverse politieke partijen de kans hun zin te krijgen. Het is een combinatie van strengere milieueisen, een wens van onder meer D66, en de mogelijkheid voor boeren om zelf te bepalen hoe zij daaraan gaan voldoen, een stokpaardje van het CDA. Er komt pas een einde aan de impasse als ook boeren en milieuorganisaties de nieuwe regels niet meer beoordelen als te streng of te slap.

We hoeven niet terug naar de Ot-en-Sien-landbouw

Net als bij het Klimaatakkoord wil de Ser gesprekken organiseren tussen vertegenwoordigers van onder meer boeren en natuurorganisaties. Zij moeten bepalen hoe de hogere milieunormen worden gehaald. Volgens de hoogleraren Katrien Termeer en Anna Gerbrandy zijn er diverse routes naar duurzame landbouw. Biologische landbouw waarbij de kringloop sluit (veevoer van eigen land, mest op de eigen grond) is er één. Een ander traject is hightech-landbouw in een gesloten systeem. Een kas of een dichte stal met kippen kan duurzaam zijn, zegt Termeer. “Er zijn goede moderne systemen, maar er moet wel aan de strenge milieunormen worden voldaan. We hoeven niet terug naar de Ot-en-Sien-landbouw.”

Lees ook:

Stikstof blijkt splijtzwam voor milieubeweging: ‘Het is een slap compromis’

Boeren, bedrijfsleven en twee natuurorganisaties hebben een plan om de stikstofcrisis aan te pakken. ‘Te slap’, zeggen andere milieuclubs. Ook de boeren zijn verdeeld.

Biologisch boeren groeit in Nederland veel te langzaam, maar de boeren willen wel

Brussel wil 25 procent biologische landbouw in 2030. Nederland loopt hopeloos achter. Waar zijn de mogelijkheden voor groei?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden