column

Laat Nederland een Duitse bruinkoolcentrale sluiten

Een bruinkoolcentrale bij Garzweiler, vlak over de Nederlandse grens en net als die bij Weisweiler van energiebedrijf RWE. Beeld Reuters

Nederland moet snel zijn CO2-uitstoot verminderen en sluiting van kolencentrales lijkt dan de enige effectieve maatregel. Maar als de wind even niet waait moeten we stroom importeren, stroom uit onder meer heel erg vervuilende Duitse bruinkoolcentrales. Dat moet slimmer kunnen.

Eind volgend jaar zou Nederland zijn CO2-uitstoot met 25 procent hebben verlaagd ten opzichte van 1990. Dat was de  opdracht die de regering zichzelf gaf, en vervolgens niet uitvoerde. We blijven steken op 21 procent. De rechter bepaalde de afgelopen jaren echter tot twee keer toe dat die 25 procent wel degelijk moet worden gehaald. Dat betekent dat er nu snel jaarlijks 9 miljoen ton CO2 extra bespaard moet worden. 

Dat is eigenlijk alleen maar haalbaar als we enkele van de vijf nog draaiende kolencentrales sluiten. Die spuwen elk 3 of meer miljoen ton CO2 per jaar de lucht in, dus dat zet zoden aan de dijk. Maar de stroom van die kolencentrales hebben we soms hard nodig, bijvoorbeeld als het niet waait en de zon niet schijnt, zodat we veel te weinig wind- en zonne-energie opwekken. Op die momenten moeten we stroom uit buurlanden halen. 

Vier keer zo vervuilend

België kampt zelf met stroomtekorten en is dus geen logische leverancier. Duitsland daarentegen exporteert stroom en daar zouden we wel kunnen aankloppen. Duitsland heeft zelfs diverse grote elektriciteitscentrales vlakbij de Nederlandse grens, dus dat is extra makkelijk. Maar dat zijn wel bruinkoolcentrales, centrales die anderhalf tot vier keer zo vervuilend zijn als de Nederlandse kolencentrales. Hun stroom gebruiken helpt het milieu dus niet echt vooruit. 

Wij hebben drie kolencentrales uit 2015 en 2016, heel nieuwe centrales dus, die relatief schoon zijn: ze stoten 743 gram CO2 uit voor elke kWh die ze aan stroom produceren. En we hebben nog twee oudere, uit de jaren negentig, die 814 gram CO2 per kWh uitstoten. In Duitsland  staan iets ten oosten van Roermond en Heerlen vier bruinkoolcentrales die maar liefst 1100 tot zelfs 3090 gram CO2 per kWh uitbraken. Als je van vervuilende stroom af wilt, zou je met sluiting van die centrales dus veel meer resultaat boeken dan met sluiting van de veel minder vervuilende Nederlandse centrales.

Je bent geneigd de per kWh meest vervuilende centrale als eerste te sluiten. Dat zou Frechen zijn, 50 kilometer ten oosten van Heerlen. Die spuwt dus ruim 3 kilo CO2 de lucht in voor elke kWh die er wordt geproduceerd. Maar gelukkig produceert Frechen maar weinig stroom en dus ook relatief weinig CO2 (1,27 miljoen ton). Een veel belangrijker centrale is die van Weisweiler, op slechts 20 kilometer van Heerlen. Met 1250 gram CO2 per kWh is die wel veel schoner dan Frechen, maar ruim anderhalf keer zo vervuilend als de Nederlandse steenkoolcentrales. En Weisweiler produceert veel stroom, 15 TWh per jaar, en spuit daarbij 18,9 miljoen ton CO2 de lucht in. Weisweiler is een van de meeste vervuilende centrales van Europa.

Die 15 TWh aan stroom kan Duitsland ongetwijfeld niet zomaar missen. Die zal op sommige momenten wellicht moeten worden gecompenseerd vanuit het buitenland, zeker als Duitsland ondertussen ook nog andere bruinkoolcentrales sluit, zoals de bedoeling is. Die stroom zou geleverd kunnen worden door drie Nederlandse kolencentrales: De oude Amercentrale en de twee nieuwe centrales op de Maasvlakte, samen goed voor 15 TWh en 11,5 miljoen ton CO2.

Ruim boven 25 procent

Door één Duitse bruinkoolcentrale te sluiten, in plaats van drie Nederlandse steenkoolcentrales, verlagen we de CO2-uitstoot in onze regio dus niet met 11,5 maar met met 18,9 miljoen ton. Dat is twee keer de 9 miljoen ton die we moeten besparen om aan onze 25 procentnorm te voldoen. Bingo!

Nou zullen we af en toe de stroom van onze drie centrales niet kunnen missen en dus ook niet aan Duitsland kunnen leveren. We zullen dan enkele gasgestookte centrales uit de mottenballen moeten halen. Die leveren op die momenten dan wel weer extra CO2-uitstoot op, maar gascentrales zijn de meest schone fossiele centrales. Ze stoten pakweg 400 gram CO2 per kWh uit, de helft van de uitstoot van moderne kolencentrales en slechts een derde van de CO2-uitstoot van Weisweiler. 

Koopman

Als we dan toch die gascentrales weer in gebruik nemen,  kunnen we ook onze drie kolencentrales sluiten zonder stroom uit Duitsland te moeten importeren, zult u wellicht zeggen. Misschien wel, maar dat zou zonde zijn. Want als gezegd besparen we met sluiting van Weisweiler veel meer CO2 dan met die drie eigen kolencentrales. En om de koopman in u maar even te kietelen: ik gok erop dat de compensatie die Nederland moet betalen voor de sluiting van Weisweiler veel lager is dan de compensatie voor de sluiting van drie Nederlandse centrales, waaronder twee gloednieuwe.  

Bedrijven die CO2 uitstoten maar daar alleen tegen exorbitant hoge kosten iets aan zouden kunnen doen, mogen hun uitstoot ook compenseren door de CO2-uitstoot in een ander land te helpen verlagen. Nederland zou als land ook een beroep kunnen doen op zo'n regeling. Dat zou het milieu bij ons en bij onze oosterburen enorm helpen. Zouden we  het met de Duitsers niet op een akkoordje kunnen gooien? 

In zijn weblog ‘Vincent wil zon’ belicht Vincent Dekker innovaties en ontwikkelingen op het gebied van groene energie, dichtbij en ver van huis. Lees meer afleveringen op trouw.nl/vincentwilzon.

Lees ook:

Miljardenellende kolensector is gevaar voor natuurherstel

Hoe minder kolen er worden opgestookt hoe beter, en dat kolenbedrijven het daardoor moeilijk hebben: tja, dat hoort er dan bij. Maar ook de natuur en de belastingbetaler zouden er wel eens slechter van kunnen worden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden