Verkiezingen 2021Klimaat en energie

Niet in mijn achtertuin! De regio worstelt met de uitvoering van klimaatambities. ‘We liggen er wakker van’

null Beeld Idris van Heffen
Beeld Idris van Heffen

Of de landelijke klimaatdoelen slagen, hangt af van lokale actie. Komen gemeenten, bewoners en bedrijven er samen uit? De energietransitie piept en kraakt.

Pieter van Veenen staat bij een hek in het poldergebied Rijnenburg, Utrecht. Hij tuurt over de open velden. Van Veenen kwam op de fiets, hij woont vlakbij. Genieten doet hij niet. Zijn blik is somber. “Wij liggen hier wakker van”, zegt hij.

In het hoofd van Van Veenen is meer te zien dan het uitgestrekte groen dat feitelijk voor hem ligt. “Daar zou er eentje komen”, wijst hij naar het lege land, opgebroken door smalle sloten. “En daar, en daar”, navigeert zijn vinger. Windmolens heeft hij het over. “Het zou een miskleun zijn”, zegt Van Veenen, actief als voorzitter bij de actiegroep Buren van Rijnenburg, die zich al jaren inspant om de windturbines te weren. Zijn voornaamste klacht is de geluidsoverlast die de molens zouden geven, door de zoevende wieken.

“Inmiddels is er een impasse”, zegt Van Veenen. Zijn blik klaart direct op. In de gemeenteraad van Utrecht ontstond gesteggel, over de inpassing van de windmolens. Een paar energiebedrijven meldden zich aan om ze te bouwen, maar grondeigenaren bij Rijnenburg haakten af. Hiermee dreigt de doelstelling van Utrecht voor de realisatie van duurzame energie spaak te lopen. Utrecht zal een oplossing moeten forceren. Om het landelijke Klimaatakkoord uit te voeren moet elke gemeente, groot of klein, zijn steentje bijdragen. Lokaal bestuur is aan zet, voor de groei van het aantal gasloze huizen en elektrische auto’s. Hun locaties voor zonnepanelen en windturbines moeten ze uiterlijk in juli aanwijzen in een Regionale Energie Strategie (RES), zo ligt landelijk vast. De uitvoering ervan valt of staat bij medewerking van bewoners en bedrijven, illustreert de ontstane patstelling bij Rijnenburg.

Klimaatexpert Jan Paul van Soest spreekt van een ‘landelijke worsteling’, bij de lokale uitvoering van klimaatambities die ‘top down’ worden bedacht. “De CO2-doelen halen lukt alleen als mensen meewerken, thuis en op hun werk.” Dat besef is er landelijk, in het kabinet en de Tweede Kamer, volgens hem terdege. Maar regie op de keuze die mensen maken, voor hun cv-ketel thuis, het type auto of de mening over windturbines om de hoek hebben ministers niet. “Hoe gaan we daar in vredesnaam mee om?”, vraagt Van Soest zich hardop af. “Hoe verder we in de energietransitie komen, hoe meer verzet er ‘bottom up’ in het land dreigt.” De zorgen en vragen van iedereen serieus nemen is volgens Van Soest het enige juiste antwoord op weerstand tegen verduurzaming.

Beluister ook de Trouw-podcast Wijsneuzen over de verkiezingen. In de volgende afleveringen wordt de rol van klimaatverandering in de komende verkiezingen besproken. Volg de podcast via de bekende podcastkanalen als OmnySpotifyApple en Stitcher

Overgeleverd

De landelijke politiek, die de Klimaatwet schreef (Nederland klimaatneutraal in 2050) en het Klimaatakkoord afsloot (49 procent minder Nederlandse CO2-uitstoot in 2030), is deels overgeleverd aan de mate waarin gemeenten, waterschappen, provincies, bedrijven en collectieven erin slagen om burgers mee te krijgen. “Maar sturing is wel mogelijk”, zegt Van Soest. Het kabinet en de Tweede Kamer kunnen bijvoorbeeld in de wet zetten dat bewoners profijt móeten hebben van een windmolen die om de hoek verschijnt. Of: vastleggen dat iedereen vooraf mag meepraten over klimaatplannen.

“Dat is een hele toer”, erkent hij. Maar inspraak is volgens hem mogelijk en noodzakelijk. “De energietransitie verandert ons landschap en levens van mensen, neem dat serieus.” Ondertussen zoekt de politiek behalve naar draagvlak naar daadkracht. Via een nieuw bouwbeleid wil het Rijk gemeenten de vrijheid geven om zonnepanelen verplicht te stellen voor nieuwbouw.

Met de verkiezingen voor de deur, noemt Van Soest het positief dat politieke partijen oog krijgen voor het belang van burgers die meepraten over klimaat. Het instellen van een ‘burgerraad’, een adviescomité van ‘gewone Nederlanders’, heeft de sympathie van de Kamer. “Belangrijk, want achter verzet van mensen gaan vaak andere zorgen schuil”, zegt Van Soest. “Kan ik milieumaatregelen wel betalen, wat ga ik ervan merken?” Door die kennis eerlijk uit te wisselen − ook dat energietransitie geld kost en nadelen heeft − kan de politiek klimaatsceptici als de PVV en Forum, die maatregelen om klimaatverandering te stoppen onzinnig en te duur noemen, wind uit de zeilen nemen. “Die willen soms scoren met halve waarheden of nepnieuws, dat zie je ook in de coronacrisis”, zegt Van Soest. Hij verwijst daarmee naar het bagatelliseren van de risico’s van het coronavirus door Forum. 

Hokjesdenken

Die signalering kan ook het klimaatverhaal van rechtspopulisten doen wankelen. “Bij regeringspartij VVD denk ik te signaleren dat de neiging afneemt om inhoudelijk te leunen richting de meest rechtse sentimenten, de ontkenning van grote problemen.” Bij dichtgetimmerd hokjesdenken, in duurzaam links en fossiel rechts, past enige reserve. Uitgesproken GroenLinks-stemmers in de Amsterdamse wijk IJburg bijvoorbeeld, tekenen fel verzet aan tegen windturbines die daar moeten komen, tenminste: wat betreft het GroenLinks-college dat de stad bestuurt. “Ik ben een groot voorstander van de energietransitie en windenergie hoort daarbij. Maar niet in een woonwijk!”, zei bewoner en GroenLinkser Heleen van den Hombergh in de Volkskrant.

“Er is eigenlijk geen enkele klimaatoplossing die géén weerstand opwekt, bij mensen die ermee te maken krijgen”, zegt Olof van der Gaag van de Nederlandse Vereniging van Duurzame Energie. Zonneparken, aardwarmteboringen, grote batterijen: bij de uitrol van al die technieken ziet hij lokaal fel verzet. Zelfs bij windmolens die op zee verschijnen, piepklein zichtbaar vanaf het strand, tekenen bewoners van kustgemeenten bezwaar aan. Tekenend voor dit Nimby-effect (not in my backyard): een bedrijf dat windturbines wil plaatsen bij de desolate Tweede Maasvlakte trof ook daar tegenstanders. Kitesurfers willen de molens daar niet hebben. “Door hoeveel hoepels willen we dat de energietransitie springt, voordat we het klimaatprobleem mogen oplossen?”, vroeg Van der Gaag zich onlangs wanhopig af. Hij reageerde op verzet tegen zonnepanelen in Nederland, die worden gebouwd door buitenlandse bedrijven.

Van der Gaag, die spreekt namens Nederlandse bedrijven die investeren in duurzame energieprojecten, vindt het geen punt als een Chinees bedrijf hier windmolens of zonnepanelen plaatst. “De markt is internationaal. We moeten snel vooruit met duurzaamheid.” Het spanningsveld tussen nationale klimaatbeloften en wat er in de weerbarstige praktijk van terecht komt is te groot.”

Dwarsliggende burgers de schuld geven doet geen recht aan stagnatie, benadrukt hij. Het kabinet ondersteunt eigen klimaatdoelen, voor meer schone energie en minder CO2, te weinig. “CO2-beprijzing komt slechts met horten en stoten op gang. Financiële steun voor een belofte als groene waterstof is schaars. Normeringen voor duurzaam wonen blijven uit”, somt hij op. “En vergis je niet in de doorlooptijden. Wil je dat ergens in 2030 een windpark staat? Dan moet je snel gaan bouwen.” Hetzelfde geldt voor het leggen van kabels in de grond. Politieke partijen die mikken op een schoner klimaat in 2030, moeten zich daar rekenschap van geven.

Mensen betrekken, laten meepraten, meedenken én meeprofiteren moet volgens Van der Gaag speerpunt zijn bij alle klimaatplannen. “De energietransitie begint tastbaar te worden. Zowel het enthousiasme ervoor als de weerstand ertegen groeit, merk ik.”

Boze burgers of mensen die onophoudelijk procedures aanspannen zullen er altijd zijn, denkt hij, net als Van Soest. “Maar om de rem van de energietransitie te krijgen moeten de oplossingen voldoende lonend zijn voor burgers, de kiezers dus. Daar moet een nieuw kabinet straks mee aan de slag in een regeerakkoord.”

Hijskranen

Bij de polder van Rijnenburg bewijst bewoner Pieter van Veenen, fel tegenstander van windturbines in zijn buurt, dat hij niet tegen alle duurzame energie is. “Windmolens nee, zonnepanelen oké”, is het motto van zijn actiegroep geworden.

Hij kan er best mee leven als er een deel van het poldergebied met zonnepanelen vol komt te liggen. Die maken geen geluid. “Een tijdelijk energiepark”, zo stelt hij het zich voor. “We hebben hard nieuwbouw nodig.” Liever ziet hij huizen in Rijnenburg verschijnen, omringd door groen en water. Maar tot de hijskranen aanrukken, mogen er wat Buren van Rijnenburg betreft best panelen op de grond liggen voor zonne-energie.

Met de verkiezingen op komst zit Van Veenen al in de programma’s te spitten, om te kijken wat de partijen vinden.

Lees ook:

Regio’s beloven wind- en zonneparken voor het klimaat, nu moet alleen de burger nog enthousiast worden

Dertig regio’s hebben najaar 2020 een eigen plan ingeleverd voor hun bijdrage aan het landelijk Klimaatakkoord. Aan enthousiasme geen gebrek: de overheden beloven veel nieuwe windmolens en zonnepanelen. Om te zorgen dat die er echt komen, moeten ze burgers er wel snel bij betrekken, waarschuwt het PBL.

Hagelslagbeleid rond windmolens en zonneweides sloopt het landschap

Bij de plaatsing van windturbines en zonneweides ontbreekt coördinatie. Daardoor verrommelt het landschap, vreest Friso de Zeeuw, adviseur gebiedsontwikkeling en emeritus hoogleraar gebiedsontwikkeling aan de TU Delft. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden