Duurzame 100 Onderzoek

Meet je stad, met sensoren en verhalen

Harmen Zijp en de bouwploeg van Meet je Stad. Beeld Patrick Post

In het project ‘Meet je Stad’ brengen inwoners van Amersfoort klimaatverandering in kaart, met natuurobservaties, verhalen en metingen. Goed voor plaats 6 in de Duurzame 100.

Harmen Zijp is al ­zeventien jaar in de War. Niet in de war, maar in de War, een voormalig bedrijfspand in Amersfoort dat nu dienst doet als ­culturele broedplaats. Zijp woont sinds begin deze eeuw in dit ‘laboratorium voor de maatschappij’. Hij studeerde ooit scheikunde, deed professioneel aan theater en is nu kunstenaar en onafhankelijk onderzoeker. Hij is de personificatie van ‘Meet je Stad’, een project waarbij burgers in en rond Amersfoort het klimaat in de eigen leefom­geving onderzoeken.

Op de bovenverdieping van de War heeft zich deze zaterdagmiddag een groepje mannen verzameld. Gezeten rond een tafel en met soldeerbouten binnen handbereik lijken ze een knutselclub te vormen. Op groene printplaatjes bevestigen ze met een druppel tin verschillende sensoren: een metertje voor temperatuur en luchtvochtigheid, een gps-sensor voor de ­locatiebepaling, een microcontroller, een radio met antenne om gegevens te versturen. Tezamen vormt het een meetstation. Voorzien van een setje batterijen kan het station anderhalf jaar lang autonoom functioneren. Elke vijftien minuten stuurt het meetgegeven door naar een database. Die gegevens verschijnen ook meteen op een website.

‘Meet je Stad’, vertelt Harmen Zijp, vindt zijn oorsprong in de Coöperatieve Universiteit Amersfoort, waarvan hij in 2012 een van de ­oprichters was. “Wij vonden dat een stad als Amersfoort een plek moet hebben voor kennis­uitwisseling op academisch niveau. En wij kozen voor de vorm van een coöperatie, zoals boeren honderd jaar geleden ook hadden met zuivelfabrieken: samen leg je geld en kennis bij elkaar zodat je kunt doen wat je wilt doen. Bij de Universiteit van Amersfoort is dat: vrij onderzoek, puur gedreven door nieuwsgierigheid, wat aan de echte universiteit niet kan.”

Burgerwetenschap

Aan de Amersfoortse universiteit kan ­bovendien iederéén onderzoeker zijn. Zijp: “Ik verbaas mij erover dat wetenschap alleen professioneel kan worden beoefend. Je moet eerst jaren studeren, dan een promotie afronden en dan pas ben je wetenschapper. Terwijl in de kunst de variatie veel groter is: zowel liefhebbers als professionals bedrijven kunst. Bij wetenschap lijkt het alles of niets, terwijl ook dat een gepassioneerde hobby kan zijn. Iedereen kan betrokken zijn bij kennis. Met ‘Meet je Stad’ hoop ik dat te bevorderen. Burgerwetenschap vind ik heel spannend.”

De bovenverdieping van de War is gevuld met stalen bureaus en ­archiefkasten. Er staat een vi­trine vol broodroosters. In een boekenkast van groentekistjes prijken zestien delen Winkler Prins encyclopedie, een globe en stapels oude tijdschriften. In de hoek staat een antieke stofzuiger. Harmen Zijp schuifelt rond de tafel waar de mannen hun meetstationnetjes assembleren. Alsof het lego is, zijn alle benodigde onderdelen van het meetstation alvast verzameld in een plastic doos en is er een gedetailleerde bouwinstructie. Zodra er een stationnetje klaar is, koppelt Zijp het met een kabeltje aan zijn laptop. Als blijkt dat alles doet wat het moet doen, krijgt het meetstation een behuizing van witgeschilderde pvc-pijp met een plastic dekseltje.

Beeld Patrick Post

‘Meet je Stad’ heeft sinds de start in 2015 meer dan vierhonderd meetstations gebouwd. In Amersfoort hangen ze verspreid over de stad, aan lantaarnpalen, op daken en in tuinen. “Eén stationnetje is ooit gevandaliseerd”, weet Zijp. “Mogelijk dacht iemand dat het een snelheidscamera was.”

Relatie weer en natuur

Het meten van het klimaat in hun stad doen de inwoner van Amersfoort niet alleen met sensoren. Want behalve de ‘meetgroep’ die deze zaterdag bijeen is, kent ‘Meet je Stad’ ook een ‘floragroep’ en een ‘verhalengroep’. De ­floragroep observeert flora en fauna in de stad, volgens de principes van de fenologie, de leer van de relatie tussen het weer en het leven in de natuur. De leden van de floragroep noteren waarnemingen over bijvoorbeeld het madeliefje, de berk en de vlier, want door klimaatverandering verandert de natuurkalender van veel plantensoorten zichtbaar.

De verhalengroep brengt, zonder vragen­lijsten of diepte-interviews, in kaart hoe ­bewoners het klimaat in de stad zelf ervaren.

Die ‘open’ werkwijze, zegt Zijp, is een essentieel onderdeel van ‘Meet je Stad’. “We ­onderzoeken niet alleen het klimaat, maar ook het fenomeen zelforganisatie.” Al moet hij ­toegeven dat dat soms voor spanningen zorgt tussen vrijwilligers: de een hecht veel meer aan een gestructureerde aanpak dan de ander. Zijp: “Bij ons is het elke keer een verrassing óf we bij elkaar zullen komen en met hoevelen dan. We komen uit een samenleving waarin er altijd wel iemand is die zegt wat er moet gebeuren. Zelden vraagt iemand: wat vind jíj belangrijk? En al helemaal niet als het over zoiets groots als klimaatverandering gaat.”

Hitte in de stad

Aan de tafel steekt Luc van Zandbrink (wit T-shirt, vrolijk blauw brilmontuur) de soldeerbout terug in de houder. Behalve enthousiast deelnemer aan ‘Meet je Stad’ is Van Zandbrink onderzoeker bij het lectoraat Urban Technology aan de Hogeschool van Amsterdam. Hij ­bestudeert met collega’s hitte in de stad. De hogeschool is benieuwd of de resultaten van burgerwetenschap te koppelen zijn aan het officiële onderzoek. “Meet je Stad levert interessante data”, zegt Van Zandbrink. “Bijvoorbeeld dat op een grasveld de nachttemperatuur lager is dan op straat in het centrum van de stad.”

Beeld Patrick Post

Van recente meetgegevens uit Amersfoort heeft Van Zandbrink grafieken gemaakt en ­uitgeprint. Op klemborden liggen ze op tafel te wachten op bespreking door de leden van de meetgroep. Neem nu die warme zomer van 2018. In De Bilt mat het KNMI één warme nacht boven de twintig graden. Maar op sommige plekken in Amersfoort bleek het wel tien nachten boven de twintig graden te blijven. Harmen Zijp weet: het KNMI doet alleen metingen buiten de stad, omdat het anders bijna niet mogelijk is om verschillende metingen te doen onder gelijke omstandigheden.

Voor een stadsbestuur of een waterschap kan het juist van belang zijn om te weten wat er gebeurt in een bebouwde omgeving. Maar dat betekent volgens Zijp dan weer niet per se dat daar een rol is weggelegd voor ‘Meet je Stad’: de burgers krijgen geen opdracht van de gemeente Amersfoort om eens iets uit te zoeken, en ook hebben ze niet direct de behoefte om op eigen initiatief rapportages aan te leveren. Zijp: “De verwerking van onze gegevens is nog vorm aan het krijgen.”

Aan tafel wordt de sfeer ondertussen jolig. De een vindt de meetstations ‘toys for boys’, een ander vindt het bouwen ervan ‘breien voor mannen’. Dat er vandaag alleen mannen zijn, is toeval, haast Zijp zich te zeggen. “Doorgaans is de groep heel gemengd. Er hebben bijna evenveel vrouwen als mannen een meetkastje gesoldeerd.”

Voor wie nog niet zo bedreven is met de ­soldeerbout heeft Zijp op zijn T-shirt een subtiele tip laten drukken: ‘Als het naar kip ruikt, heb je hem verkeerdom’. 

Lees alles over de Duurzame 100 op Trouw.nl/Duurzame100

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden