Inktloos printen kan, nu de printers nog

Arnaud van der Veen van InkLess Beeld Phil Nijhuis

Het begon bij een borrel voor ondernemende studenten. Printen zoals we dat nu doen, dat moet toch beter kunnen? Inmiddels zijn de twee mannen achter Inkless klaar om de wereld te veroveren.

Zo op het oog is het niets bijzonders. Gewoon een deur, van een doodgewoon kantoor in Delft. Maar daar, veilig achter slot en grendel, staat het resultaat van vier jaar noeste arbeid: het laatste prototype van Inkless, het bedrijfje dat de wereld van printers op zijn kop moet gaan zetten.

Arnaud van der Veen (29), de commercieel directeur van Inkless, doet de deur van het slot en het licht aan. Op een tafeltje tegen de muur staat een wonderlijk apparaat ter grootte van een hutkoffer. De buitenkant is beplakt met karton, zodat de techniek die erin zit zich slechts laat raden.

Hier is het dus om te doen. Hiervoor sturen grote, wereldbekende firma’s die handelen in printers vertegenwoordigers naar Delft; om dit wonder te aanschouwen. “Al die bedrijven weten ons inmiddels te vinden”, zegt Van der Veen. En allemaal komen ze kijken naar wat hier op tafel ligt: papiertjes. Diepzwart op kraakhelder wit. Logo’s van bedrijven, Q&R-codes. Proefprints uit de hutkoffer. Ze zijn niet geheel feilloos, erkent Van der Veen. “Dat behoeft nog enige optimalisatie.” Elders in het kantoorgebouw, in het Inklesslab, wordt daaraan gewerkt. Maar het zijn deze proefjes die bewijzen dat de hutkoffer kan printen.

'Revolutie in printing'

En hoe. Anders dan gewone printers, gebruikt dit ‘wonder van Delft’ helemaal geen inkt. Een cartridge of toner zal je er ook niet in aantreffen. En je kan er net zoveel papier of karton mee bedrukken als je wilt. Een revolutie in printing, belooft het kersverse bedrijfje op zijn website.

Een voorbeeld van een inktloze print Beeld rv

Inkless ontstond bij toeval. In 2013 liep Van der Veen, toen nog student civiele techniek, bij een borrel voor ondernemende studenten Venkatesh Chandrasekar tegen het lijf, een student uit India. “Hij had een kartonnetje bij zich, met daarop een streepje.” Zo op het oog niks bijzonders. Maar dit streepje was er met een laser op aangebracht, legde Venkatesh uit. Hij was toen nog student industrieel ontwerpen. “Venkatesh is het type ingenieur dat snel denkt: zoiets moet toch beter kunnen?”, zegt Van der Veen over zijn compagnon. Dat ‘het moet beter kunnen’ gold in dit geval dus voor de printer. “Wie ergert zich daar nou niet groen en geel aan? Altijd is de toner of cartridge op. En daar kom je natuurlijk pas achter als je iets belangrijks wilt afdrukken.” Bovendien, vervolgt de commerciële directeur, zijn cartridges duur en inkt bevat vaak chemische bestanddelen. En dat is slecht voor het milieu. Net als de verwerking van die afgedankte plastic cartridges, smerig werk dat nu in lagelonenlanden wordt uitgevoerd.

Maar eerlijk is eerlijk, ze worden niet alleen gedreven door duurzaamheidsidealen. “Maar voor de samenleving is het mooi meegenomen als onze techniek een einde kan maken aan de huidige, milieubelastende printtechniek.” Feit is dat mensen niet betalen voor duurzaamheid, is Van der Veens stellige overtuiging. “Je moet dus ook met andere argumenten komen om de markt te veroveren. Naast duurzamer moet het bijvoorbeeld ook goedkoper of gemakkelijker in gebruik zijn.”

Bonnetjes

Waarna hij weer wat nadelen van de gangbare printtechnieken opsomt. Wat te denken van die bonnetjes van de supermarkt? Die worden geprint op thermisch papier. “Na verloop van tijd verbleekt dat en kun je niks meer lezen.”

Het is duidelijk: hij zag dus wel wat in wat Venkatesh hem op die borrel liet zien. “Wij hadden elkaar gevonden. Ik met mijn commerciële interesse, hij met zijn technische kennis als Delftse ingenieur.”

Vanaf dat moment ging het snel: na een avondje in de kroeg en gewapend met het nodige advies van bedrijven die via het universitaire netwerk Yes!Delft startende Delftse studentondernemers bijstaan, besloot het duo te onderzoeken of een patent mogelijk was. Dat kostte de nodige tijd maar uiteindelijk lukte het de techniek te registreren in de belangrijkste landen, onder andere in Azië, Europa en de VS. “Belangrijk, want zo’n patent biedt je tijd om je product verder te ontwikkelen en uiteindelijk op de markt te brengen”, zegt Van der Veen. “Maar het is ook een kostbare grap, die registratie.”

Hij was toen, net als zijn compagnon, nog niet afgestudeerd - dus ieder patent hakte er fors in. Het aantrekken van investeerders of banken bleek lastig, want wie investeert er nu in twee studenten? “Gelukkig kwamen we wel in aanmerking voor zes subsidies, onder andere voor duurzame innovaties. Nee, vrienden of familieleden wilden we niet om geld vragen. Die investeren niet om de beste reden maar vooral omdat ze jou willen steunen. Dat geld willen we niet. Uiteindelijk moet je het bij het kerstdiner toch vooral kunnen hebben over de kalkoen en niet over je bedrijf. En ik vind: als je geen geld van een externe partij kan krijgen, dan verkoop je je project niet goed genoeg. Of je project is gewoon slecht.”

De subsidies stelden hen in staat de patenten te betalen en een eerste prototype te bouwen. Later stapten ook nog ‘business angels’ aan boord. Private investeerders, die in ruil voor aandelen geld in Inkless staken. “Zij zitten er nu dus op eenzelfde manier in als Venkatesh en ik: dat is een prettig gevoel.” Maar nieuwe investeerders, benadrukt Van der Veen, zijn altijd welkom.

Vervolgens ging het er dus om de techniek te verfijnen. “Hoge resolutie, dezelfde snelheid qua printen, diepzwarte tonen: daar werkten we 2,5 jaar aan.” Zo werd op het lab van Inkless een speciale laserkop ontwikkeld waarvan de prestaties extern zijn gevalideerd. “Dat was een belangrijke mijlpaal: we hadden bewezen dat onze printer hetzelfde kon als alle andere, bestaande zwart-witprinters.” Nee, dat hun printer geen kleur biedt, is geenszins een belemmering, vindt de commercieel directeur. “Wereldwijd worden bijvoorbeeld jaarlijks nog steeds zo’n 5 miljoen zwart-witprinters verkocht, aan kantoren en particulieren.”

Toen Inkless eenmaal in het nieuws kwam, dienden de printerfabrikanten zich als vanzelf aan, zegt Van der Veen. “Ze weten allemaal dat je innovatie niet kunt stoppen maar moet omarmen. Zie het voorbeeld van Kodak, dat de ogen sloot voor de digitale fotografie en uiteindelijk ten onder ging.”

De wereld zal veranderen

Inkless is in ieder geval op samenwerking uit, onderstreept de commercieel directeur. Daarover lopen nu dus gesprekken. “Dat is de beste manier om onze techniek naar de markt te brengen. Wij hebben immers geen productiefaciliteiten voor printers, geen distributienetwerk of marketingafdeling.” Maar binnen twee jaar is het zover, denkt hij. “Dan wordt ons product toegepast in de verpakkingsmarkt, voor de industriële print. Twee jaar later volgen de labels, daarna de productieprinters van uitgeverijen en ook de kantorenmarkt. En uiteindelijk die enorme consumentenmarkt met zijn miljoenen printers.” Ja, dan heb je het over vier tot zes jaar. Maar de wereld zal er door veranderen.

Een printje zal nooit meer hetzelfde zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden