Freek van Westreenen in het Savelsbos in Zuid-Limburg

ReportageBiodiversiteit

Het Savelsbos is een Limburgse schatkamer

Freek van Westreenen in het Savelsbos in Zuid-LimburgBeeld Laurens Eggen

Het Savelsbos in Zuid-Limburg herbergt een uniek ecosysteem. Dat staat onder druk door diverse milieuproblemen. Boswachter Freek van Westreenen wil kwetsbare dieren en planten helpen, maar niet overdrijven. ‘De natuur is niet behoudzuchtig. Dat zijn de mensen.’

In het Savelsbos, in Zuid-Limburg, is geen iep te vinden. “In de jaren zeventig stond het er bomvol mee”, zegt boswachter Freek van Westreenen, terwijl hij met het profiel van zijn wandelschoenen grip zoekt op het vochtige pad van het langgerekte hellingbos. “De iepenziekte kwam”, zegt hij. “Waps… alles weg.” Hij zwiept zijn hand alsof hij een vlieg een mep wil verkopen. Het grootste misverstand over bossen is volgens Van Westreenen, die met 42 dienstjaren bij Staatsbosbeheer tegen zijn pensioen aanzit, dat ze zijn zoals ze zijn en dat ze zo moeten blijven.

Natuurbeheer

Wereldwijd dreigen een miljoen soorten te verdwijnen. De biodiversiteitstop in de Chinese stad Kunming moet komend voorjaar de weg wijzen naar herstel. In Nederland is de stand van zaken dramatisch, maar er is ook hoop. Trouw gaat in de twaalf provincies op zoek naar hoe het beter kan. Deze keer: Limburg.

“Och, bos is zó veranderlijk”, verzucht hij. Kijk eens naar links, wijst de boswachter terwijl hij een slingerpad opwandelt, richting de top van het Savelsbos op 120 meter boven NAP. “Daar lag ooit een stuk heide. Zo kaal als een luis was het.” Nu staat het vol met oude bomen, omzoomd door struiken en grasstroken. Van Westreenen heeft alle historische beschrijvingen van het Savelsbos, inclusief oude wegenkaarten, grondig doorgespit. Van de middeleeuwen tot eind achttiende eeuw, hij kent de ontwikkelingen. “Daar liepen ooit schapen rond”, wijst hij naar een glooiend perceel vol bos, maar die zijn verdwenen.

null Beeld Brechtje Rood
Beeld Brechtje Rood

Hetzelfde lot trof de hamsters die van oudsher in het Savelsbos leefden. “Ik bedoel dus de korenwolf”, verduidelijkt de boswachter. Dit beestje had het goed naar de zin, in het bos dat grensde aan gebied met huizen en voedselteelt. “Dat was ideaal voor die hamster, zo’n cultuurlandschap.” Maar de scheiding tussen dagelijks mensenleven en het bos als natuur, dat meer iets werd voor een dagje uit, nam toe, en de korenwolf vertrok. “Toen er op het leefgebied van de hamsters een ziekenhuis verscheen, was -ie foetsie.” Dat gaat zo, is de overtuiging van Van Westreenen. De natuur is geen vaststaand gegeven. Hoe het Savelsbos nu is, zal het zeker niet blijven.

Bijzondere soorten een handje helpen

En toch: het ecosyteem is hier zo uniek, dat Staatsbosbeheer zich inspant om bijzondere soorten een handje te helpen. “Daar”, wijst de boswachter tussen de bomen door naar een hogerop gelegen grasveld. “Daar groeien bijzondere orchideeën, zoals de poppenorchis.” Dat veldje blijft alleen zo mooi als de boel niet dichtgroeit met struiken. Dus grazen er af en toe schapen, die het open karakter al snoepend behouden. “Het is nog geen twee hectare, maar zo blijft een bijzondere biotoop die je nergens anders vindt in Limburg aanwezig.” Ook door in en om het Savelsbos verbindingen te leggen zodat soorten zich kunnen uitbreiden, proberen de natuurbeheerders het beschermde Natura2000-gebied te ondersteunen.

Van Westreenen bekijkt een pluk  éénbloemig parelgras (Melica uniflora). Beeld Laurens Eggen
Van Westreenen bekijkt een pluk éénbloemig parelgras (Melica uniflora).Beeld Laurens Eggen

Milieuproblemen, ‘grote rakkers’, zorgen er volgens de boswachter voor dat het bos wel wat steun kan gebruiken, ondanks de voedingsrijke bodem met veel kalk en vochtaanvoer vanuit het riviergebied van de Maas. “De luchtkwaliteit is slecht”, begint Van Westreenen met het eerste milieuprobleem. Dat wijdt hij aan het ‘industriële achterland’ bij Luik. De vuile stoffen die fabrieken daar uitstoten, slaan neer en blijven hangen in het beekdal van het hellingbos. Hetzelfde geldt voor het water dat van bovenaf, vanuit de rivieren de heuvels afsijpelt. “Vanuit de industrieregio brengt het water vervuiling mee.”

Ook het klimaatprobleem, met de hogere temperaturen als gevolg, eist zijn tol. Droog is het niet in het rivierdal, wel verstikkend. Het laatste heikele punt is stikstof. Het probleem daarmee is in het Savelsbos, net als elders in Nederland, dat bepaalde planten door intense neerslag van stikstof gaan woekeren en kwetsbare bloemen verdrukken. “Stikstof is smullen voor plantjes”, zegt Van Westreenen met Limburgse tongval. “Maar sommigen zijn fastfood-klanten die alles opeten. Dat gaat ten koste van de fijnproevers”, zegt hij. Hij wijst naar een struik van de dauwbraam, die langs het wandelpad kruipt. “Dat is zo’n rotzakje.”

Dassenfamilies en unieke bosvlindersoorten

Het Savelsbos herbergt een boel bijzondere dieren. “Hieronder”, zegt de boswachter terwijl hij naar de punt van zijn wandelschoenen wijst, zit een oude kalksteengroeve. Daar zitten bijzondere vleermuissoorten. “Neem de hoefijzerneus. Die kun je hier vinden. En anders moet je ervoor afreizen naar Frankrijk.”

 Een ruig klokje (Campanula trachelium) groeit in het Savelsbos. Beeld Laurens Eggen
Een ruig klokje (Campanula trachelium) groeit in het Savelsbos.Beeld Laurens Eggen

Dat hier meerdere dassenfamilies wonen, is voor het Savelsbos zo normaal dat Van Westreenen het bijna vergeet te zeggen. Het vliegend hert is in het Savelsbos ook een stamgast. Uit de boomtoppen klinkt gekwetter. Wat vogels betreft zit hier van alles. Een roofvogels stijgt op uit de kruin van een boom. Allerlei unieke bosvlindersoorten zijn hier ook te vinden, weet Van Westreenen.

Ook bijzonder is de aanwezigheid van een kleine kolonie eikelmuizen. “Daar gaat het niet best mee”, zegt de boswachter. De eikelmuis is op zijn retour in het Savelsbos, dat als natuurgebied steeds meer als geïsoleerde cel in het landschap ligt, omringd door bebouwing. Ondanks pogingen van de Zoogdiervereniging om via slimme sensoren te ontdekken wat de eikelmuis (in België bekend als ‘het fruitdiefje’) overeind houdt, dreigt er een eind aan de aanwezigheid van de muis, net zoals dat bij de hamster ging.

De balans tussen ingrijpen en loslaten is delicaat in het natuurbeheer

“Er blijft genoeg pracht over”, vindt Van Westereenen. Staatsbosbeheer en andere natuurorganisaties spannen zich in voor behoud van de eikelmuis. Maar in maakbare natuur gelooft de boswachter niet. Dat ze bij dierentuin Gaia Zoo werken met een fokprogramma, bedoeld voor het uitzetten van eikelmuizen, daar heeft hij dubbele gevoelens bij. “Het is het proberen waard”, zegt hij dan. De balans tussen ingrijpen en loslaten is delicaat in het natuurbeheer. Het principe laisser-faire krijgt bij hem meestal de overhand, omdat hij vanwege alle geschiedkundige inzichten die hij opdeed uit wetenschappelijke publicaties, weet dat veranderlijkheid een gegeven is in de natuur. Zelf wil hij, eenmaal met pensioen, een bundel schrijven over het Savelsbos. Van de ijzertijd tot de middeleeuwen en de achttiende eeuw, Van Westreenen schotelt anderen graag zijn feitenkennis - “zoals de Britse bosonderzoeker George Petersen al zei” - over de historie van het landschap voor.

Een ‘grubbe’, een wandelgeul, aan de monding van het droogdal.  Beeld Laurens Eggen
Een ‘grubbe’, een wandelgeul, aan de monding van het droogdal.Beeld Laurens Eggen

“Hé, wil je nog wat marjolein hebben voor in het eten vanavond?”, roept de boswachter en wijst het kruidenplantje aan. Hij ziet elk detail. Zijn vrouw verzucht weleens: ‘Freek, geniet nou van het landschap’. Maar de diversiteit van plantsoorten, allemaal in dit relatief kleine bos, fascineert hem. “Als ik terugkom van vakantie, of uit de Ardennen, denk ik altijd weer: wat is het hier mooi.” Om de tien meter staat Van Westreenen even stil. Steeds valt zijn oog op wéér een bijzondere bloem, die niet onbenoemd mag blijven. De grote veldbies, de bosklaverzuring, parelgras.

null Beeld

“Het is hier een schatkamer”, zegt hij terwijl hij vanaf een hoge brug de drooggevallen geulen inspecteert. “De Maas voert continu kiezels aan, vandaar dat hier een dik grindpakket ligt. Het water kan hier van de paden omlaag gutsen.”

De boswachter daalt de heuvel af en tuurt links over een wijngaard. “Hoe zal het er hier over een paar honderd jaar uitzien?” Daar valt eigenlijk weinig zinnigs over te zeggen, stelt hij tevreden vast. De onvoorspelbaarheid bevalt hem wel. “We moeten het meest kwetsbare in de natuur beschermen. Maar alles behouden is een illusie.”

Lees ook:

Op de Hondsrug is het feest voor de bloemetjes en de bijtjes

Bermen en akkerranden als groene infrastructuur tussen natuursnippers, zo wordt de biodiversiteit rondom de Hondsrug bij Haren geholpen. Het liefst met inheemse vegetatie, want dat is het beste voor wilde bijen en andere insecten.

Het water hielden ze niet tegen, maar voor de natuur werden deze Zeeuwse muurtjes alsnog waardevol

Het water tegenhouden, daarin faalden de Zeeuwse muraltmuurtjes. Nu blijken ze toch waardevol, als hotspot voor mos en korstmos. “Voor kleine insecten is dit een geweldig bos.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden