ColumnPatrick Jansen

Laat de wereld weer wild worden

David Attenboroughs film ‘A Life on our Planet’ koppelt op indrukwekkende wijze het onvoorstelbare natuurverlies aan één mensenleven: het zijne. Hij blikt terug op zijn 70-jarige carrière als maker van natuurdocumentaires, en laat daarbij drie tellers meelopen.

Het aantal mensen verviervoudigt. Het koolstofgehalte in de atmosfeer loopt op van 300 tot meer dan 400 ppm. En het oppervlak resterende wildernis halveert. De tellers gaan almaar harder. De mens loopt al het andere leven op aarde compleet onder de voet en bedreigt de stabiliteit van de aarde, een ijzingwekkend doemscenario.

Maar hij eindigt met optimisme. Het is nog steeds mogelijk om de natuurlijke rijkdom van de wereld – de biodiversiteit – te redden. En uiteindelijk ook de mensheid zelf. Het is bijzonder om te zien hoe verschillend kijkers deze boodschappen interpreteren.

‘De mens moet zichzelf in toom houden’

De populatiegroei moet worden aangepakt, zag Jelle Reumer, eminent columnist in deze krant. Met technologie en ongeëvenaarde samenwerking heeft de mens zich ontworsteld aan de wetten van de natuur: de natuurlijke vijanden, voedseltekorten en concurrentie die elke andere soort op aarde in het gareel houden. De mens moet daarom zichzelf in toom gaan houden, door ontwikkeling, geboortebeperking, emancipatie en educatie. “Elk milieuprobleem wordt makkelijker op te lossen met minder mensen”, zegt Attenborough hierover.

De overconsumptie moet omlaag, zag Jaap Tielbeke, redacteur van De Groene Amsterdammer. Hij constateert dat vooral het rijkste deel van de wereldbevolking verantwoordelijk is voor het overgrote deel van de milieudruk. Als de rijksten hun hebzucht beteugelen, is er genoeg voor iedereen én voor de natuur.

Technologische innovatie kan het probleem oplossen, zagen tenslotte anderen. Attenborough toont de Nederlandse glastuinbouw als voorbeeld van hyperefficiënte voedselproductie op een klein oppervlak. Hoe minder oppervlak nodig is om voedsel te produceren, hoe meer ruimte er voor de natuur kan overblijven.

Uiteindelijk hebben ze alle drie gelijk. De impact van de mens is namelijk ruwweg gelijk aan zijn populatieomvang maal de gemiddelde consumptie van een persoon maal de technologische inefficiëntie. En die impact kan dus worden verminderd door zowel de bevolkingsgrootte te beperken als de consumptie per hoofd te verminderen, als de efficiëntie te verbeteren.

Veehouderij cruciaal deel van probleem

De agribusiness was er als de kippen bij om Attenboroughs complimenten aan de glastuinbouw te claimen voor de Nederlandse landbouw als geheel. Maar dat gaat te ver. Het is zonneklaar dat veehouderij – ook in Nederland het grootste deel van de landbouw – een cruciaal deel van het probleem is. Ze gebruikt nu zo’n 80 procent van de landbouwgrond wereldwijd.

Als de mensheid zich meer zou voeden met plantaardige producten, zou een enorme hoeveelheid ruimte vrijkomen. Die kan worden teruggegeven aan de natuur: weer wild worden en veel van de overmatige koolstof terughalen uit de atmosfeer. Dát is de kern van Attenboroughs pleidooi. Zoveel mogelijk ruimte aan de natuur teruggeven. Ook de wetenschap zegt dat dit moet én kan.

Het zal allemaal tegelijkertijd moeten gebeuren. Attenborough haalt graag een uitspraak aan van de Britse econoom Kenneth Boulding. ‘Wie gelooft dat exponen­tiële groei eeuwig kan doorgaan in een eindige wereld, is ofwel een gek of een econoom.’ Kijken, die film!

Patrick Jansen is ecoloog en universitair hoofddocent in Wageningen en schrijft voor Trouw om de week een column.

Lees ook:

‘A Life On Our Planet’ roept op tot actie: natuur is onze bondgenoot. Een recensie. ★★★

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden