Burgerberaad

Het ‘stille midden’ moet het klimaatbeleid verder brengen

null Beeld Ilse van Kraaij
Beeld Ilse van Kraaij

De politiek flirt met een nieuw middel om de klimaatdoelen te halen: een burgerberaad. Daarin kunnen ook ‘gemiddelde Nederlanders’ uitspreken welke milieumaatregelen ze te billijken vinden. Nu gijzelen tegenpolen, de ‘eco-elite’ en ‘klimaatsceptici’ het debat.

De telefoon gaat. Een onbekend nummer. De beller begint over een uniek voorstel. ‘Speciaal voor u.’ Dit is geen opdringerige verkoper, blijkt snel. U bent geselecteerd om toe te treden tot een uniek, nieuw gezelschap, zegt de beller. ‘Een burgerberaad over klimaat’. Via een onafhankelijke loting, klinkt het, bent u beland op een lijst van 150 Nederlanders. Het dringende verzoek: ga samen met de 149 andere uitverkorenen uitgebreid in conclaaf over windmolens, zonnepanelen, gasloos wonen, een vleestaks en elektrische auto’s. Ieders visie – voor, tegen, boos of bang – is waardevol en zal meewegen bij de politieke besluiten over nieuw milieubeleid, belooft de beller.

Iedereen maakt kans op zo’n belletje, mocht de overheid ertoe besluiten om een zogenoemd burgerberaad voor klimaat te introduceren. Daar gaan steeds meer stemmen voor op. Partijen als CDA, D66, GroenLinks voelen wel iets voor dit nieuwe democratische instrument, waarmee een representatieve groep burgers zich kan uitspreken over de koers waarmee Nederland de doelen uit het Klimaatakkoord wil gaan behalen.

Onbenut

Actiegroepen dringen erop aan dat een nieuw kabinet dat na de verkiezingen aantreedt, een klimaatberaad gaat oprichten van gelote burgers uit alle regio’s en lagen van de bevolking. Urgenda, Extinction Rebellion, Groene Kerken, Grootouders voor het Klimaat en andere milieuorganisaties lanceren deze week een manifest dat hiertoe oproept.

“Burgers laten meepraten over klimaatkeuzes, is een aanpak die de politiek nog vrijwel onbenut laat”, zegt Eva Rovers van Bureau Burgerraad, een collectief dat zich hard maakt voor inspraak van bewoners bij het milieubeleid en de drijvende kracht achter het manifest. Nu de energietransitie op stoom komt, met plannen voor windturbines en zonneparken in het hele land, volstaat volgens Rovers een inspraakavond in een buurthuis of een internetpeiling niet meer. “Bij die bestaande aanpak hoor je vooral de mensen die het hardst schreeuwen, uitgesproken vóór- of tegenstanders.” De eco-elite, voor wie de groene veranderingen niet snel genoeg kunnen gaan versus de klimaatsceptici die geen transitie willen.

Rovers: “In een klimaatberaad praten ook mensen mee die twijfelen, die nu behoren tot de zwijgende meerderheid.” De mening van iemand die nog niet weet of hij of zij kan instemmen met groene plannen, en zo ja onder welke voorwaarden, is volgens Rovers uiterst waardevol. “De inbreng van mensen kan compromissen opleveren. Dat kan Nederland vooruit helpen met klimaatbeleid.”

Dat is geen overbodige luxe. Het demissionaire kabinet haalde de doelen voor groene energie nauwelijks, met de hakken over de sloot. Grote vervuilers waren hieraan in belangrijke mate debet, maar ook lokale weerstand van bewoners, die geen turbines of panelen om de hoek dulden, speelt de energietransitie parten. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) drukte gemeenten, provincies en waterschappen deze week op het hart: betrek bewoners bij het uitwerken van hun Regionale Energie Strategie (Res). Anders tellen die Res’en, dertig stuks in totaal, in 2030 niet op tot de 49 procent vermindering van CO2-uitstoot, zoals het Klimaatakkoord beoogt. Bovendien moet het klimaatbeleid verder aangezwengeld worden. Een verdubbeling van inzet is nodig om het opgehoogde Europese doel – niet 49 maar 55 procent CO2-reductie in 2030, te halen, aldus een expertgroep afgelopen vrijdag in een advies aan het demissionaire kabinet Rutte.

Om te onderzoeken of een burgerberaad (ook wel forum of panel genoemd) kan zorgen voor meer draagvlak zet het kabinet oud-ombudsman Alex Brenninkmeijer aan het werk. Hij gaat uitzoeken hoe een nieuw kabinet straks met burgerpanels aan de slag zou kunnen gaan, en op welke manier dat zinvol is. De commissie Brenninkmeijer gaat daarover snel een advies uitbrengen, zodat politieke partijen kunnen overwegen om in de formatie na de verkiezingen van 21 maart iets te regelen voor het optuigen van burgerfora. ‘Er is veel interesse in deze methode, en verschillende landen om ons heen hebben al een burgerforum georganiseerd’, aldus de commissie Brenninkmeijer.

In Ierland en Engeland is al ervaring met burgerberaden voor het klimaat. Maar vooral Frankrijk wordt gezien als pionier. Geschrokken van de boze ‘gele hesjes’ kwam president Macron op het idee om uit 225.000 telefoonnummers een paar honderd burgers te selecteren, met het verzoek om vrijuit te spreken over klimaatbeleid dat de overheid overwoog. Gelet werd op een juiste verhouding van man/vrouw, achtergrond en politieke voorkeur.

Eerlijk zijn

“Een goed klimaatberaad moet representatief zijn”, zegt Rovers. Verder is volgens haar van groot belang dat de spelregels glashelder zijn. “Deelnemers moeten precies weten waar ze aan toe zijn. De organisatie moet eerlijk zijn: waar gaat de inspraak over en wat gebeurt er met het advies van een forum? Onwenselijk is om burgers te vragen naar hun mening over beleid dat toch al vastligt. Ook is het niet de bedoeling dat een advies van een burgerraad onderin een la verdwijnt.”

Wanneer een burgercomité zich na gedane inspanningen alsnog gepasseerd voelt, zal broeiende onvrede over klimaatbeleid mogelijk alleen maar toenemen, waarschuwt Rovers. Teleurstelling ligt extra op de loer, wanneer een burger zich na deelname aan een burgerberaad niet serieus genomen voelt. Bij het burgerpanel van Macron verliep het ook niet vlekkeloos. De burgerclub kwam weliswaar tot 149 aanbevelingen, maar het parlement was niet door Macron ingeseind. Overvallen door de wensen van het burgerberaad nam het parlement de voorstellen nog eens flink door de mangel, om deze voor een deel toch aan te nemen.

Nummer 1 van de Trouw Duurzame 100, de Jonge Klimaatbeweging, juicht onderzoek naar de mogelijkheden van inspraak via een burgerforum toe. “Dat kan landelijk, maar ook lokaal”, zegt voorzitter Werner Schouten, die zitting heeft in de tienkoppige expertgroep van de commissie Brenninkmeijer. “Je kunt denken aan 30 tot 150 deelnemers, via een loting geselecteerd.” Grootste winst is volgens Schouten dat het ‘stille midden’ de kans krijgt om zich te roeren in het klimaatdebat, met vragen en nuances die nu niet aan bod komen. “Je betrekt mensen die nooit naar een inspraakavond toe zouden komen.”

Juist die groep, die niet ‘ja’ of ‘nee’ roept zou met handreikingen en compromissen op de proppen kunnen komen, is de hoop. Bijvoorbeeld: wel windmolens, maar niet te hoog. Of: wel gasloze wonen, mits de vervangende energiebron duurzaam uit de bodem komt. “Voor de inclusiviteit van het klimaatdebat kan een burgerpanel verrijkend zijn”, denkt Schouten. Via loting, gericht op een afspiegeling van de maatschappij, komen mensen aan het woord die niet behoren tot veelgehoorde groepen, zoals de rijke, witte Teslarijders.

Silver bullet

Bij die kansen plaatst Schouten direct enkele kanttekeningen. “Zie burgerberaden niet als de silver bullet.” Een panel van ‘gewone mensen’ levert ongetwijfeld nuttige inzichten op, maar neemt weerstand en onvrede tegen de klimaataanpak niet bij toverslag weg. “Gebruik een beraad om denkrichtingen te bepalen, en niet om burgers gedetailleerde keuzes te laten goed- of afkeuren”, oppert Schouten.

Een panel kan zich bijvoorbeeld wel uitspreken over ‘de vervuiler betaalt’, maar niet over ingewikkelde CO2-heffingen. Schouten: “Een goede vraag is wel: hoe denkt u over de verdeling van lusten en lasten tussen jongeren en ouderen, bij de uitvoering van het klimaatbeleid?”

Schouten pleit ervoor dat een mogelijk landelijke burgerberaad, of lokale denktanks van burgers, niet te gehaast worden geïnstalleerd. “Neem even de tijd, richt zo’n proces goed in.” Het Bureau Burgerberaad hoopt dat de politiek niet zal treuzelen. Het manifest dringt erop aan dat een nieuw kabinet dit jaar spijkers met koppen slaat met het optuigen van burgerpanels.

“We moeten zo veel mogelijk mensen vroegtijdig bij klimaatplannen betrekken”, zegt Kristel Lammers, directeur van het Nationaal programma van regionale energieplannen. Ze benadrukt dat er naast de inloopavonden al méér gebeurt in Nederland. “In Friesland hebben we de eerste ervaring opgedaan met het betrekken van een burgerpanel.” Ook het uitschrijven van enquêtes is volgens Lammers een stap in die richting. Burgers krijgen op die manier meer mogelijkheden om hun wensen en bedenkingen te uiten dan op een ouderwetse inloopavond. “Vragen, klachten en ideeën moeten gehoord worden”, zegt Lammers, eveneens betrokken in de commissie Brenninkmeijer.

“Denk na over het mandaat dat je een burgerberaad meegeeft”, bepleit Lammers. Hoeveel regie een burgergroep kan krijgen, is volgens haar essentieel. Burgers mogen niet ‘voor de bühne’ betrokken worden, tegelijk kunnen ze niet alle regie in handen krijgen. De juiste balans vinden is een van de taken van de commissie Brenninkmeijer.

Drie jokers

“Een middenweg is nodig”, zegt Rovers van het Bureau Burgerberaad. “Bied deelnemers meer dan de belofte: we gaan naar uw inbreng kijken, maar wek ook niet de indruk dat de politiek wensen integraal zal overnemen.” De poging van Macron, die met zijn burgerplan stuitte op een kritisch parlement, bewijst volgens Rovers dat een goed stappenplan voor het doorvoeren van inspraak nodig is. Een vondst uit de creatieve, voortvarende aanpak van Macron wil ze nog benoemen. “Hij gaf zichzelf drie jokers in handen. Daarmee mocht hij over plannen van het burgerberaad, die hem niet bevielen, zelf direct een veto uitspreken.”

Lees ook:

Regio’s beloven wind- en zonneparken voor het klimaat, nu moet alleen de burger nog enthousiast worden

Dertig regio’s hebben in oktober 2020 een eerste eigen plan ingeleverd voor hun bijdrage aan het landelijk Klimaatakkoord. De overheden beloven veel nieuwe windmolens en zonnepanelen. Om te zorgen dat die er echt komen, moeten ze burgers er wel snel bij betrekken, waarschuwde het PBL.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden