Nooit klaar met de waterveiligheid

De nevengeul aan de overkant van de Waal bij Lent nadert zijn voltooiing. Beeld HH/Flip Franssen

Ruimte voor de Rivier loopt op zijn einde, in 2016 gaat het nieuwe Deltaprogramma in uitvoering. Welke inzichten leverde het waterveiligheidsproject op?

Polders weghalen. Dijken verlagen. Zijn de Hollanders gek geworden? Die vraag gaat hij ook ditmaal krijgen, zegt Hans Brouwer in zijn auto onderweg naar brasserie De Waterman in Werkendam. Als Brouwer, riviertakmanager bij Rijkswaterstaat, de parkeerplaats opdraait, blijkt ook de delegatie uit Bangladesh gearriveerd. De Bengalen bekijken de ontpolderde Noordwaard, die teruggebracht is in de kreekachtige situatie van 1905. Brouwer gaat hen toespreken over Room for the River.

Rijkswaterstaatmedewerkers als Brouwer beleven drukke tijden. Van de 34 projecten van Ruimte voor de Rivier wordt dit najaar het ene na het andere grote waterwerk opgeleverd, zoals vandaag in Nijmegen-Lent. Voordat hij de Bengalen toespreekt, neemt Brouwer tijd voor een terugblik op dit project. In 2000 besloot het kabinet-Kok II in reactie op de bijna-watersnoodramp van 1995 om de gekanaliseerde rivieren weer de ruimte te geven. Brouwer is er sinds het begin bij betrokken.

Het project, waarvan de uitvoering in 2007 startte, nadert zijn voltooiing, al zal het laatste deel in 2019 gereed zijn. Welke inzichten levert het Nederland op om door te vertellen, zoals aan deze Bengalen?

Les 1. Waterwerk is nooit klaar
Brouwer toont dat in de 4450 hectare grote Noordwaard. Daar lag ooit de dijk, wijst hij vanaf een nieuwe brug. Bij hoog water stroomt de Nieuwe Merwede eronderdoor de ex-polder in, vol oude en nieuwe terpen. Tegennatuurlijk lijkt het na eeuwen dijken bouwen, schouwen en verbeteren. Maar in de jaren negentig groeide aan de rivieren verzet tegen lelijke dijkverhogingen. Brouwer: "Onder de civiel ingenieurs ontstond discussie: moet je dijken overal eindeloos versterken?"

Ruimte voor de Rivier kon ontstaan, legt hij uit, doordat ontwikkelingen samenvielen. Het hoogwater van 1995 bracht het gevoel van urgentie dat Nederland minder veilig was dan gedacht. De notie van klimaatverandering groeide. Rivieren ruimte geven was een jong ecologisch idee. Een van de plekken voor meer ruimte werd deze Noordwaard. Wie bleef, woont op een terp of achter een minidijkje. Dé oplossing voor rivierenland? Brouwer schudt van nee. Niet elke plek leent zich hiervoor.

Bovendien bestaat de ultieme oplossing voor waterveiligheid niet. Meer ruimte maken is een van de oplossingen. Brouwer: "Door dit programma hebben we meer gereedschappen gekregen. Maar er zullen altijd nieuwe inzichten en technieken zijn. Wie denkt dat we met Ruimte voor de Rivier klaar zijn langs de rivieren, moeten we het eerlijke verhaal vertellen. We zijn met de waterveiligheid nooit klaar."

Beeld Trouw

Voor Ruimte voor de Rivier is veel afgegraven: 30 miljoen kuub grond is verzet. Maar dijken blijven hard nodig. Ook daar zijn innovaties. Zo beschermen in de Betuwe ondergrondse textielschermen enkele dijken tegen dijklichaam-ondermijnende ondergrondse waterstromen. Het Deltaprogramma introduceert verder een nieuw dijktype: de brede Deltadijk waarop gebouwd mag worden.

Les 2. Draagvlak is niet gegarandeerd
De klimaatkennis evolueert ook. Het KNMI gaf vorige week 'code oranje' voor het klimaat. Daarmee is burgerdraagvlak voor een nieuwe dijk of watergeul echter niet gegarandeerd. Het kabinet koos in 2000 op basis van toenmalige KNMI-klimaatscenario's de normen op basis waarvan Ruimte voor de Rivier en het Deltaprogramma worden uitgevoerd. Die gaan uit van een hoge Rijnafvoer, waarvoor er veel nieuwe waterwerken nodig blijven. Maar wordt de waterafvoer wel zo extreem als de scenario's schetsen? Aan de rivieren blijft twijfel klinken. Burgergroep Waalzinnig uit de Neder-Betuwe wil deze discussie heropenen.

Overheden in de regio mochten Ruimte voor de Rivier uitvoeren, zoals Lent. Dat was de bestuurlijke oplossing om lokaal draagvlak te winnen voor waterwerken. Het Deltaprogramma gaat op die voet verder. Buitenlanders vinden vooral dat element uniek, weet Brouwer. De burgers? Hij beaamt: die ervaren niet altijd een gelijk speelveld. "De overheid heeft toegang tot veel kennis. We hebben burgergroepen weleens financieel gesteund, zodat ze zelf onderzoek konden laten doen."

Een verschil met 2006 is volgens hem de scepsis over de gevolgen van klimaatverandering. "Die is nu veel minder." Bij bewoners in de gebieden die op de schop gingen, probeerde Brouwer alle belangen en wensen te leren kennen. Aan menig keukentafel moest hij het vertrouwen winnen dat het Rijk serieus betaalt voor het opkopen van huizen of bedrijven. "Bij het project Overdiep zag ik het vertrouwen groeien toen bleek dat één boer echt naar Canada kon."

Les 3. Maatwerk is de succesfactor
Het mooiste moment dat Brouwer steeds meemaakt, is de omslag. "Dat mensen zeggen dat het toch wel mooi wordt als het project bijna klaar is. Naast waterveiligheid draait Ruimte voor de Rivier om ruimtelijke kwaliteit." Om dat te demonstreren toont hij een bakstenen gemaal met uitkijkplatform, opgetrokken uit stenen van gesloopte huizen. Voor betrokkenen een waardige herinnering.

Persoonlijke wensen zijn soms in vervulling gegaan aan de rivieren. In Zwolle wilde een bewoner zijn woning alleen opgegeven als hij bovenop de nieuwe IJsseldijk kon wonen. Bouwen op de dijk is (nog) taboe. Voor hem werd een speciale constructie ontwikkeld waarmee zijn nieuwe woning onzichtbaar zweeft boven de nieuwe dijk.

Brouwer wijst in de Noordwaard op een tot woning verbouwd fort. De bewoners weigerden uitzicht op een nieuwe hoge dijk. Speciaal voor hen is een zwak hellende lage dijk ontwikkeld, zodat het lijkt alsof er geen dijk is. "De combinatie van wat volgens de waterveiligheidsregels moet en wat mensen willen, dát leidt tot innovatie. Ruimte voor de Rivier legt die verbinding."

Les 4. Waterwerk en natuur gaan samen
Brouwer wijst op buitendijkse jonge wilgjes bij de fortwoning. Ze beschermen de lagere dijk doordat de stammetjes bij hoogwater de golfslag dempen. "Zoals mangrovebossen dat doen in de Aziatische delta's. We weten sinds het begin zoveel meer over natuurlijke processen. We hebben leren luisteren naar de natuur."

Les 5. Waterwerk is Holland-pr
Brouwer groeide uit tot Ruimte voor de Rivier-ambassadeur. Hij vergezelde vorige maand premier Rutte nog op handelsmissie naar Zuid-Afrika. Vaak vertelt hij internationale delegaties en media over 'Room for the River'. Ministers, presidenten en journalisten van over de hele wereld komen kijken in Nederland. "Technische kennis kun je overal ter wereld opzoeken", zegt hij in de Noordwaard waar de zon lange schaduwen werpt van woonterpen aan de kreek. "Maar wij kunnen dit laten zien."

De nevengeul langs de Waal. Beeld HH, Flip Franssen

'Stel keuze hoogwatergeul veertig jaar uit'

In Varik, Heesselt en Ophemert (gemeente Neerijnen) ontstond eind 2013 protest, nadat de impact van het Deltaprogramma duidelijk werd. Een hoogwatergeul moet een flessenhals uit de Waal halen.

Vereniging Waalzinnig probeert het tij te keren en wil voorkomen dat huizen verdwijnen en Varik en Heesselt op een eiland komen. Bestuursleden Arie van Kekem (64) uit Varik en Francien Timmer (61) uit Heesselt blikken verontrust vooruit.

Timmer: "Een briefje in de brievenbus eind 2013 voor een bijeenkomst door mededorpsbewoners. Toen hoorde ik voor het eerst van de geul en de nieuwe dijkring, de badkuip die ontstaat voor 1500 inwoners van Varik en Heesselt."

Van Kekem: "Precies waar mijn huis staat, is de hoogwatergeul gepland. Sinds ik ervan hoorde, ben ik erover gaan lezen. Waalzinnig schakelde de wetenschapswinkel van Wageningen Universiteit in. Die onderzoekt nut en noodzaak. De presentatie is 17 december. We geloven niet dat de Rijn bij Lobith 18.000 kuub water per seconde moet kunnen afvoeren. In 1995 was de hoogste afvoer 12.500 kuub. De maximaal 16.000 kuub van het programma Ruimte voor de Rivier, dat bijna klaar is, die is echt voldoende."

Timmer: "In onze dorpen leven zorgen om de veiligheid, het kwelwater en droogte als deze geul er is. Op onze argumenten wordt niet ingegaan. Een grotere kans op dijkdoorbraak bij zo'n badkuip wordt glashard ontkend."

Van Kekem: "Het liefst willen wij geen geul. Stel toch die keus veertig jaar uit. Dan is er meer bekend over klimaatverandering en Rijnafvoer. We geven argumenten waarom wij niet geloven in '18.000'. Duitsland doet bijvoorbeeld veel tegen hoogwater. We spreken in bij de gemeente en provincie. We informeren Kamerleden. De hoogwatergeul is verspilling van overheidskapitaal."

Timmer: "Ik ervaar het als pr-project van de overheid."

'Nu je ziet hoe Lent wordt, groeit de trots'

In Lent (gemeente Nijmegen) ontstond rond de millenniumwisseling protest, toen de lokale gevolgen duidelijk werden van Ruimte voor de Rivier. De dijk moest worden verlegd om een flessenhals uit de Waal te halen. Vereniging Gedupeerden Waaldijkverlegging (GeWa) Lent kon het tij niet keren. Lent werd deels gesloopt en opgeknipt tot een eiland en de rest van Lent. Toch blikt GeWa-bestuurslid Jos Verstappen (76) tevreden terug.

Verstappen: "We waren ons rot geschrokken van het hoogwater in 1993 en 1995. Maar in 2000 was de dijkverlegging ons toch moeilijk uit te leggen. Naar ons idee werd over ons hoofd gesproken door mensen die niet wisten wat ze wilden. Dijkverlegging is ook verlegging van kwelwater. Dat werd niet erkend. Een alternatief van professor Van Ellen, een nevengeul, kreeg geen steun. We richtten GeWa op. Leden stortten elk duizend gulden. Als signaal: we kunnen juristen betalen."

"We wisten dat er iets moest gebeuren. Maar in de cijfers van Rijkswaterstaat geloofden we niet, de aanname dat de Rijn bij Lobith in 2100 maximaal 18.000 kuub water per seconde moet aankunnen. Die cijfers geloven we nóg niet. Maar ja, de politiek wel. Op basis van het plan-Van Ellen maakten wij ons plan Lentse Warande. Daarin reserveerden we ook een gebied voor de dijkverlegging, mocht dat over vijftig jaar toch nodig blijken. Dan konden de zittende bewoners er blijven wonen."

"Toen voelden wij ons gehoord. Lentse Warande voldeed aan alle eisen in de milieueffectrapportage. Het kwam in 2006 in de Tweede Kamer acht stemmen te kort en ging niet door. Maar dat plan heeft wel geleid tot bewustwording. Het uiteindelijke project, waarvoor vijftig huizen zijn verdwenen, heeft enorm aan kwaliteit gewonnen. Nijmegen kreeg de regie en dat hielp. GeWa stopt; het Waaleiland is klaar. Wie weg moest, is keurig behandeld. Niemand is onteigend. Nu men ziet hoe het wordt, groeit de trots. De nieuwe boulevard heet 'Lentse Warande'. Mooi toch?"

Ruimte voor de Rivier

Ruimte voor de Rivier bereikt het volgende doel: de Rijn bij Lobith kan in 2019 maximaal 16.000 kuub water per seconde verwerken, in plaats van 15.000 in 2006. Rijn-aftakkingen (Waal/Merwede, IJssel, Neder-Rijn/Lek) hebben daarvoor meer ruimte gekregen dankzij nieuwe geulen, riviertakken en lage uiterwaarden. Het parlement besloot in 2006 hiervoor 2,3 miljard euro uit te trekken. Het project zou eind 2015 klaar moeten zijn. Dat lukt met 24 van de 34 deelprojecten. Het 16.000-doel wordt in 2019 gehaald. Het programma blijft tot op heden binnen het budget.

Deltaprogramma
De Rijn bij Lobith moet in 2100 maximaal 18.000 kuub water per seconde kunnen verwerken. Dat is een van de doelen van het Deltaprogramma dat in 2016 van plannenmakerij overgaat in uitvoering. Ook de normen waaraan dijken moeten voldoen worden strenger. De economische waarde van het gebied dat ze beschermen wordt daarin meegenomen. Net als bij 'Ruimte voor de Rivier' hebben regionale overheden hun prioriteiten geuit bij het Rijk, zoals de geul Varik-Heesselt.

Onder het Deltaprogramma vallen alle projecten om de nationale waterveiligheid te vergroten, zoals ook het Hoogwaterbeschermingsprogramma (dijkverbetering). Het Deltaprogramma is gericht op alle nationale waterthema's, van kustbescherming tot waterhuishouding.

Rijnaftakkingen
De naam 'Ruimte voor de Rivier' kan verwarring oproepen. Langs de rivieren zijn meer projecten die rivieren ook de ruimte geven, maar ze heten anders. Het programma Ruimte voor de Rivier omvat 34 deelprojecten aan de Rijnaftakkingen.

Opvallende projecten zijn het Waaleiland in Nijmegen-Lent, dat vandaag wordt opgeleverd, en het Reevediep bij Kampen. De Raad van State deed vorige week uitspraak over het Reevediep, een zijtak van de IJssel: dat plan moet anders.

In de Neder-Rijn is bij Arnhem een soort kraan gemaakt om de IJssel te bedienen die er aftakt. In het Brabantse rivierengebied zijn op dijken verlaagd, polders ontpolderd en terpen gebouwd (Overdiepse Polder, Noordwaard).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden