WetenschapWindmolens

Hoe voorkom je dat vogels in windmolens vliegen? Verf een van de wieken zwart

Op het Noorse eiland Smøla werd jarenlang geëxperimenteerd met windmolens met één zwart geverfde wiek. Die ingreep bleek veel vogellevens te redden.

Windmolens en vogels, dat gaat niet lekker samen. Te veel vogels sneuvelen tussen draaiende wieken, maar een Nederlandse onderzoeker in Noorwegen bedacht een oplossing: zwarte verf. 

Onderzoekers gaan zich er de komende jaren over buigen, in de Groningse Eemshaven: hoe beschermen we onze vogels tegen windmolens? Want het is een gegeven dat in Nederland de komende decennia steeds meer windturbines zullen verrijzen, om afscheid te kunnen nemen van fossiele energiebronnen. Net zoals het een gegeven is dat dat veel vogels noodlottig kan worden.   

Nu al maken de windmolens in de Eemshaven, zo’n honderd in totaal, jaarlijks ongeveer 3000 slachtoffers in het vogelrijk. “Dat zijn voor de helft trekkende zangvogels, zoals koperwieken en merels”, laat Jonne Kleyheeg-Hartman weten. Ze is specialist vogelecologie bij Bureau Waardenburg, dat momenteel een onderzoeksplan voor de turbines in de Eemshaven opstelt. De dieren leggen nu het loodje wanneer ze in de wieken terechtkomen. Of tegen de romp van de turbine vliegen.

Aanleiding voor de proef in de Eemshaven zijn de recente resultaten van een studie van het Noorse Instituut voor Natuuronderzoek, ­onder leiding van de Nederlandse wetenschapper Roel May. Hij concludeerde in het wetenschappelijk tijdschrift Ecology and Evolution dat het zwart verven van een deel van een windmolen de vogelsterfte door turbines flink kan verminderen.

Afgelopen zomer stelden wetenschappers aan Wageningen University & Research nog vast dat Nederlandse vogelsoorten in omvang en soortenrijkdom af kunnen nemen door extra sterfte als gevolg van aanvaringen met de turbines. Al bij een kleine extra sterfte van 1 procent, de norm waar onderzoekers gewoonlijk van uitgaan, kunnen kleine vogel­populaties in de problemen komen.

Ook het Noorse eiland Smøla ontkomt niet aan vogelsterfte door windmolens. Het windpark op het eiland telt zo’n 68 turbines, goed voor stroom voor 17.800 Noorse huishoudens. Vanaf 2006 tellen May en zijn onderzoeksgroep het aantal vogelkarkassen op de grond onder de turbines. Sinds die tijd vonden ze ruim 400 dode vogels, met name zeearenden en sneeuwhoenders.

Sneeuwhoen

Waarom gebeuren deze aanvaringen? “De zeearend is een goede vliegvogel, die kan lang cirkelen in de lucht. De sneeuwhoen daarentegen is een soort die weinig, maar anders vooral laag vliegt”, zegt May. Zijn onderzoeksgroep kwam de hoenders bovendien vooral in een straal van tien meter binnen de toren tegen, in tegenstelling tot de arenden. “Daarom denken we dat de hoenders vooral sterven omdat ze tegen de toren zelf aankomen, terwijl de zeearend in de wieken vliegt.”

Dat komt ook omdat de zeearend een nogal eigenwijze vogel is, zegt May. “Zeearenden zijn erg dominant en hun gedrag op het park verandert niet ten opzichte van daarbuiten. Ze denken: ik ben de grootste in de lucht. Als iemand aan de kant moet gaan, is het de turbine, en niet ik.”

Maar ook de zichtbaarheid van de machines speelde een rol voor de vogels, vermoedde May. Omdat de wieken allemaal dezelfde kleur hebben, ontstaat er ‘bewegingsvervaging’ als de turbines aan staan. Als de wieken ronddraaien, gaan de tippen ervan het snelst. Zo snel, dat vogels de wieken zelf niet meer zien, alleen nog een cirkel van de tippen van de wiek. “Als je de wieken niet ziet, weet je ook niet dat je eromheen moet”, zegt May. Optische illusie met alle fatale gevolgen van dien.

Om de effecten van bewegingsvervaging te verkleinen, liet zijn onderzoeksgroep in 2013 een van de drie wieken bij vier verschillende windmolens zwart verven. “Als één wiek zwart is, vervagen de wieken als geheel niet meer tot een onzichtbare cirkel”, zegt May. De gedachte: wanneer de vogels de wieken kunnen zien, zullen ze er minder vaak tegenaan vliegen.

Van nog tien turbines verfden ze bovendien de onderste tien meter van de toren zwart, om ze meer zichtbaarheid te geven voor sneeuwhoenders. De overige turbines bleven ‘gewoon’ wit, als controlegroep. In de zes jaar erna verzamelde May data. Voornamelijk door rond te lopen, vogelkarkassen te tellen en de getallen te vergelijken. Van de vogelkarkassen bij de geverfde molens en de controlegroep, maar ook die van vóór het verven in 2013, om zeker te weten dat de zwarte verf de oorzaak voor een mogelijke afname was.

Het resultaat viel niet tegen, vertelt May. In de zes jaar na het verven, vond zijn onderzoeksgroep 70 procent minder dode vogels bij de turbines met een zwarte wiek, vergeleken met de ‘onaangetaste’ windmolens. Bij de machines met een zwarte toren vond May de helft minder karkassen dan in de onderzoeksperiode ervoor. “Dat was een mooi resultaat.”

De proef moet herhaald worden

Zou dit principe dan ook werken voor Nederlandse turbines – en Nederlandse vogels? Wellicht, zegt de onderzoeker. Aan de Nederlandse kust zijn ook zeearenden, vermoedelijk werkt het met deze vogels hetzelfde. En ook voor andere soorten heeft hij goede hoop. “Ik denk dat het een redelijk algemeen geldend principe is, dat het zwart verven van delen van de molen vogels helpt ze te herkennen. Maar de enige manier om daar achter te komen, is door de proef elders te herhalen.”

Vooralsnog hebben een aantal verschillende instituten wereldwijd zich bij de onderzoeksgroep in Noorwegen gemeld om soortgelijke proeven te doen. “Onder meer onderzoekers uit Australië, Zuid-Afrika en de Verenigde Staten hebben al concreet interesse getoond”, zegt May. “Het lijkt me fantastisch als dat doorgaat. Alleen dan kunnen we zien of deze oplossing overal effect heeft.”

Ook Bureau Waardenburg, dat een plan maakt voor de proef in de Eemshaven, heeft contact gelegd met May. Vermoedelijk zullen vanaf 2021 zo’n vijf tot vijftien windturbines meedoen aan het Groningse experiment. Een aantal praktische zaken moet nog ingevuld worden, laat onderzoekster Kleyheeg-Hartman van Bureau Waardenburg weten, zoals sponsoren voor het project. Over de geraamde kosten wil ze niks kwijt. “Maar ook onderzoeken we bijvoorbeeld nog met welke methode we de wieken zwart gaan maken. Of welke verf we gaan gebruiken.”

Overigens ziet May het zwart verven van een deel van de turbines niet als zaligmakende oplossing voor vogelsterfte door windmolens. “Als je windenergie wil opwekken, moet je in eerste instantie naar een plek op zoek waar je zoveel mogelijk van deze problemen ontwijkt. Plaats ze bijvoorbeeld niet midden in de habitat van bepaalde diersoorten, maar zover mogelijk daar vanaf. Pas als dat niet lukt, of parken al gebouwd zijn, kun je kijken: hoe kan ik de impact op deze dieren minimaliseren?”

Lees ook:

Windmolens zijn wél een gevaar voor kwetsbare vogelpopulaties, zeggen onderzoekers

Kwetsbare vogelpopulaties kunnen zelfs 1 procent extra sterfte door aanvaringen met windmolens niet aan, zeggen Wageningse onderzoekers. Dat is koren op de molen van bezwaarmakers tegen windparken.

Groningen kiest voor vogelvriendelijke windturbines

Met een zeebries in de rug vliegen jaarlijks miljoenen trekvogels door het Eemsgebied. Dat kán niet altijd goed gaan. Een botsing met een turbine loopt al snel slecht af - voor de vogel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden