Interview Caring Farmers

Kringlooplandbouw? Deze duurzame boeren gaan het gewoon doen

Pluimveehouder Ruud Zanders: ‘Wat wij leren, kunnen we met andere boeren delen.’ Beeld Maartje Geels

Een groep boeren mocht de minister vertellen wat zij zich voorstellen bij duurzame landbouw. Het antwoord gaat sommigen van hen niet ver genoeg. Zij gaan nu op eigen kracht aan de slag als ‘Caring Farmers’.

Vriendelijk lachend gaan ze samen op de foto. Als de fotograaf afdrukt, is het 7 minuten over 7 op maandagavond 18 februari van dit jaar. De locatie is restaurant Het Pomphuis in Ede. Minister Carola Schouten van landbouw staat in het midden, en om haar heen staat een groep van zo’n tien mannen en vijf vrouwen. Zij vormen een ‘klankbordgroep’ voor de minister: het zijn veehouders en akkerbouwers van wie ze graag wil horen op welke manier Nederlandse boeren circulair kunnen werken. De vraag is niet óf dat in Nederland kan – kringlooplandbouw is volgens de minister een absolute noodzaak.

“We putten de aarde uit”, schreef ze vorig jaar in haar toekomstvisie voor agrarisch Nederland. Wel laat Schouten zich graag door de boeren zelf uitleggen hóe ze haar visie kan vertalen naar het boerenerf. “Jullie zijn een stem van de sector en de spreekbuis van de individuele ondernemer. Houd ons scherp”, zegt de minister.

Na enig beraad neemt de groep de opdracht aan. De weken erna wordt er volop met elkaar gemaild, gebeld en gechat. Het mondt uit in vier A4’tjes met adviezen als ‘Kringlooplandbouw mag niet leiden tot een grotere administratieve druk op het boerenerf’ en ‘Creëer meer ruimte voor de aanwending van bewerkte en onbewerkte dierlijke mest op het boerenbedrijf ter vervanging van kunstmest’.

Namens de klankbordgroep presenteert IJsbrand Snoeij (boer op een gemengd bedrijf in Barneveld) het resultaat op 17 mei aan de minister. Het document, zegt hij, weerspiegelt de opvattingen van ‘de grootst mogelijke meerderheid’ van de vijftien boeren. Maar ze zijn het níet unaniem eens geworden.

De ‘klankbordgroep’ in restaurant Het Pomphuis in Ede, met minister Carola Schouten van LNV Beeld MARTIJN BEEKMAN / MINISTERIE LNV

“Het gaat mij lang niet ver genoeg”, zegt Ruud Zanders. Hij is pluimveehouder in Limburg. Met zijn bedrijf Kipster levert hij duurzame eieren aan Lidl. Ook twee andere leden van de klankbordgroep vinden dat er meer lef nodig is om de Nederlandse landbouw om te vormen. Gedrieën zijn ze daarom Caring Farmers begonnen, zegt Zanders.

Wie of wat zijn Caring Farmers?

“Behalve ikzelf zijn dat Annette Harberink en Geert van der Veer. Annette heeft een biologisch-dynamische melkveehouderij en Geert is de bedenker van ‘Herenboeren’, waarbij een groep burgers een coöperatieve boerderij begint en een boer in dienst neemt. Wij denken alle drie dat we de toekomst van de Nederlandse landbouw niet aan de politiek kunnen overlaten. We moeten zelf het heft in handen nemen. Kringlooplandbouw is een noodzaak, vinden wij. En wij gaan het gewoon doen. Wij staan een landbouw voor met een positieve impact op het klimaat. Ons doel is dat we volledig circulair werken en op onze bedrijven geen externe grondstoffen meer nodig hebben. We maken ons eigen diervoer, wekken eigen energie op en beheren ons eigen water.”

‘Caring’ betekent dat het je iets kan schelen. Zijn er volgens jullie dan boeren die het allemaal niks kan schelen?

“De meeste willen echt wel duurzaam werken. Tegelijkertijd moeten we vaststellen dat we dat in meerderheid niet doen. We zijn volkomen doorgeschoten in de manier waarop we voedsel produceren in Nederland. Wat ons betreft wordt het anders. Ons doel is dat meer boeren zo gaan werken als wij, met respect voor de natuur en voor dieren. Het kan en het is nodig. De minister zit klem tussen allerlei gevestigde belangen, dus haar invloed is beperkt. Wij boeren kunnen van onderaf de werkwijze veranderen.”

Wat kunnen jullie drieën voor andere boeren betekenen?

“We willen een beweging opbouwen en samen naar buiten treden. In het realisatieplan dat de minister heeft gemaakt voor de kringlooplandbouw worden Kipster en Herenboeren met name genoemd. Dat betekent niet dat wij de wijsheid in pacht hebben. Wij proberen het ook maar. En wat we daarbij leren, kunnen we met anderen delen. Ik zie dat niet als een ondermijning van ons eigen onderscheidende verdienmodel. Het gaat om de visie op voedselproductie, die naar wij hopen breed ingang zal vinden. Als dat betekent dat de concurrentie toeneemt, moeten wij zelf maar zorgen dat we onderscheidend blijven. Als wij frisdrankfabrikanten waren, zou ik zeggen: als steeds meer mensen cola gaan maken, moeten wij zorgen dat we Coca-Cola zijn.”

Kipster en de Herenboeren wijken wel erg af van het gangbare boerenbedrijf.

“Misschien. En toch, bij Kipster produceren we uiteindelijk gewoon eieren. Een van mijn compagnons bij Kipster heeft daarnaast nog een heel gewoon pluimveebedrijf samen met zijn ouders. Zoiets betekent niet dat je niet aan verandering kunt werken. Iedereen die alleen al bereid is om na te denken over verandering, is welkom bij de Caring Farmers.”

We hadden al de Caring Vets. Is er een verband?

“De Caring Vets is een groep van dierenartsen die vindt dat de Nederlandse veehouderij diervriendelijker kan. Ik ken ze, en ik kan me vinden in veel van wat ze zeggen. Wij willen een soort zusterorganisatie zijn. Maar om te komen tot een echt duurzame landbouw hebben we nog meer partijen nodig. Caring Scientists, bijvoorbeeld, wetenschappers zoals professor Esther Turnhout die in Trouw zei dat het tijd is dat Wageningen afstand neemt van de intensieve landbouw. Begrijp me niet verkeerd, wij hebben veel respect voor hen die al die jaren invulling hebben gegeven aan het naoorlogse adagium van Sicco Mansholt: ‘Nooit meer honger’. Maar de tijd van honger is in Nederland voorbij, we hebben nu andere problemen en die moeten worden aangepakt.”

De Caring Farmers willen ook een eind aan het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. Maar hoe moet een kippenboer dan bijvoorbeeld bloedluis aanpakken?

“Bij Kipster gebruiken we daarvoor roofmijten, de natuurlijke vijand van de bloedluis. En zo zijn er allerlei natuurlijke oplossingen beschikbaar.”

Jullie vinden ook dat er in Nederland te veel vee is. Klinkt gek, als boeren.

“Dat lijkt misschien zo. Maar het komt voort uit de rol die wij zien voor dieren in het ecosysteem. Naar onze mening moeten we dieren alleen restproducten voeren en alleen laten grazen op gronden waar niets anders kan groeien dan gras. Mest vormt weer voeding voor de gewassen. In Nederland hebben we nu meer mest dan gewassen, en dat veroorzaakt veel van de huidige problemen: te veel stikstof, verzuring van de bodem, vervuiling van het water. De draagkracht van een gebied moet het aantal dieren bepalen. Ja, dat zal dan een aanzienlijke daling van het aantal dieren in ons land betekenen. En dat heeft consequenties voor ons consumptiepatroon en onze export: minder vlees en zuivel en meer plantaardig.”

“Bovendien zijn dieren wezens met gevoel en intelligentie. Dankzij iemand als Frans de Waal weten we daar steeds meer over. Ook dat verplicht ons om opnieuw na te denken over hoe we met dieren omgaan. Als Caring Farmers zoeken we naar systemen waar onze dieren hun natuurlijke, soorteigen gedrag kunnen tonen onder zo natuurlijk mogelijke omstandigheden.”

Kringlooplandbouw kan helemaal niet, zeggen critici: het kost geld en levert niks extra’s op en zolang we menselijke uitwerpselen nog door het riool spoelen en niet op het land brengen, is er geen volledige kringloop.

“Op het idee van kringlooplandbouw kun je veel kritiek hebben. Maar is dat een reden om niets te doen? Toen Kennedy zei dat hij naar de maan wilde, wist ook nog niemand hoe dat dan precies moest. We hebben een doel nodig om naartoe te werken. We hebben een ideaal en daar werken we naartoe. Niets doen, en alles bij het oude laten, is desastreus. Dus elke stap die we zetten is winst, en elke boer die meedoet is winst. Laten we beginnen om, zolang we nog dieren houden dat zo goed mogelijk te doen. Nu komt iedereen bewonderend kijken hoe efficiënt en hoogproductief de Nederlandse landbouw is. We zijn daarin een koploper in de wereld. Maar de negatieve effecten op mens, dier, milieu en klimaat worden pijnlijk zichtbaar. Laten we zorgen dat over tien jaar de wereld komt kijken hoe Nederland vooroploopt in kringlooplandbouw. En dan bedoelen wij: écht kringlooplandbouw, niet een paar veranderingen op papier.”

Wat vindt de minister eigenlijk van jullie idee?

“Dat weet ik niet. Zij heeft het ons niet opgedragen of gevraagd, dit komt uit ons drieën zelf. Maar we denken dat het haar zal aan­spreken.”

Lees ook:
De vernieuwingen in de landbouw raken boer, consument én dier

De consument die hoge eisen stelt aan de producten van boeren, zal ook meer moeten betalen, vindt minister Schouten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden