WeekdierIndiase grotmahseer

Onderaardse vis, stekeblind en tam

Voorlopig heet de recent ontdekte grottenvis Tor cf. putitora.Beeld EPA

De karperachtige vis Tor putitora of golden mahseer (er is geen Nederlandse naam) is een grote maar bedreigde soort uit de stroomgebieden van de Ganges, de Indus en de Brahmaputra. Ooit werden exemplaren van meer dan tweeënhalve meter gevangen, maar die tijden zijn voorbij. Volwassen exemplaren bezitten een fraaie gouden glans op hun relatief grote schubben. Deze mahseer blijkt een zeer nauwe verwant van een andere vis die vorig jaar is ontdekt in een grot in het oosten van India en die recentelijk uitgebreid is beschreven in het tijdschrift Cave and Karst Science

Voorlopig heet hij Tor cf. putitora, waarbij dat cf. staat voor ‘confer’, ofwel ‘gelijkend op’. Toen ­bioloog Daniel Harris het dier tijdens een expeditie in 2019 voor het eerst zag, was hij stupéfait. De vis van ruim 40 centimeter is tegelijkertijd heel klein én heel groot: klein voor een mahseer, maar gigantisch voor een grottenvis. Het dier leeft in een groot grottensysteem en zoals vrijwel alle in grotten levende vissen is hij kleurloos en blind.

De aarde lijkt oppervlakkig gezien op een massieve bal van steen en water, maar in werkelijkheid is het een poreuze aangelegenheid. Overal bevinden zich grotere en kleinere holtes, variërend van de microscopische ruimtes tussen zandkorrels tot kolossale grottensystemen. Het meeste ervan ontgaat ons volkomen; kleinere holtes komen we niet in, maar grotten worden door speleologen bezocht. Leven, vaak bacterieel of eencellig, komt tot op kilometers diepte voor en een groot deel van deze onderaardse biodiversiteit is nog onontdekt. Er zijn biologen die zich ermee bezighouden en er bestaat zelfs een International Society for Subterranean Biology.

Ook in grotten wemelt het van leven, meestal klein grut zoals spinnen, duizendpoten of krekels en soms iets groters, zoals vissen. Er bestaan ongeveer 250 onderaardse vissensoorten, die hun leven slijten in totale duisternis en permanente voedselkrapte. Bijna alle grotvissen zijn daarom klein, gemiddeld 2 tot 13 centimeter, op twee palingachtige soorten na die wel 30 cm lang kunnen worden.

De Indiase grotmahseer daarentegen wordt meer dan 40 centimeter, het is een reus! De ontdekkers vielen daarom van verbazing uit hun laarzen. In de Um Ladaw Cave ontdekten ze vele tientallen exemplaren. Ze zijn zo kleurloos als een gevilde kabeljauw en de volwassen exemplaren zijn blind. Dat laatste is iets dat bij veel grotvissen voorkomt, maar bij deze soort is het verlies van de ogen waarneembaar. Jonge, 10 centimeter grote exemplaren hebben nog een zichtbaar oog in de vorm van ronde zwarte pigmentvlekken onder de huid; bij adolescenten is die al kleiner geworden en bij volwassen exemplaren is het oog totaal verdwenen. In het absolute donker zijn ogen nutteloos. De vissen voeden zich vermoedelijk met resten van bovengrondse planten die tijdens regenbuien de grot inspoelen. Bij gebrek aan natuurlijke vijanden zijn ze volkomen tam geworden; de speleologen konden een groot exemplaar gewoon met de hand uit het water pakken en fotograferen.

De grotmahseer is de dodo onder de vissen, uniek en op maar één plek te vinden; hopelijk zijn de blinde blekerds niet ook in korte tijd uitgestorven.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden