De grijze eekhoorn is koning in de parken van Londen

Ongewenste exoten

Hoe de genetisch gemanipuleerde eekhoorn zijn eigen populatie op peil houdt

De grijze eekhoorn is koning in de parken van LondenBeeld colourbox

Malariamuggen, invasieve fruitvliegjes en zelfs exotische eekhoorns: je kunt ze bestrijden met behulp van genetisch gemanipuleerde soortgenoten, en zo onvruchtbaarheid verspreiden in de populatie.

In een gemiddeld Londens park moet je de inheemse, Europese rode eekhoorn met een loepje zoeken, als je ze al kunt vinden. Over de grijze eekhoorns daarentegen struikel je in Londen bijna letterlijk. Die van oorsprong Noord-Amerikaanse beestjes zijn, zacht gezegd, nogal ­opdringerig. Ze klimmen zelfs op de dunne hekjes rond de perken, om maar dicht genoeg bij de handen van de bezoekers te komen; je weet nooit wat voor eetbaars daar nog uit gaat komen.

De grijze eekhoorns zijn in de negentiende eeuw als statussymbooltjes door landeigenaren naar Engeland gehaald. Maar in de vrije natuur hebben ze de inheemse eekhoorns naar de rand van de afgrond geduwd. Zo opdringerig als ze naar de toeristen in het park zijn, zo agressief zijn ze tegen de iets kleinere rode eekhoorns.

In Nederland zijn slechts wat losse waarnemingen

Ook in stadsparken in Zuid-Afrika hebben de grijze exoten de inheemse eekhoorns nagenoeg verdrongen. En in het noorden van Italië zit inmiddels ook een populatie grijze eekhoorns. In Nederland is het tot nu toe beperkt gebleven tot wat losse waarnemingen, waarschijnlijk van ontsnapte huisdieren. Zoogdierbeschermers houden hier wel hun hart vast.

Vanuit het Schotse Roslin Instituut kwam deze maand potentieel nieuwe munitie om de opmars van de exotische eekhoorns te stuiten. Aan het instituut dat ooit het eerste gekloonde schaap Dolly voortbracht, onderzocht de Wageningse masterstudent biologie Nicky Faber of je met moderne genetische technieken een populatie kunt laten imploderen, als het ware. Het goede nieuws luidt: ja, dat kan. Het slecht nieuws: de techniek is niet zonder risico’s. Faber beschrijft haar onderzoek deze maand in vakblad Nature Scientific Reports.

Eekhoornboerderij optuigen

Om met het goede nieuws te beginnen: Faber ontdekte hoe je met een zogeheten gene drive een stokje kunt steken voor de voortplanting van de exotische eekhoorns. Gene drive is een techniek om een gewenste eigenschap, die je in het DNA aanbrengt, te verspreiden in een populatie dieren langs een natuurlijke weg, namelijk de voortplanting.

Door de genen van een eekhoorn in het laboratorium te manipuleren, zou je ervoor kunnen zorgen dat het dier geen werkzame receptor meer heeft voor het hormoon progesteron. Daarmee worden de vrouwtjes onvruchtbaar. Vervolgens laat je de gemanipuleerde dieren los in het wild, om hun onvruchtbaarheid in de wilde populatie te verspreiden.

Omdat een onvruchtbaar dier per definitie geen handige manier is om genen te verspreiden, moest Faber daarvoor wel wat trucs uithalen. “Als je wilt dat de eigenschap zich flink verspreidt in de populatie, moet je zorgen dat het een zogeheten recessieve eigenschap is. Een recessieve eigenschap komt pas tot uiting wanneer een eekhoorn het bewuste gen van beide ouders heeft gekregen.”

“In eerste instantie zullen de eekhoorns het gen alleen krijgen van de gemanipuleerde mannetjes die je in gevangenschap hebt gekweekt. Pas wanneer er na verloop van tijd heel veel individuen rondlopen die één versie van dat gen hebben, wordt de kans groter dat twee van die dieren paren. Zij krijgen dan jongen die twee versies van het gemanipuleerde gen hebben. Die zijn écht onvruchtbaar.”

Faber heeft voor haar onderzoek geen eekhoorn aangeraakt, laat staan genetisch veranderd. “Ik heb in een computermodel berekend of deze tactiek zou kunnen werken. En dat kan dus. Wanneer je in eerste instantie honderd gemanipuleerde eekhoorns loslaat in een populatie van drieduizend dieren, en je voegt daar ieder jaar nog een groep aan toe ter grootte van 10 procent van de wilde populatie, dan ben je na ongeveer twintig jaar alle wilde eekhoorns kwijt. Daarvoor moet je dus een soort eekhoornboerderij optuigen, waar je mannetjes fokt die hun genetisch veranderd zaad verspreiden.”

Genetische rem ingebouwd

Zo goed als de gene drive van Faber het in de computer doet, zo voorzichtig moet je ermee zijn in de praktijk, erkent de onderzoeker. “Wat bijvoorbeeld, als een Amerikaan die toevallig een hekel heeft aan grijze eekhoorns zo’n dier mee naar de VS zou smokkelen, en hem daar loslaat? Dan zou je daar de inheemse populatie in gevaar kunnen brengen. Om dat gevaar te ondervangen, hebben we in ons model ook een soort genetische rem ingebouwd. Na een aantal generaties dooft de gene drive vanzelf uit. Dat is ook de reden dat je jaarlijks nieuwe gemanipuleerde dieren aan de wilde populatie moet toevoegen.”

De grijze eekhoorn. Beeld Rob Buiter
De grijze eekhoorn.Beeld Rob Buiter

Het idee om een ongewenste diersoort via Trojaanse soortgenoten onvruchtbaar te maken, wordt ook bestudeerd in de strijd tegen malaria en andere ziekten die via muggen worden overgebracht. Er zijn al ver gevorderde experimenten met mannetjesmuggen die door middel van straling steriel zijn gemaakt. Wanneer die massaal worden losgelaten in malariagebied is de hoop dat ze in de strijd om de vrouwtjes de vruchtbare mannetjes wegconcurreren en zo een spaak in het wiel van de voortplanting van malariamuggen steken. Maar ook hier wordt inmiddels nagedacht en gerekend over muggen die niet met straling maar langs genetische weg onvruchtbaar worden gemaakt.

Gemanipuleerde beestjes mogen niet ontsnappen

Na haar theoretische exercities in Schotland, is Faber inmiddels begonnen aan een promotieonderzoek aan Wageningen Universiteit. Daar gaat zij wél daadwerkelijk dieren genetisch manipuleren om te zien hoe een gene drive werkt in de praktijk; de praktijk van het laboratorium, niet van de vrije natuur. “Dat gebeurt allemaal onder heel streng beveiligde omstandigheden, in een zogeheten BSL-1-laboratorium. Je wilt absoluut niet dat deze gemanipuleerde beestjes ontsnappen.”

Faber gaat in Wageningen Suziki fruitvliegen genetisch aanpassen. “Suzuki fruitvliegen zijn exotische insecten die enorme schade kunnen veroorzaken in de fruitteelt, vooral in zacht fruit zoals frambozen. Maar voor we ooit dit soort gemanipuleerde dieren vrij kunnen laten, moet je veel onderzoek doen naar de veiligheid en de werkzaamheid van de methode. En er zitten juridische haken en ogen aan zo’n tactiek, want wat doe je als het ene land wel met deze methode wil werken en een buurland niet? Insecten houden zich niet aan grenzen.”

Volgens Faber zou de genetische techniek – na alle voorzorgen – een goede manier kunnen zijn om te voorkomen dat de Italiaanse populatie grijze eekhoorns zich over het Europese vasteland verspreidt. “Het enige alternatief is afschieten, vergiftigen of vangen en doden, wat stuk voor stuk inhumane methoden zijn. Daarmee vergeleken is een gene drive niet alleen humaan maar, zoals onze modelstudie laat zien, mogelijk ook heel effectief.”

Lees ook:

Onze steden zitten vol gevaarlijke exoten en nutteloze stadshaters

Entomoloog Roy Kleukers bracht er inmiddels duizenden in kaart, maar betwijfelt hun nut.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden