Mooiste NederlandNoord-Brabant

Landgoed De Utrecht: Parel van De Kempen

Het is lekker sjokken over de zanderige bospaadjes en langs het beekje de Reuzel op Landgoed De Utrecht. Nee, dat is niet vernoemd naar de provincie.

Keigezellig is het op het royale terras van de Esbeekse herberg In den Bockenreyder, waar de geur van spekpannenkoeken je tegemoet walmt. Maar daarvoor zijn we niet gekomen. In een hoek van het horecaterrein begint de wandelroute over landgoed De Utrecht, waarvan de geelgroene markering niet direct is te vinden. Die blijkt na wat speuren schuil te gaan achter een tafeltje met een talrijk Brabants gezin dat de zomer viert.

Na deze aarzelende aanvang loopt het gesmeerd. Letterlijk nog geen paar honderd meter op pad en al geen kip meer te bekennen. Daarbij zijn mijn vaste wandelkompaan en ik direct gecharmeerd van de verstilde schoonheid van De Utrecht. Open gemengd bos dat het zonlicht fraai filtert, zeeën van frisse varens tussen de boomstammen, en alras een romantisch houten bruggetje over de meanderende beek de Reusel. Die kort voor onze komst werd volgepompt met grondwater om er onder meer de zeldzame beekprik van de ondergang te redden. Voor de derde zomer op rij viel de smalle stroom droog. Dat het wisselvallige Hollandse weer van de juliweken – met zo nu en dan een plensbui – in dit diepe Zuiden onvoldoende soelaas bood, viel al op in de aanloop naar de populaire herberg. Bij passerend autoverkeer deed het opstuivende zand van de onverharde toegangsweg je bijkans snakken naar een mondkapje.

De opkomst van de kunstmest luidde eind negentiende eeuw ook voor de woeste gronden van De Kempen een nieuw tijdperk in. Een levensverzekeringsmaatschappij kocht er ettelijke duizenden hectaren aan om de weinig vruchtbare bodem gebruiksklaar te maken voor bosbouw en agrarische activiteiten. Die maatschappij heette De Utrecht, vandaar de atypische naam van het illustere landgoed.

Zo’n fenomeen zou je misschien niet direct associëren met het van origine doodarme Noord-Brabant, waar generaties keuterboeren met pijn en moeite de eindjes aan elkaar knoopten. Toch telt de provincie liefst 150 landgoederen, vermeldt expertisecentrum Brabants Erfgoed. De ranglijst wordt volgens de organisatie aangevoerd door De Utrecht, vanwege zijn omvang en vooral schoonheid – met dank aan de verzekeraar (tegenwoordig ASR). Die kwam precies een eeuw geleden tot het ideële inzicht om zijn bezit niet louter voor economisch gewin aan te wenden.

Door dat wijselijke besluit gaat De Utrecht heden ten dage door voor de Parel van de Kempen. Een etiket waarin we ons – hoewel we de rest van de streek eerlijk gezegd nauwelijks kennen – best kunnen vinden. Het is sowieso lekker sjokken over de smalle bospaadjes, waarlangs bomvolle bramenstruiken dit najaar een uitstekende oogst beloven.

Geboerd wordt er nog altijd op het omvangrijke landgoed. De enkele asfaltwegen op het 11 kilometer lange wandeltraject voeren langs hoeves voorzien van rood-witte luiken, en de onvermijdelijke akkers met meer dan manshoge maïs waarvan Brabant ’s zomers steevast is vergeven. Die bezorgen de provincie qua landschappelijk schoon niet de beste reputatie. Maar het landgoed bespaart ons gelukkig die andere karakteristieke ellende: stinkende varkensschuren.

Wie écht van natuur houdt, gaat er wat mij betreft niet eeuwig durend in liggen

Even afzien is het stukkie langs de provinciale weg N269, waaraan de verzekeringsmaatschappij haar eveneens rood-witte geluikte bedrijfspanden vestigde. Na een krappe kilometer duiken we opgelucht de parkachtige omgeving van het vastgoed in. Een ferme vijverpartij waarboven libellen helikopteren, hagen van rhododendrons en lanen met majestueuze bomen zetten de toon.

Vervolgens voert het over een natuurbegraafplaats – een verschijnsel dat niet direct mijn sympathie heeft. Wie écht van de natuur houdt, gaat er wat mij betreft niet eeuwig durend in liggen. Maar toegegeven: deze organisch aangelegde dodenakker vormt alles behalve een dissonant op het landgoed.

Laatste troef van de route is de omvangrijke ven De Flaes: een prachtplek door de miniscule eilandjes met bomen in het midden, en uitstraling van eeuwig durende rust. Nogal een contrast met In den Bockenreyder, waar we even later weer belanden. Daarom verkiezen we een serenere plek om nog even aangenaam te verpozen. Aan de N269 prijkt ook Huize Rust­oord, voormalig vakantie­verblijf voor de medewerkers van verzekeraar De Utrecht, dat kunsthandelaar Ad de Bruijn in de oude luister herstelde en omturnde tot een hotel-restaurant annex galerie. Zelfs in de royale wc’s hangen werken te koop. Wij houden het bij de aanschaf van een biertje op het weidse terras, en toosten tevreden op het landgoed.  

Wandeling

De wandeling ‘Houtvesters – tot Flaestoren’ van 11 kilometer is te vinden via: www.landgoedde­utrecht.com. Op de site staan eveneens kortere routes over het landgoed. Bus 143 vanuit Tilburg stopt in de buurt van herberg In de Bockenreyder, maar niet op zondagen. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden