Alicia Geldrop geeft de plantjes in de kas water, haar kind en kleinkind helpen haar. Rechts op haar hurken werkt Maureen in haar tuin.

Reportage Helend tuinieren

In de ‘healing garden’ fleuren de vrouwen uit de Venserpolder weer op

Alicia Geldrop geeft de plantjes in de kas water, haar kind en kleinkind helpen haar. Rechts op haar hurken werkt Maureen in haar tuin. Beeld Maartje Geels

Vrouwen uit de wijk Venserpolder in Amsterdam Zuidoost vergeten hun zorgen als ze de bezem, hark en tuinslang in de stadstuin oppakken.

Met krachtige, niettemin sierlijke vegen borstelt Maureen(50) de binnenplaats van woonblok 10 schoon. Een grijs lint bindt haar zwart gekrulde haren – grijzend aan de slaap – samen tot een bosje. “Het moet er wel netjes uit blijven zien”, zegt ze met een ernstige blik, gevolgd door een grote glimlach.

De bloeiende natuurtuintjes zijn verscholen tussen een van de zestien woonblokken van het stadse wijkje Venserpolder in het Amsterdamse stadsdeel Zuidoost.  Een gezelschap van ruim twintig vrouwen uit de buurt onderhoudt ze. Dit is een van de sociale projecten van Bloei & Groei, met als doel dat vrouwen aan de relatie met zichzelf en die met de natuur werken.

Een vrouw die vanwege de hitte vlug haar tuintje royaal kwam besproeien, zwaait Maureen – in het dagelijks leven receptioniste bij een sociale dienst – hartelijk uit. “We zien elkaar vrijdag weer!” roept ze de vrouw toe. Drie keer per week van tien tot één is het tuintje open. “En daarna is het hangen en kletsen.”

Het is Maureens tweede jaar als tuinier bij Bloei & Groei. Ze ervaart het als bevrijdend. Haast gelijktijdig werden bij haar een burn-out en kanker vastgesteld. “Normaal ben ik iemand van aanpakken en doorgaan. Maar ik ging het ziekenhuis in en uit – mentaal en fysiek was het slopend. Ik was uitgeput. Je hele gestel vertelt het je, je intuïtie geeft je aan: je bent niet wie je normaal bent. Bovendien houdt moeder zijn nooit op. Intussen zijn er ook kleinkinderen. Dit project helpt me om gas terug te nemen.”

Helende functie

Het is precies hoe oprichtster Ama Koranteng-Kumi (39) zich het project had voorgesteld. Bloei & Groei kwam voort uit de noden die zij om zich heen zag: vrouwen die vastlopen, om wat voor reden dan ook. “Alleenstaande moeders, vrouwen met chronische stress, gezondheidsproblemen. Maar ook oudere kinderloze vrouwen die leven in eenzaamheid. Dát zijn de verhalen op onze tuin.”

Ze vertelt het met gevouwen handen, zittend op een houten picknickbankje. In haar gezichtsveld houdt een geanimeerd kletsend groepje koffie- en rookpauze onder een witte partytent. “De meesten zorgen altijd voor anderen, van kinderen, echtgenoten, moeders tot kleinkinderen. Maar nooit voor zichzelf. Of ze hebben geen werk, hebben weinig geld, krijgen te maken huiselijk geweld of hebben simpelweg stress.”

Met een koord strikt Maureen ondertussen de door de bescheiden bries wankelende tomaten strak aan. Langzaam rolt een zweetdruppel van haar glanzende slaap af. Haar gouden oorringen blinken in de zon. “Voor ons heeft de natuur een helende functie. Het is down to earth, je graait met de handen in de aarde, werkt letterlijk met de bron van het leven.”

Surinaamse groenten

Ze zijn talrijk, de dagen dat Alicia Geldorp (50) opstaat en gelijk naar haar tuin wil snellen. “Ik hou van tuinieren, het zit in me”, zegt ze terwijl ze driftig op een gum kauwt. Haar lange geblondeerde locks die vanonder haar gebreide baret komen, hangen over de flitsende tinten en motiefjes van haar veelkleurig pak. “Je moet iets leuks vinden in het leven. Ik vertel mezelf: ik heb zes kinderen en zes kleinkinderen, mag ik hier mijn rust uit halen?”

Met de nodige omzichtigheid kiest ze haar stappen op het smalle padje die naar haar eigen oogstplekje leiden. “Hij is misschien niet zo mooi als vorig jaar. Maar zodra ik nog maar een glimp van deze Surinaamse groenten opvang, word ik al blij. Met de kousenband die hier groeit, maak ik dagelijks soep. Mijn Surinaamse trots.”

Natuurbeleving gaat heel ver terug voor Geldorp, die als achtjarig meisje naar Nederland kwam. Hier waant ze zich heel even in Suriname. “Voor je ogen iets zien groeien, daar heb ik geen woorden voor. Andere mensen koken het, en eten het op, ik weet waar het vandaan komt.”

Geldorp houdt een dik gestamde stengelplant in haar hand, die ze ontworteld naast de gemeenschappelijke moestuin vond. “Ik wilde er net achter komen wat dit is. Mevrouw Melie, die weet het vast wel.” Even verderop staat Melie Palm (62) met een gebolde rug over haar tuintje heen gebogen, een bruine sigaar smeulend en achteloos in haar mondhoek. Palms tuintje is rijkgevuld met onder andere bieten, aubergines en kievitsbonen.

Maureen (links) verwijdert onkruid, Meli Palm geeft haar planten water. Beeld Maartje Geels

In de tuin leven ook Palms roots weer even op. Het is haar manier om met de heimwee om te gaan. Ze wijst op de flinke amsoi en de blakende klaroen. “Het is als een stukje Suriname dat terugkomt. Alleen al in deze tuin werken en bezig zijn, voelt als thuis. Ik mis het heel erg. Ik zeg het ook tegen de planten zelf. Ik plant je hier, en op een dag neem ik je mee naar Suriname. Of ik moedig ze aan. Van: ‘hmm, lekker’, ‘jullie hebben water gekregen dus nu moeten jullie vruchten brengen’. Er is ook niets lekkerder dan sla uit je eigen tuin. En ik deel uit als mensen zin hebben. Hier, moet je een beetje veldsla?” 

Voor de gepensioneerde Palm – rode jurk en onregelmatige manke tred, hese rokersstem – fungeert de tuin als een soort toevlucht. “Ik popel elke dag om hier te zijn. Ik heb het ook echt nodig, voor mijn bloeddruk en mijn suikerspiegel. Je tuiniert, maakt een praatje met de dames of helpt anderen. Dat heb ik thuis niet. Daar kijk ik televisie en doe ik niets.”

Melie Palm en Maureen volgden de bloeiacademie, een opleiding als ‘assistent tuincoach’. Biologisch tuinieren wordt er gekoppeld aan persoonlijke groei. Tuinieren leerde Maureen van haar vader en hier in Zuidoost is de liefde weer boven gekomen. “Hij doet het nog steeds hoor, op 92-jarige leeftijd. Gisteren stuurde hij nog een foto vanuit Suriname dat-ie zakken aarde bestelde.”

Het project kwam ook de chemie onder buurtbewoners ten goede, vertelt Maureen. “Buren wandelen de tuin in om poolshoogte te nemen, tonen interesse of kijken wat er aan de hand is. Er is ook een oogstfeest. Ja, criminaliteit en onveiligheid heb je overal en er gebeurde heel wat in deze buurt. Nu wordt er tenminste gecommuniceerd onder buren. Er is minder anonimiteit in de buurt.”

Zuidoost is een stadsdeel met stigma’s. “Hoogbouw, criminaliteit, onveiligheid, noem maar op,” vertelt oprichtster Koranteng-Kumi. “Die vooroordelen zijn er nog steeds. Dat is ook vooral een blik van buitenaf. Pas op, ik wil het niet romantiseren. Natuurlijk is het een uitdagend stadsdeel en was er veel ellende. Zeker hier in Venserpolder. Maar er is een hoop verbeterd. Dat dit het groenste stadsdeel van Amsterdam is, weten veel mensen niet.”

Privilege

Het begon in 2014 heel klein, maar inmiddels zijn op vier verschillende plekken in Zuidoost communale tuintjes opgezet. “Moestuinieren was heel erg in,” aldus Koranteng-Kumi, “Iets wat vooral weggelegd is een deel van de Amsterdammers, voornamelijk hoogopgeleide witte mensen die toegang hebben tot een eigen tuin. Het was een soort privilege om daar überhaupt plaats voor te hebben, laat staan om er tijd aan te kunnen besteden. Maar eigenlijk is eigen groenten verbouwen iets wat in zowel de Surinaamse als Ghanese en Marokkaanse culturen van oudsher wordt doorgegeven. Dat geldt ook voor de vele vrouwen met een migratieachtergrond uit Zuidoost. Maar als je op tien hoog woont met een klein balkon, kan je er weinig mee.”

Alsof het petanqueballen zijn strooit Maureen een aantal vederlichte dennenappels op de kronkelige bodem van haar mini-akkertje. “Zo kunnen de kleinste diertjes ook lekker schuilen.”

Ze doelt op de insecten en wijst op een houten constructie verderop. “Ik zag dat het nodig was, dus heb alvast een frame gemaakt voor een insectenhotel. Een goeie tuinier observeert om te kijken wat gaande is in zijn tuin. Maar om eerlijk te zijn, doet de natuur het meestal allemaal zelf.”

Maureen laat het kraanwater via een tuinslang in een groene gieter stromen. Ze houdt de tuinslang nonchalant vast. Het is bijna therapeutisch, zegt ze. “Hier ervaar ik pure rust. Ik denk niet aan andere dingen. Na zo’n dag tuinieren ben je misschien fysiek moe, maar mentaal ben je helemaal opgeladen. Met positieve energie.”

“Voordien deed ik heel fanatiek aan krachttraining. De afgelopen twee jaar kwam ik daar door mijn ziekte niet meer aan toe. Ik kon het niet opbrengen. Tuinieren is een andere uitlaatklep, het is nog beter voor de geest.”

De achternaam van Maureen is bij de redactie bekend. 

Lees ook:

Het witte gezicht van de groene beweging

De groene beweging is overwegend wit en dat is een probleem, vinden verschillende activisten. Zij willen een ander geluid en perspectief in het duurzaamheidsdebat.

Een burn-outtuin geeft patiënten letterlijk lucht en ruimte

Zorginstellingen zien in de natuur steeds vaker een hulpmiddel om stress of pijn te verminderen. Zelfs tandartsen kunnen de groene kracht inzetten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden