JELLE'S WEEKDIER

Het is geen dode potvis die in ontbindende staat in de takels hangt, het is de rotte maatschappij

De potvis met plastic in Sardinië. Beeld AP

De dood is een wezenskenmerk van de natuur. Alles gaat een keer dood. U, ik, de fruitvlieg die in het wijnglas verdrinkt, de egel onder de autoband, de oude olifant die op en versleten is en voor de laatste keer door zijn poten zakt. 

De potvis die eerder deze week in een Italiaanse hijskraan hing, had ook het tijdelijke voor het eeuwige ingeruild. Op zich is daar niets bijzonders aan, want alle potvissen gaan een keer dood, de meeste ongemerkt, ver weg op de oceaan, zonder dat Lenie ’t Hart het in de gaten heeft. Dan zinken ze naar donkere diepten om daar met ijverige hulp van haaien, garnalen en wormen jaren bezig te zijn met hun ontbinding. Het is niet vreemd dat een potvis sterft.

De potvis was op de kust van Sardinië aangespoeld, het was een vrouwtje, met een dode foetus in haar inwendige. Eigenlijk dus twee dode potvissen. Maar ook een dode zwangere potvis is niet vreemd want de natuur is wreed. Het is wel vreemd hoe de dood in dit speciale geval werd bewerkstelligd. Het bleek dat de potvis maar liefst 22 kilo plastic in de maag had zitten. Ik spel het even: tweeëntwintig kilogram plastic! Het WNF meldde dat er onder meer plastic borden, boodschappentassen en vislijnen in de maag zaten.

Stel je eens voor, een berg plastic afval van 22 kilo; enige simpele timmermanslogica doet mij vermoeden dat een standaard vuilniszak gevuld met plastic borden, tasjes en wat draad zo’n drie, vier kilo zal wegen. Dan had die leviathan dus grofweg zes of zeven vuilniszakken vol zooi in haar maag.

Potvissen eten van nature inktvissen. Een inktvis is een zich loom voortbewegend rubberachtig voorwerp dat voor een potvis amper te onderscheiden is van een plastic tas die langzaam met de stroming meegolft. Potvissen plegen niet te happen, te keuren, te kauwen. Een potvis slurpt. Een inktvis wordt gepakt en voordat het arme weekdier het zich realiseert, wordt hij doorgeslikt. Hetzelfde lot ondergaat een plastic tas, een knoedel vislijn, een plastic bord. Voor de potvis, die toch al niet over een hoogontwikkeld gezichtsvermogen beschikt, is het allemaal één pot nat. In de loop van vele miljoenen jaren heeft de evolutie gezorgd voor een perfecte inktvissenslurper, zonder rekening te houden met de introductie van humaan afval in het leefmilieu. Plastic afval is een drama. U kent vast de filmpjes van traag stromende rivieren van plastic in Indonesië – alles stroomt rechtstreeks de zee in. In de Middellandse zee bestaat 95 procent van het afval uit plastic (bron: WNF).

Het is geen dode potvis die in ontbindende staat in de takels hangt, het is de rotte maatschappij. En net zomin als de arme potvis zich realiseerde wat haar overkwam, lijken wij dat zelf voldoende in de gaten te hebben. Gelukkig is héél langzaam een kentering merkbaar. Gratis plastic tasjes zijn in sommige landen afgeschaft, het oplaten van ballonnen wordt tergend langzaam verboden, plastic bordjes en bestek vanaf 2021. Statiegeld wil maar niet lukken. Het moet meer en sneller.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt. Lees hier eerdere afleveringen van Jelle’s Weekdier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden