null Beeld Loek Buter
Beeld Loek Buter

ColumnRenske Jonkman

Nutteloos magneetvissen, omdat het hele land is geschorst

Murw van de ‘pestconferentie’ – zoals mijn zevenjarige dochter de oraties van Rutte noemt – besloot ik de hele ringdijk af te lopen, misschien wel verder. Het was zo’n heerlijke kakelverse januaridag met een helderblauwe hemel en de zon scheen fel door de gouden rietkragen, toen ik twee jongens langs de slootkant zag staan.

Nou ja, één van die jongens zo goed als ín de sloot. Met zijn gympen gleed hij weg in de bagger terwijl hij met een meterslange kabel in het water hengelde. Zijn vriend stond erbij te kijken met zijn armen over elkaar, als zo’n lafbekkerige cipier die weigerde natte voeten te halen.

Ze waren een jaar of zestien, zeventien, in ieder geval van middelbareschoolleeftijd, die zich ongetwijfeld kapot verveelden door de lockdown.

Daarom waren ze aan het magneetvissen, vertelde de cipier vrolijk. Hij had een opvallend roze gezicht met zachte, donzige wangen, maar hij was dan ook erg jong en vermoedelijk in de bloei van zijn leven. Aan de kabel, die zijn vriend stevig in het water vasthield, zat een grote magneet van minstens twintig kilo. Daarmee konden ze staal en ijzer van de bodem van de sloot omhoog vissen. In het modderige gras lagen een paar stalen plaatjes en een nummerbord van een scooter. De cipier wees trots op een plastic tasje, waarin een slijptol zat, die ze nét hadden gevonden. Waarschijnlijk verroest en al, maar dat mocht de pret niet drukken, of misschien was dát wel de pret, hoe verroester hoe beter, zoiets. Nee, ik had werkelijk geen idee.

Ondertussen gleed zijn vriend met het halflange haar gevaarlijk dicht bij het water. Zijn grijze joggingbroek zat onder de moddervlekken.

Zoenen achter kluisjes

Ik dacht aan mijn middelbareschooltijd; de vage dagdromen op de achterste schoolbanken, het geklooi en het zoenen achter kluisjes, de verrukkelijke dreiging om geschorst te worden, of op z’n minst uit de les gezet, maar op het laatste nippertje toch net niet, en hoe ik met een meesterhand de handtekeningen van mijn ouders kopieerde op de absentiekaarten en zo keer op keer wist te ontsnappen.

Maar deze jongens waren met de hele school geschorst. Iedereen. In het hele land. Door de minister. Daar was natuurlijk geen klap aan.

Ik bleef een tijdje staan bij de vissers, het zag er zo fijn troosteloos uit in dit winterse zonlicht en het leek me precies zo’n nutteloze hobby die je alleen kunt verzinnen als je veel te veel tijd om handen hebt en ook nog eens midden in een verlaten polder woont. De knokkels van de visser met het halflange haar zagen rood van de kou en hij trok de magneet omhoog om te zien of hij al wat had gevangen. Niks. Gelukkig had hij die slijptol al. En het was óók nog eens een prachtige dag.

Renske Jonkman schrijft over haar leven op het platteland, tussen boeren en natuurbeschermers. Lees haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden