In de Gelderse Poort werden dertig jaar geleden voor het eerst in Nederland wilde paarden uitgezet.

Reportage Geldersepoort

Op pad met stichting Ark, die al dertig jaar wilde natuur met succes laat terugkeren in Nederland

In de Gelderse Poort werden dertig jaar geleden voor het eerst in Nederland wilde paarden uitgezet. Beeld Twan Teunissen

Wat hebben wolf, wisent, lynx en wilde paarden gemeen? Inderdaad: al dertig jaar zet stichting Ark Natuurontwikkeling zich in voor hun plek in Nederland. Voor échte natuur. Op pad met Ark’er van het eerste uur: Hettie Meertens. 

Hier draait het toch om. Wilde natuur. Natuur gevormd door de natuur, waar natuurkrachten vrij baan hebben, zonder censuur. Ruimte voor planten en dieren, rust voor de mens. Dit is wat uiteindelijk echt gelukkig maakt”, zegt ecoloog Hettie Meertens enthousiast. De wandeling voert door de Gelderse Poort bij Nijmegen, een van de kroonjuwelen van Ark Natuurontwikkeling. Banjeren door ruige graslanden met her en der meidoorns, stierkuilen, staketsels van uitgebloeide kruiskruiden en grote hopen poep. Een groep ganzen vliegt gakkend door de lucht, kramsvogels tjakken vanuit de struiken en beknaagde wilgen wijzen op een bever. Het Ark-verhaal van rewilding Nederland én de rest van Europa.

Het begon allemaal met Plan Ooievaar, een visie uit 1986 op de manier waarop de Nederlandse rivieren weer gezonde natuursystemen zouden kunnen worden. In de uiterwaarden moest ruimte komen voor echte riviernatuur, te betalen door maatschappelijke activiteiten als grind-, zand- en kleiwinning of waterveiligheid. “Plan Ooievaar is een inspirerende visie, maar weinig concreet. Om deze in praktische plannen uit te werken richtte drie natuurmannen Bureau Stroming op. Ark komt daar weer uit voort, om de stap naar uitvoering te zetten”, vertelt Meertens.

Leergierige, optimistische doeners

Het was je reinste pionieren in het begin, herinnert zij zich. De natuurbeschermingswereld en de onderzoeksinstituten keken mee. “Veel kennis was theoretisch, afkomstig uit het buitenland of het laboratorium.” Met een breed armgebaar: “Wat wisten we nou preciés over de manier waarop rivier, storm en grazers het nieuwe ooibossen-landschap zouden gaan vormen? Wat er gebeurt als je de natuur echt vrij baan geeft na afgraving van uiterwaarden? We waren leergierige, optimistische doeners. Ons ideaal was leidend. Niet sturen, niet ingrijpen, daar ging het ons om. Komt wat er komt. Ruim baan voor natuurkrachten, voor veerkrachtige natuur­­. En zo denken we nog steeds”, memoreert Meertens.

Het waren destijds baanbrekende gedachten, door velen weggezet als wereldvreemd. Denkbeelden van ‘lieden met geitenwollensokken en sandalen’.  Wereldvreemd, zeker toen ook nog eens de beesten kwamen. Eerst gewone grote grazers als paarden, koeien, later Schotse Hooglanders, Galloways en recenter­­ de wisent en tauros.

Na de grote grazers volgden ook soorten als de bever en otter. Beeld Twan Teunissen

Van ingeschaard (dieren die op het -terrein mochten grazen) kwam geïntroduceerd. Zoals de bever en daarmee meteen ook de vraag hoe het doelbewust inzetten van dieren te rijmen is met het adagio ‘komen wat er komt, de natuur bepaalt’. Voor Meertens vloeken de twee niet. “Begrazing en het werk van bevers zijn natuurlijke processen die bepalend zijn voor het landschap en variatie brengen. Door de mens zijn grazers en bevers verdwenen, dus is terugbrengen logisch.”

Geen  dierentuin met olifanten

Dieren zijn voor veel mensen bovendien aansprekend, vergroten de acceptatie van de wilde natuur, betoogt Chris van der Heiden, communicatieadviseur van Ark, die aansluit bij de wandeling in de Millingerwaard. Een wandeling die inmiddels meer een hinkstapsprong is geworden door modderige drasse grond vol koeienpoten. “We herintroduceren, maar maken er geen dierentuin van met olifanten, ook al hebben die hier vroeger rondgelopen.”

Herintroducties zijn noodzakelijk wanneer soorten met een sleutelrol in de natuur niet op eigen kracht kunnen komen. Bijvoorbeeld omdat natuurgebieden geïsoleerd liggen of omdat bepaalde soorten bijna zijn uitgestorven, legt Van der Heijden uit. “Zoals met de bever en otter het geval was. Maar het liefst zien we dieren op eigen kracht terugkeren. De zeearend en meer recent de wolf, lynx en zelfs goudjakhals zijn daarvan mooie voorbeelden”, aldus de Ark-man.

Voorlichting en een schadevergoeding

Voor Ark is zo’n spontane terugkeer de kroon op het werk. Maar ook werk, veel werk. Want met de dieren komen de angst en de wildste verhalen. Van wolven die slachtingen aanrichten en zelfs mensen doden, lynxen en goudjakhalzen die kippen vreten. “Eerlijke voorlichting en preventieve maatregelen kunnen veel problemen oplossen. Plus een goede regeling voor de vergoeding van schade.”

Voor de natuurorganisatie zijn de ‘eigengereide­­’ dieren iconen, tekenen dat het landschap in orde is. Dieren zijn daarmee ook een middel om grotere problemen aan te kaarten.

Zoals de open verbinding tussen zoet en zout, tussen zee en rivierarmen. “Met de introductie van jonge steuren in de Rijntakken onderstrepen we, samen met onder anderen het WNF en Sportvisserij Nederland, het belang van open sluisdeuren in het Haringvliet voor trekvissen”, beargumenteert Van der Heijden.

Terug naar een van de uitgangspunten van Plan Ooievaar, de financiering door aan de natuurontwikkeling maatschappelijk diensten te koppelen zoals grondstoffenwinning of waterberging. In de Gelderse Poort is klei en zand gewonnen en tegelijk ruimte gemaakt voor de rivier. Ook andere natuurgebieden, bijvoorbeeld het drasse Kempen-Broek (Limburg), zijn mede ontwikkeld voor het bergen van water. Meertens: “Ark beschouwt natuur als bondgenoot, niet als probleem. Ze helpt ons bij onze waterproblemen en delfstofbehoeften.”

Paarden in de Millingerwaard bij Nijmegen. Beeld Twan Teunissen

Intensieve landbouw

Maar samenwerken betekent polderen en dus het inleveren van idealen? “Ach, wat heet inleveren. Ark staat in de samenleving, is daar onderdeel van. Compromissen vinden hoort daarbij. Dat kan ook zonder het eigene te verloochenen. Samenwerking is ook noodzakelijk. Wij krijgen geen overheidssubsidie en hebben voor onder meer het inrichten van terreinen en beheren van kuddes wel geld nodig”, zet Van der Heijden uiteen. Natuur heeft volgens Ark geen toekomst, krijgt geen draagvlak, als je niet samenwerkt met andere partijen. Meertens: “Uitgezonderd de intensieve landbouw. Daar is geen ruimte meer voor wilde planten en dieren. Zelfs de natuur-inclusieve landbouw staat ver af van de robuuste, dynamische natuur, waar onvoorspelbare natuurkrachten de boventoon voeren. Daarvoor zul je dus grond aan de landbouw moeten onttrekken zoals het land van boeren die willen stoppen.”

Ark wil, zo benadrukken de twee, uitdrukkelijk geen dogmatische, recalcitrante club van betwetende nee-zeggers zijn. Geen nee-zeggers, maar is de bereidheid om mee te gaan met het bouwen van windmolens en het aanleggen van zonnepen – te lezen in Ark’s toekomstvisie – niet weer het andere uiterste? Het landschap is toch onderdeel van natuur? “Ja”, erkent Van der Heijden. “Het is doodzonde. Maar klimaatverandering noopt ertoe.”

Haaien en roggen in de Noordzee

Ark is klein en telt slechts dertig mensen. De toekomstplannen daarentegen zijn groot. De oppervlakte wilde natuur in Nederland laten groeien van 1 procent in 2020 naar 10 procent in 2050 bijvoorbeeld. Het heuvelland via het Geuldal verbinden met Eifel en Ardennen, een veilige thuishaven voor haaien en roggen in de Noordzee en de uitbreiding van de Noord-Hollandse duinen door aankoop van bollengrond en zo nog een handjevol meer.

De Gelderse Poort is voor Ark na dertig jaar nog steeds het visitekaartje. Drie Galloways kuieren voorbij: een lijsterbes wordt een kopje kleiner. Een kraai peutert in een drol, larven krioelen in een dode boom. De rust is immens, een wandelaar geniet.

Lees ook: 

Grote grazers moeten gezonder gaan poepen, want ‘poep geeft leven’

Kleine mestvlieg, gele strontvlieg, mestzwemtor en ja hoor, daar hebben we al de eerste kortschildkever. Nog even en de gewone vliegendoders arriveren, de schildwesp en de snuitvlieg.” Een waarzegster met een glazen bol op de kermis kan nog aardig wat leren van dit getuur in poep; het doet er nauwelijks voor onder.

Opgepast! Het oerrund komt eraan

Hoe fok je een oerrund terug? Zo’n machtig prachtig beest als de tauros, dat altijd zelfredzaam is en zelf de strijd aan kan gaan met wolven? Stichting Taurus is ermee bezig om verlaten landbouwgebieden om te toveren tot rijke gebieden vol planten- en dierenleven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden