Column

Het kan niet, te ambitieus, te duur: zo vergaat het vele groene plannen

Esther Bijlo. Beeld Jorgen Caris

De 78-jarige Trudie komt de deur van haar sociale huurwoning uit en stapt op de door de gemeente betaalde scootmobiel. Ze maakt een ritje door de stad naar haar vriendin. Heel relaxed: er is weinig lawaai van het verkeer, het fietspad is breed, de lucht behoorlijk schoon. Dit zou kunnen gebeuren, in 2030. Als het Amsterdam lukt het onlangs gelanceerde Actieplan Schone Lucht uit te voeren.

Dat plan – vanaf 2030 geen vervoer meer op benzine of diesel in de stad – riep nogal heftige reacties op. Het zou ‘bizar’ zijn, een stad kunnen opleveren met ‘milieupaupers’ aan de ene kant en een ‘groene elite’ aan de andere zijde en het ‘draagvlak’ onder duurzaam beleid onderuit halen. De Trudies van Amsterdam, toch niet bepaald elitair te noemen, figureerden niet in de commentaren.

Zo vergaat het vele groene plannen. Het kan niet, het is te ambitieus, Nederland moet niet voor de muziek uitlopen, het is te duur, alleen de rijken profiteren. De eerste geruststelling: Nederland loopt op weinig duurzame gebieden voorop, dus dat bezwaar kan de kast in. Parijs, Athene en Mexico willen van hun vieze auto’s af, Oslo ziet het liefst zo min mogelijk auto’s in het centrum, Madrid kwam dit najaar met vergaande maatregelen voor een uitstootvrij centrum.

Ambitieus

De belangrijkste motivatie van de steden is de luchtvervuiling, niet de CO2-uitstoot, hoewel dat een mooie bijvangst is. In de binnensteden is de lucht te smerig, normen worden overschreden, teveel fijn stof en stikstofdioxide vormen aantoonbare risico’s voor de gezondheid. Of Amsterdam te ambitieus is, meestal ‘onrealistisch’ genoemd, zal moeten blijken. Elf jaar is kort, maar wie geen concrete doelen en jaartallen noemt, blijft hangen in vrijblijvendheid. 2030 is daarnaast een streven, geen wet, ‘een stip op de horizon’ zoals in het plan staat.

Natuurlijk is er ook een verdelingsvraagstuk. Wie gaat of moet eerst en wie kost het veel geld? Een belangrijke vraag, maar discussie hierover verzandt snel in karikaturen. Net als er morgen geen ambtenaar voor de deur staat om de gaskraan dicht te draaien, de cv-ketel in te nemen, en de huisbewoner verder aan zijn lot over te laten, is er overmorgen geen klerk te verwachten die de dieselauto naar de sloop brengt.

Amsterdam kiest ervoor om eerst het eigen, gemeentelijke, vervoer uitstootvrij te maken, dan het commerciële transport en daarna zijn de particulieren aan de beurt. Ondernemers, bewoners en bezoekers worden niet in het diepe gegooid. Er komen bijvoorbeeld subsidies, premies en parkeerontheffingen voor Amsterdammers die de benzine- of dieselauto de deur uit doen of vervangen voor een elektrische wagen. Mensen die een e-auto willen delen maar niet in hetzelfde stadsdeel wonen, kunnen wellicht twee parkeervergunningen krijgen.

Douceurtje

Een voorwaarde om 2030 te halen is dat er een volwassen, lees betaalbare, tweedehands markt voor elektrische auto’s is, stelt het Actieplan. Is die er nog niet, dan gaat de gemeente dus niet verordonneren dat er geen fossiele wagen meer de stad in komt. Het ontstaan van zo’n vervangingsmarkt is een kip-eiprobleem. Zonder sterke prikkels van buiten, zoals veel hogere fossiele brandstofprijzen, een plaatselijk autoverbod en tijdelijke subsidies voor die verguisde groene elite, komt de overgang niet van de grond. Voor dat laatste douceurtje zal Trudie vast begrip hebben.

Redacteur Duurzaamheid & Natuur Esther Bijlo schrijft afwisselend met ecoloog Patrick Jansen een column.

Lees ook:

Rijdt u in een benzine- of dieselauto? In Amsterdam is uw wagen in 2030 waarschijnlijk niet meer welkom

Amsterdam gaat stapsgewijs over op elektrisch vervoer. Vanaf 2030 is in de hele stad schoon vervoer verplicht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden