Interview

Met dieren had Victor Westhoff niets. Zijn erfenis weerklinkt in de Oostvaardersplassen

Natuurbeschermer Victor WesthoffBeeld RV

Victor Westhoff (1916-2001) was een van de grootste natuurbeschermers van de vorige eeuw. Maar ook een heel eigenzinnige, schrijft ecoloog Frank Saris in zijn biografie over deze botanicus.

Hij was een van de belangrijkste natuurbeschermers van de afgelopen eeuw, daar is zijn biograaf Frank Saris het wel met hem over eens. Victor Westhoff (1916-2001) was zelf al vroeg overtuigd van zijn eigen positie. "De goede man was er op zijn zeventiende al van overtuigd dat hij belangrijk zou worden, dus hij had alles bewaard." Dat hele archief - als je alle dozen achter elkaar zet is het vijftig meter lang - spitte Saris door. Vijf jaar later promoveerde hij op het leven van de eigenzinnige natuurbeschermer. Eerder deze maand publiceerde hij de bijbehorende biografie.

Victor Westhoff kreeg het vlak na de Tweede Wereldoorlog voor elkaar om uit de chaos die de natuurbescherming toen was één lijn te trekken. De algemene gedachte was toen nog dat de natuur in Nederland vooral beschermd moest worden tegen de mens, om die vervolgens met rust te laten. Westhoff was de eerste die zei dat de natuur alleen kan overleven dankzij de mens. De term 'natuurbeheer' deed zijn intrede: natuur met de sturende hand van de mens.

Westhoff was het niet eens met de manier waarop destijds met natuur werd omgegaan. "Het waren steeds maar heel kleine stukjes natuur die ze veilig konden stellen. Snippertjes in een zee van ellende", legt Saris uit. "Die snippertjes waren dan in een bepaalde fase van ontwikkeling. Hooiland, of een blauwgrasland. Als je dat niet zou beheren, zou dat langzaam een bos worden." Dat was de vrees van Westhoff. "Dat het allemaal oeverloos bos werd."

Starre botanicus

Beheren in plaats van behouden dus, zo luidde het pleidooi van Westhoff. De jonge Westhoff - hij was pas 29 jaar - wist met zijn rede op een bijeenkomst van de NJN (Nederlandse Jeugdbond voor Natuurstudie) in Drachten het conflict tussen de interventionisten en de non-interventionisten te beslechten. Ook legde hij voor het eerst een wetenschappelijke basis voor natuurbeheer, waardoor het in de jaren daarna professionaliseerde.

Voor de oorlog was natuurbeheer vooral iets voor enthousiastelingen met geld, die gebieden opkochten om ze te beschermen tegen ontginningen. Maar beheer was nodig volgens Westhoff om een monocultuur van bos tegen te gaan. Want een monocultuur zou ten koste gaan van de door Westhoff zo geliefde planten. Hij was een uitgelezen botanicus. Eigenlijk hield hij zich alleen maar met planten bezig, naar insecten en vogels keek hij niet om.

Letterlijk, vertelt Saris. "Dan stond hij met zijn studenten over een vegetatieplotje heen gebogen. Als de vogelaar in het gezelschap ook even om zich heen keek omdat er interessante beesten langskwamen, werd hij uitgefoeterd."

Die voortdurende focus op planten kwam Westhoff vanaf de jaren zeventig op kritiek te staan. Zelf heeft Saris zich als dierecoloog tijdens zijn studietijd ook afgezet tegen Westhoff. "Ik heb met plezier en interesse zijn boeken over planten gelezen, maar als student vond ik die exclusieve aandacht voor planten echt nergens op slaan."

Terechte arrogantie

Waar Westhoff in zijn jonge jaren de oude garde van repliek diende, draaide dit in de herfst van zijn leven om. "Vanaf de tweede helft van de jaren zestig was er een hele ecologische wetenschap ontstaan." Er werd meer naar het grote geheel gekeken, zowel naar planten als naar dieren. "Daar kon hij als botanicus weinig mee. Hij interesseerde zich echt alleen maar in de botanie. Hij vond zijn eigen boeken over wilde planten ook een soort standaardwerk. Met het uitkomen van deze boeken is het botanisch gedachtegoed wat mij betreft neergezet, schreef hij."

Was die arrogantie terecht? "In het begin wel, denk ik", zegt Saris. "Toen, na de oorlog, was hij eigenlijk de enige die een beetje de lijnen kon zien. Die heeft hij op papier gezet en er zijn allerlei onderzoekslijnen uitgezet." Op die manier legde Westhoff de wetenschappelijke basis voor natuurbescherming. "Wat ik historisch interessant vond, waren de parallellen tussen enerzijds de ontwikkeling van de natuurbescherming en anderzijds de ontwikkeling van de persoon Westhoff", zegt Saris. "Op het moment dat er behoefte was aan theorievorming binnen de natuurbescherming in de jaren vijftig, was Westhoff daar ook erg mee bezig. Toen er discussie was over de relatie met de landbouw, was hij daar weer mee bezig."

Victor Westhoff in 1992Beeld rolf roos

Oostvaardersplassen

De tot de jaren zeventig door Westhoff gedicteerde lijn werd losgelaten, er werd meer in grote eenheden gedacht, dieren gingen een grotere rol spelen. Westhoff zag er zelf de ironie niet van in dat hij nu zelf degene was die bekritiseerd werd. "Aan zelfspot ontbrak het hem volledig. Dat verklaart ook de gigantische frustratie aan het eind van zijn leven. Zelfs toen zijn leerlingen hem eens meenamen naar een aantal herstelde blauwgraslanden." Kijkend naar zo'n hersteld gebied liet hij zich zelfs niet overtuigen door zijn eigen ogen. Voor Westhoff was het duidelijk: "Eenmaal vernietigd is het voor altijd verdwenen."

Dom, zegt Saris over die starheid. "Het is strategisch ook niet interessant, want met beesten kun je veel meer mensen enthousiast maken over natuurbescherming dan met planten." Bovendien heeft de harde lijn van Westhoff ook nu nog gevolgen. "Kijk naar de Oostvaardersplassen, waar die grote grazers moeten voorkomen dat alles dichtgroeit, om moerasvogels op de been te houden." 
Die vogels verdwijnen, volgens sommige experts omdat de grazers alles opeten. "Vervolgens gaat het alleen nog over de grote grazers als goedkope beheerders. Daar is niet goed over nagedacht, omdat de architecten van de Oostvaardersplassen zich afzettende tegen de harde lijn van Westhoff, een afkeer van planten hadden en ook een gebrek aan botanische kennis. Dat had als gevolg dat over de botanische dimensie van het systeem daar nooit goed is nagedacht. Bovendien had de natuurbescherming tot dan toe nog geen ervaring met het beheren van zo'n grote oppervlakte."

Maar hoe zit het dan met Saris zelf? Hij is dierecoloog, was directeur van Sovon Vogelonderzoek en schreef een boek over de geschiedenis van vogelbescherming. Werkend aan zijn proefschrift kwam hij de tweedeling in de natuurbescherming tegen, alleen al omdat zijn promotor Joop Schaminée vegetatiekundige is én de Westhoff-leerstoel bekleedt, een leerstoel van de Radboud Universiteit Nijmegen en de Wageningen Universiteit. Die verschillende achtergronden schuurden soms met elkaar. Kritiek van collega's over Saris' al dan niet onafhankelijke positie heeft hem nog niet bereikt.

Maar het is wel tekenend voor de tweedeling die altijd in de natuurbescherming heeft bestaan. De koppigheid, de grote ego's, het gebrekkige samenwerken of delen van visies. "Het zijn door de jaren heen allemaal mannen geweest aan de top van de natuurbescherming. Ik denk dat een vrouw op een invloedrijke positie wel een verschil had kunnen maken, die had voor meer verbinding kunnen zorgen, minder in de egosfeer kunnen blijven."

Strijd op sociale media

En nu? De natuurbescherming staat voor een enorme uitdaging: het verdwijnen van de insecten, de afnemende biodiversiteit, het voortdurende gevecht met de landbouw. Saris is een optimist, benadrukt hij, maar hij is ook kritisch. In de epiloog van zijn boek schrijft hij dat generatieconflicten kenmerkend zijn voor de natuurbescherming.

Behalve nu, want: "Er is geen strijd. Er studeren steeds weer knappe koppen af, maar die hoor je daarna nauwelijks meer. Terwijl ik vind dat je je echt druk moet maken over biodiversiteit in het landelijk gebied. Misschien speelt de strijd nu ergens anders, op sociale media?" Saris aarzelt. "Het is ook een beetje 'opa vertelt', maar ik zie die actiebereidheid van toen niet opnieuw ontstaan."

Westhoff-lezing met Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer

Vandaag wordt de jaarlijkse Victor Westhoff-lezing uitgesproken, dit jaar door Mark van der Tweel, directeur van Natuurmonumenten en Sylvo Thijsen, directeur van Staatsbosbeheer. Westhoff-biograaf Frank Saris hoopt in die rede een reactie op zijn boek te krijgen. "Ik wil weten hoe zij een hoopgevende toekomst voor de natuur voor zich zien. Als ik jonge mensen spreek, vragen zij zich af wat ze in de natuur te zoeken hebben."

De boodschap van Saris is dat juist de jongere generatie de mogelijkheid heeft om dat te veranderen. "Ik vind dat je daar als natuurbescherming ook perspectief bij moet geven, een taak."

Lees ook: Natuurbescherming in de Europese Unie krijgt een onvoldoende

Ruim een jaar nadat Europese lidstaten op de vingers zijn getikt, is er nog weinig verbeterd aan de naleving van de richtlijnen. Ook Nederland schiet nog steeds tekort. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden