Hoe de regenworm klimaatverandering weet te trotseren

Beeld Patrick Post

Een van de grote effecten van klimaatverandering is extreme variatie in vocht in de bodem. Kletsnat of juist kurkdroog. Welke invloed heeft dat op de dieren die deze bodem vruchtbaar houden?

Er ligt een regenworm op de tafel. “Acht centimeter. Ziet er goed uit. Geen verschil met acht weken geleden. Kronkelt goed en mooi van kleur. Van stress geen sprake. Wonderlijk. De grond is gortdroog. Dat moet toch beroerd zijn voor zo’n dier.”

De kronkelende gewone worm (Lumbricus rubellus) wordt gewogen - 170 milligram - en vervolgens voorzichtig in een bakje aarde gelegd. Enkele seconden later is het dier verdwenen. Worm na worm wordt opgevist uit een plastic buis met grond waarop planten groeien, gemeten en gewogen en in het aparte bakje gestopt.

Na ruim drie kwartier zijn alle wormen in drie buizen afgewerkt en loopt Astra Ooms, promovendus ecosysteemdynamiek aan de Vrije Universiteit, bij collegapromovendus Oscar Franken binnen. “Was er nou wel verschil te zien bij jouw springstaarten en spinnen?” Samen lopen ze terug naar het laboratorium waarin achttien plastic buizen met aarde met erop vegetatie staan opgesteld.

Extreme omstandigheden

Hier wordt onderzoek gedaan naar de invloed van klimaatverandering op de bodemvruchtbaarheid. Omdat de klimaatverandering periodes van extreme droogte en hitte en daarnaast stortbuien tot gevolg heeft, mag je verwachten dat dat effect heeft op bodemdieren als pissebedden, regenwormen en springstaarten - 0,8 tot 6 millimeter grote, vleugelloze insecten. Alle drie breken ze organisch materiaal af en zorgen er zo voor dat er mineralen ter beschikking komen van de planten. Promotor en hoogleraar Matty Berg deed al eerder onderzoek naar het effect op pissebedden. Droogte en nattigheid leidt bij zowel de gevoelige als de minder gevoelige soorten vrij snel tot de dood en daarmee verminderde de afbraak van organische stof, oftewel de bodemvruchtbaarheid.

Tekst gaat verder onder de afbeelding

Beeld Patrick Post

Nu dan het onderzoek naar regenwormen in het laboratorium en naar springstaarten plus spinnen op de kwelders van Schiermonnikoog. Een aantal spinnen leeft op de bodem en eet springstaarten. De spinnen hebben dus indirect met klimaatverandering te maken.

Stress

De regenwormen kregen drie vochtregimes; nat, droog en normaal. Voor elk vochtregime waren er twee ‘wormensituaties’: met de normale hoeveelheid van vier wormen, en een met 16 extra wormen. De groei van de regenwormen en die van de planten bij verschillende vochtregimes en verschillende aantallen wormen wordt gemeten. Daardoor valt er iets te concluderen over het effect van de klimaatverandering op de bodemvruchtbaarheid in relatie tot het aantal regenwormen en hun mate van activiteit.

“Ik verwachtte dat droogte een enorme stress bij de regenwormen zou veroorzaken en dus achterblijvende groei”, vertelt Ooms, terwijl ze maar weer een worm opvist en meet. “Nattigheid leek me niets uit te maken. Wormen ademen via de huid en dat kan ook in nattigheid, mits er voldoende zuurstof in het water zit. Alleen de voortplanting komt bij overstroming in gevaar. Het sperma, dat uitwendig wordt overgedragen, vloeit weg.”

Haar verwachting kwam niet uit. Bij alle vochtregimes groeien de wormen even hard en blijven ze even vitaal. “Vreemd, maar waar. Vermoedelijk zoeken de wormen het natste deel in de pot en weten daar net te overleven.”

Plantengroei

Bij de plantengroei was echter wel een verschil te zien. Regenwormen blijken het directe effect van droogte en overstroming af te vlakken. Onder beide omstandigheden groeien de planten in buizen met regenwormen beter dan die in de buizen zonder wormen.

Het positieve effect van wormen bij overstroming voorzag Ooms wel. Wormen maken gangen en verbeteren daarmee de drainage. Het effect bij droogte verbaasde de promovenda. Bij droogte zou je een geringere wormenactiviteit veronderstellen en daarmee verminderde bodemvruchtbaarheid en plantengroei. Wellicht zorgen de wormen er door het omwoelen van de grond voor dat de voedingsstoffen toch voor de planten beschikbaar komen. “Bovendien kunnen de planten de droogte zelf opvangen door hun verdamping te verminderen.”

Tentjes

Het effect van hitte op spinnen en springstaarten lijkt groter, zo blijkt uit het verhaal van Ooms’ collega Franken. De hangmatspinnen (vanwege hun geringe afmeting ook wel dwergspinnen genoemd), wolfsspinnen en springstaarten werden in al dan niet verwarmde tentjes op de kwelders van Schiermonnikoog aan hitte en normale temperaturen blootgesteld. “Het klinkt onplezierig, maar de beste manier om het effect te meten, is te kijken wanneer de dieren in coma raken”, verontschuldigt Franken zich. De uitkomsten waren duidelijk. Springstaarten zijn het gevoeligst voor hitte, gevolgd door hangmatspinnen. Wolfsspinnen - spinnen die actief hun prooi achterna rennen - zijn het minst gevoelig.

“Maar het maakt wel uit hoe snel de temperatuur oploopt. Als het snel gaat, zoals bijvoorbeeld op een windstille dag met felle zon, raken de dieren bij hogere temperatuur minder snel in coma. De springstaart gaat in zo’n geval uiteindelijk wel dood, de spin niet. Maar de spin heeft minder te eten en lijdt er dus wel onder”, vertelt Franken, onderwijl een springstaart uit een buis met regenwormen opvissend om zo’n normaliter verborgen insect te laten zien.

Bodemvruchtbaarheid

De teloorgang van de springstaarten heeft ook gevolgen voor de bodemvruchtbaarheid. Springstaarten breken rottend organisch materiaal af, waardoor dit - via een verdere ‘verwerking’ door schimmels en bacteriën - verandert in voedsel voor de planten.

“Klimaatverandering ontregelt behoorlijk het ecosysteem”, zegt Franken. Om dit te kwantificeren is verder onderzoek noodzakelijk. Uit maatschappelijk oogpunt en om nog sterker een vuist te kunnen maken tegen klimaatverandering.” Ooms is ondertussen weer geheel in de regenwormen gedoken en heeft een groene regenworm (Allolophora chlorotica) te pakken. “Krap 80 millimeter en 170 milligram. Kronkelend en vitaal. De wormen doen het goed.”

Buiten regent het; ideaal wormenweer.

Beeld Patrick Post
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden