Interview

Oud-CDA-Kamerlid Ad Lansink: ‘De politiek zet nauwelijks stappen op klimaatgebied’

Ad Lansink zat 21 jaar voor het CDA in de Tweede Kamer. ‘Sommige mensen leven erop los zonder na te denken over de gevolgen.’ Beeld Bram Petraeus

Oud-CDA-Kamerlid Ad Lansink (83) mist leiderschap bij politici in milieukwesties. Ooit stond hij aan de wieg van het denken over de circulaire economie in Nederland.

 Ad Lansink stuurt exemplaren van zijn nieuwe boek naar onder meer Bolivia, Colombia, Rusland en Scandinavië. Hij sprak recent in Beiroet, Johannesburg en vandaag in Kuala Lumpur, waar hij een prijs ontvangt voor zijn werk aan de circulaire economie. Alleen in Nederland, vindt hij, is het soms een beetje stil. Specifieker, vooral vanuit Den Haag, waar Lansink 21 jaar Tweede Kamerlid was voor het CDA. “Uit het bedrijfsleven komen veel reacties. Berichten vanuit Den Haag zijn uitgebleven. Dat bevreemdt mij wat.”

De prijs voor zijn Engelstalige boek ‘Challenging Changes’ ziet de 84-jarige als de ‘kroon op het werk’. “Iemand schreef dat het mijn magnum opus is. Een leuke kreet.” Genoegdoening vind de oud-politicus een groot woord. “Ik heb geen last van frustraties. De lof geeft mij wel het gevoel dat het goed is dat ik heb volgehouden.”

Hij relativeert zelf meteen: het is al lang geleden dat hij zijn ‘ladder van Lansink’ introduceerde, waaruit zijn andere werk over afval als grondstof voortvloeide. Hij vertelt hoe hij in 1979, als jong Kamerlid, de begroting milieu mocht doen. Hij besloot het thema afval te behandelen­­, waarmee hij zich als biochemicus en raadslid al bezig had gehouden. Hij rangschikte methodes van afvalverwerking op milieuvriendelijkheid. “Ik bedacht: voorkomen dat er afval komt, moet stap één zijn. Als we tóch afval hebben, dan moeten we het het liefst hergebruiken. Kan dat niet, dan probeer je het zo goed mogelijk te scheiden. En als je dan spul hebt dat je in de fik moet steken, dan moet je eerst de energie eruit zien te krijgen. Alles wat je overhoudt, probeer je functioneel te storten. In geluidswallen of zo.” Hij schreef het puntsgewijs op een velletje.

Collega-CDA’er René van der Linden adviseerde hem er een motie van te maken. Lansink: “Hij was gek op moties. Tegenwoordig dienen ze overal moties over in, maar dat was toen nog echt iets ernstigs.” Motie Lansink cs. kwam in stemming en werd aangenomen door de Kamer. Toen er na vijf jaar niets mee was gebeurd, diende Lansink opnieuw een motie in.

De ladder van Lansink werd in 1993 opgenomen in de Wet milieubeheer. Nadat hij tot zijn frustratie niet terugkeerde op de verkiezingslijst voor 1998 en hij de Kamer verliet, werd Lansink steeds vaker uitgenodigd om over zijn afvalmodel te spreken. In 2008 kwam er Europese wetgeving met de ladder als basis en vorig jaar kwam zijn laatste boek over circulaire economie uit, een naslagwerk waarin hij ook zijn visie geeft op het hergebruik van afval.

Nederland is één van de koplopers in de circulaire economie, schrijft u. Wordt Nederland internationaal ook als voorbeeld gezien?

“Vanuit Nederland wordt geprobeerd het te stimuleren. Maar er wordt meer gepraat dan gedaan. Ik vind het mooi dat op allerlei plekken initiatieven ontstaan. Broedplaatsen hier in Nijmegen, in Amsterdam. In Rotterdam heb je BlueCity: circulaire bedrijfjes in voormalig zwembad Tropicana. Mensen brengen op kleine schaal dingen in de praktijk, het grotere blijft vooral in voornemens steken.”

Sociaal-wetenschapper Shivant Jhagroe bepleitte in deze krant te stoppen met de term ‘duurzaamheid’,  hij vindt het een nietszeggend containerbegrip. Ook moet hij niets hebben van initiatieven als BlueCity, omdat alleen welgestelde stedelingen de op koffieprut verbouwde oesterzwammen afnemen en de gemiddelde Rotterdammer niet profiteert.

“Ik vind ook dat het begrip duurzaamheid op vele manieren wordt uitgehold en misbruikt. Datzelfde dreigt te gebeuren met de term circulaire economie. Mensen denken dat als je een initiatief neemt en dat woord uitspreekt, het geregeld is. Greenwashing noem ik dat. Je moet het realistisch en pragmatisch benaderen, en resultaten laten zien. Als je batterijen inzamelt en je gooit ze vervolgens op een hoop, verlies je draagvlak.

“Wat betreft die stedelijke ‘hotspots’: als je kleinschalig begint, kun je het makkelijker overzien en uitbouwen. In genoeg broedplaatsen gaat het niet alleen om leuke dingetjes voor wie het kan betalen. Hier in Nijmegen hebben jonge starters tafelbladen van textielresten. Die vezels krijgen een langer leven. Een ander maakt van resten suikerriet drinkglazen van afbreekbaar plastic. Hij maakt er eerst 20.000, dat kan hij makkelijk opschalen. Er zijn goede voorbeelden. Maar inderdaad, als individuen trots laten zien dat ze een huis hebben gebouwd met nul op de meter, dan kan de massa daar niets mee.”

Een afvalloze wereld is volgens Lansink een illusie. “Papiervezels kun je bijvoorbeeld maar zeven keer hergebruiken. Het doel moet zijn zo min mogelijk afval te produceren en om materialen zo zuiver mogelijk te houden. Gelderland wil in 2030 afvalloos te zijn. Met dat soort windowdressing heb ik moeite. Je kunt beter kleine stappen zetten, in plaats van uitspraken doen die je niet waar kunt maken.”

In Den Haag staat de circulaire economie op de agenda. Van staatssecretaris Stientje van Veldhoven mag Nederland in 2050 geen afval meer produceren dat niet hergebruikt kan worden. Landbouwminister Carola Schouten wil naar een ‘kringlooplandbouw’. Gaat het de goede kant op?

“Die landbouwvisie gaat de goede richting uit. Je kunt de agrarische economie omvormen tot een compleet ecosysteem. Dat is circulair. Dat vind ik beter dan al die weiden volleggen met zonnepanelen.

“Ik volg de debatten over circulaire economie soms. De Kamer komt vaak op vaste stokpaardjes, zoals het statiegeld. Al in 1991 diende ik een motie in voor statiegeld op glas, blik en batterijen, die ruim werd aanvaard. Door tegenwerking van lobbykrachten werd die nooit uitgevoerd. Nu zie je de Kamer en staatssecretaris daar ook weer mee worstelen.

“Statiegeld kun je zo doorvoeren. Maar dat is maar één middel. De politiek zou meer moeten doen met fiscale instrumenten. In ons stelsel­­ komen belastinginkomsten automatisch in de pot met algemene middelen. Vroeger had je bestemmingsheffingen, op verpakkingen bijvoorbeeld. Je zou ook de energiebelasting zo kunnen inrichten, dat die aan verduurzaming ten goede komt. De btw-verhoging van 6 naar 9 procent staat haaks op de klimaatambities van de regering, die geldt ook voor drinkwater en gezonde producten. Het is heel vreemd dat er nog geen vliegtuigbelasting is. De politiek leeft bij de waan van de dag.”

Hoe kijkt u naar de onderhandelingen voor een klimaatakkoord?

“Ik ben vrij kritisch over de ernst waarmee het probleem wordt behandeld. Ik heb me gestoord aan CDA-fractievoorzitter Sybrand Buma die een volksopstand à la Fortuyn voorspelde over de energietransitie. Zoiets kan een self-fulfilling prophecy worden. Als hij had gezegd: verduurzaming moet in heldere, kleine stappen, dan was ik het helemaal met hem eens. Maar er worden nauwelijks stappen gezet. Tijdens Lubbers II schreef ik een nota waar rekeningrijden in stond. Die had geweldig draagvlak in de fractie. Nu is het CDA-standpunt helemaal omgedraaid. De partij is richting VVD opgeschoven. Het kabinet durft geen stevige lijn uit te zetten omdat er onvoldoende politiek draagvlak is. Daar kan ik enig begrip voor opbrengen omdat rechts en ultra-rechts zo’n enorme aanhang hebben. Maar ik zou een krachtiger tegengeluid verwachten.”

Ook voorzitter Ed Nijpels van het Klimaatberaad deed een oproep voor meer leiderschap.

“Ik ben het met hem eens. Maar ik heb nog fundamenteler kritiek: Nijpels werkt nu aan een akkoord met belanghebbenden. Ik zou als overheid luisteren wat er leeft en dan zelf knopen­­ doorhakken. Je moet mensen met tegengestelde belangen nooit laten onderhandelen. Denk je dat de oplossing uit dat gepolder komt? Als het wél lukt, heb je draagvlak. Maar de kans dat het mislukt is veel groter.”

Lansink haalt zijn recente bezoek aan Libanon aan. Overal zag hij auto’s en afval langs de weg. “Iedereen reed twee aan twee stapvoets rond. Er was amper plek voor voetgangers.” Hoe moet het met wereldwijde klimaatbeleid, dacht hij, als Nederland er al amper uitkomt?

Dat lijkt dan haast een onmogelijke opdracht.

“Dat is ook zo. Toch word ik niet moedeloos. Dat heeft met mijn katholieke achtergrond te maken, ik ben een optimistisch figuur. Ik word er wel moedeloos van dat het vinden van een gemeenschappelijke basis veel moeilijker is geworden. Sommigen leven erop los zonder na te denken over gevolgen. Daar komt ook al dat zwerfafval van, denk ik. Grote verbanden zijn weggevallen. De socialisten en christen-democraten, politieke stromingen die het moeten hebben van samen dingen doen, hebben het zwaar. Maar ik reken erop dat we op een dieptepunt zitten en dat we straks weer de andere kant op gaan. Dat er mensen opstaan die weten te inspireren en te boeien. Niet voor eigen gewin, maar omdat ze voelen dat het nodig is.”

Wie is Ad Lansink?

Ad Lansink (Arnhem, 6 juni 1934) werkte als scheikundige in het Radboud Ziekenhuis (nu Radboudumc geheten) in Nijmegen en werd in die stad raadslid voor de KVP, de partij die later zou opgaan in het CDA. Vanaf 1977 zat hij in de Tweede Kamer, waar hij zich vooral bezighield met milieu en zorg. In 1998 vond de partijleiding dat de fractie moest verjongen en kwam Lansink niet meer op de lijst. Hij noemde de lijst een ‘slachting’ en ‘CDA-onwaardig’. Na zijn politieke carrière schreef Lansink boeken over de circulaire economie. Voor zijn laatste boek ‘Challenging Changes’, ontvangt hij morgen in Maleisië de ISWA Publication Award.

Lees ook:

Zo wil het kabinet de circulaire economie gaan stimuleren

Leerlingen op de basisschool, maar ook in het middelbaar onderwijs, moeten allemaal les krijgen in duurzaamheid en het belang van een circulaire economie. Daarnaast komt er een publiekscampagne én gerichte productinformatie om het bewustzijn hierover te stimuleren. Dat is een van de vele punten waarmee, zo blijkt uit een brief van staatssecretaris Stientje van Veldhoven (infrastructuur en waterstaat) aan de Tweede Kamer, het kabinet de circulaire economie wil stimuleren. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden